cross

H3.1 Hoe kom je aan werk? (deel 1)

Deze les:
  • leer je hoe je aan een baan kunt komen
  • leer je wat de arbeidsmarkt is
  • Leer je waarom scholing nodig is
  • leer je een cirkeldiagram tekenen
3.1 Hoe kom je aan werk? (deel 1)
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolmavoLeerjaar 2

In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Deze les:
  • leer je hoe je aan een baan kunt komen
  • leer je wat de arbeidsmarkt is
  • Leer je waarom scholing nodig is
  • leer je een cirkeldiagram tekenen
3.1 Hoe kom je aan werk? (deel 1)

Slide 1 - Tekstslide

3.1 Hoe kom je aan werk? (deel 1)
  • Als een bedrijf mensen zoekt om voor hen te komen werken, dan hebben zij een vacature
  • Vacature:
  • een baan waarvoor iemand wordt gezocht

Slide 2 - Tekstslide

3.1 Hoe kom je aan werk? (deel 1)
  • Als (andere) baan zoekt kun je solliciteren.

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Video

  • Bedrijven 
  • (die medewerkers hebben en/of zoeken)
3.1 Hoe kom je aan werk? (deel 1)
  • Mensen 
  • (die werken of op zoek zijn naar werk)
  • de arbeidsmarkt

Slide 5 - Tekstslide

3.1 Hoe kom je aan werk? (deel 1)
  • Ongeschoold werk
  • werk waar je geen opleiding voor nodig hebt
  • Scholing
  • beroepsopleiding of cursus waarin je leert voor een baan
  • Geschoold werk
  • werk waarvoor je een beroepsopleiding of cursus nodig hebt.

Slide 6 - Tekstslide

3.1 Hoe kom je aan werk? (deel 1)
Cirkeldiagram

Extra uitleg!
Uitleg via RekenTube
35%
25%
20%
12%
8%
In Lisse zijn 4500 mensen lid van een sportvereniging. Bereken hoeveel leden de tennis vereniging heeft.

Voetbal
Athletiek
Tennis
Hockey
Overig

Slide 7 - Tekstslide

Een baan waar een bedrijf iemand voor zoekt.
A
Sollicitatie
B
Vacature
C
Vakbond
D
Arbeidsovereenkomst

Slide 8 - Quizvraag

'Solliciteren'
A
De beëindiging van een baan
B
Solderen op je werk
C
Een werknemer laten weten dat je een bepaalde baan wilt.

Slide 9 - Quizvraag

Is aardbeien plukken een voorbeeld van geschoold of ongeschoold werk?
A
Geschoold werk
B
Ongeschoold werk

Slide 10 - Quizvraag

Rachida is verpleegkundige
A
geschoold werk
B
ongeschoold werk
C
Kan beide

Slide 11 - Quizvraag

Aan het werk!!
Maken 
Blz. 94, 95 en 96
Opgaven 1 t/m 8
Rekenen blz. 133: 11 tm 15

Leren
 paragraaf 3.1 (blz. 121)

Slide 12 - Tekstslide