cross

Par. 2.6: Alexander de Grote en het hellenisme

Begintaak
Leg in je eigen woorden uit: wat is het hellenisme?
5 minuten
Zelfstandig en in stilte
Weet je het niet? Zoek op blz. 46
Eerder klaar? Lees par. 2.5
timer
5:00
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Begintaak
Leg in je eigen woorden uit: wat is het hellenisme?
5 minuten
Zelfstandig en in stilte
Weet je het niet? Zoek op blz. 46
Eerder klaar? Lees par. 2.5
timer
5:00

Slide 1 - Tekstslide

Planning
18/10: Par. 2.2: De Griekse stadstaten en hun koloniën
Herfstvakantie
28/10: Geen les i.v.m. studiedag.
01/11:  Par. 2.3 Democratie en andere vormen van bestuur
04/11: Par. 2.4: Van Mythe naar wetenschap
08/11: Par. 2.4 + Par. 2.5 Oorlogen om vrijheid en macht
11/11: SO par. 2.1 t/m 2.3 + Par. 2.5 Oorlogen om vrijheid en macht
15/11: Par. 2.6 Alaxander de Grote en het hellenisme
18/11: Par. 2.5 Oorlogen om vrijheid en macht (extra uitleg)
22/11: Herhalingsles
25/11: Repetitie

Slide 2 - Tekstslide

Vandaag:
1. Huiswerk nakijken
2. Uitleg par. 2.6
3. Filmpje
4. Afsluiten

Slide 3 - Tekstslide

Doelen
  • Waardoor verspreidde de Griekse cultuur zich in de tijd van het hellenisme?

Slide 4 - Tekstslide

Huiswerk nakijken: opdrachten 68, 72, 73, 75 en 78 in je werkboek (PAR. 2.5) 

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

 Par. 2.6: Alexander de Grote en het hellenisme
Door de vele ruzies tussen griekse STADSTATEN zorgde ervoor dat ze zwaak werden.
Filippus II, koning van Macedonië maakte daar gebruik van:
  • Grieken moesten hem als koning te accepteren (geweld).
  •  Maakte van alle stadstaten ÉÉN RIJK! (op Sparta na)
  • Wilde het Perzische Rijk aanvallen. Zijn redenen:
                               - Zijn rijk uitbreiden
                               - Wraak op het Perzische Oorlog
                              MAAR... werd vermoord.

Slide 7 - Tekstslide

Alexander de Grote (1)
  • Zoon van Filippus II. 
  • Voerde de plannen van zijn vader: viel het Perzische Rijk binnen. 
  • Veroverd gebieden tot de huidige Pakistan! 


Slide 8 - Tekstslide

 Alexander de Grote (2)
  • Stichtte heel veel "Alexandria". 
  • Zag zichzelf als de zoon van Zeus. 
  • Was "ononverwinnelijk". 
Maar...India was het begint van zijn einde...Waarom?
- Soldaten wilden niet meer voor hem vechten.
- Raakte gewoon in de strijd.
- Moeilijke terugtocht: duizenden soldaten sterven in de woestijn.


Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

 Alexander de Grote gaat dood...
  • Generaals die voor hem hadden gevochten willen allemaal een eigen koninkrijk. 
  • Alexander's Rijk wordt verdeeld in drie:
1. Egypte
2. Azië
3. Griekeland en Macedonië. 
Later veroverd door de Romeinen!


Slide 11 - Tekstslide

Hellenisme
  • Het overnemen van de Griekse cultuur door andere volken. 
  • Verovering van Alexander = Griekse cultuur raakt in een groot deel van de wreld bekend.
  • Overwonnen volken namen de Griekse kunst, filosofie en wetenschap over. 
  • Stichting van steden (Alexandria) om eenheid te creëren. 
  • Vooral na de dood van Alexander.

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Video

Afsluiten
Waardoor verspreidde de Griekse cultuur zich in de tijd van het hellenisme?

Slide 14 - Tekstslide

Alexander de Grote

Slide 15 - Woordweb

Welk bestuur had de stad Athene uiteindelijk?
A
Keizer
B
Democratie
C
Adel
D
Koning

Slide 16 - Quizvraag

Wat betekent democratie?
A
Een koning regeert
B
Het volk regeert
C
Een tiran regeert
D
Een kleine groep rijken regeert

Slide 17 - Quizvraag

I. Athene lag in Griekenland, Sparta niet.
II. Athene was een stadstaat, Sparta niet.
A
stelling I is juist, stelling II is onjuist.
B
stelling I is onjuist, stelling II is juist.
C
Stelling I en II zijn allebei juist
D
Stelling I en II zijn allebei onjuist

Slide 18 - Quizvraag

Wie mochten meebeslissen in de Atheense democratie?

A
slaven
B
vreemdelingen
C
vrouwen
D
mannen

Slide 19 - Quizvraag

In Athene kreeg je burgerrecht als...
A
Je in Athene geboren was
B
Je vader in Athene geboren was
C
Je beide ouders in Athene geboren waren
D
Je moeder in Athene geboren was

Slide 20 - Quizvraag

De naam van de persoon die het meest genoemd werd tijdens het schervengericht.....
A
Moest voor tien jaar in de gevangenis
B
Werd meteen vermoord
C
Werd voor tien jaar verbannen uit Athene
D
Mocht nooit meer in Athene komen

Slide 21 - Quizvraag