Waarom is het carnavalfeest lange tijd geleden ontstaan?
A
einde van winter vieren
B
de eerste sneeuw vieren
C
de eerste zwaluwen vieren
D
begin van de zomer vieren
Slide 4 - Quizvraag
Welke uitspraak hoort bij de traditie van carnaval?
A
Niet iedereen kan koning zijn
B
Enkel het gewone volk mag meedoen
C
Iedereen is 1 dag gelijk
D
Enkel de rijken mogen meedoen
Slide 5 - Quizvraag
Welke mogelijke betekenis heeft de naam carnaval?
A
carrus navalis (scheepswagen)
B
carma valora (carma is a bitch)
C
carena volare (vliegende slingers)
D
carnem levare (vaarwel vlees)
Slide 6 - Quizvraag
Carnaval werd bij de Christenen een feest.
Dit wordt gevierd op dag voor ...
A
de start van de vasten
B
Pasen
C
Kerstmis
D
Nieuwjaar
Slide 7 - Quizvraag
Nevenschikking en onderschikking
Slide 8 - Tekstslide
Is de zin enkelvoudig of samengesteld?
'Ik weet dat jij gespijbeld hebt.'
A
Enkelvoudige zin
B
Samengestelde zin
Slide 9 - Quizvraag
Is de zin enkelvoudig of samengesteld?
'Alle pennen in het paarse etui zijn leeg.'
A
Enkelvoudige zin
B
Samengestelde zin
Slide 10 - Quizvraag
Mijn moeder zei dat ik als baby altijd aan het lachen was.
A
Hoofdzin-hoofdzin
B
Hoofdzin-bijzin
C
Bijzin-bijzin
D
Bijzin-hoofdzin
Slide 11 - Quizvraag
Omdat ik goed leer, haal ik hoge cijfers.
A
Hoofdzin-hoofdzin
B
Hoofdzin-bijzin
C
Bijzin-bijzin
D
Bijzin-hoofdzin
Slide 12 - Quizvraag
Volgende les:
Samengestelde zinnen bestaan vaak uit twee zinnen, maar ze kunnen ook uit drie of meer zinnen bestaan.
Samengestelde zinnen
Slide 13 - Tekstslide
Volgende les:
Nevenschikking en onderschikking zijn begrippen die gebruikt worden om de relatie tussen delen van samengestelde zinnen te beschrijven.
Nevenschikking: de zinnen zijn gelijkwaardig
Onderschikking: de zinnen zijn niet gelijkwaardig
Nevenschikking en onderschikking
Slide 14 - Tekstslide
Volgende les:
Bij een nevenschikking(ns) bestaat de samengestelde zin uit (minstens) twee hoofdzinnen -> zin 1 {hz} + {hz} of uit een hoofdzin met twee bijzinnen -> zin 2 {hz + (bz) + (bz)}.
{Ikkoop geen cd's}, want {ikgebruik altijd mijn iPod}.
{Weetje al (of je vanavond meegaat naar de film) of (dat je liever thuisblijft)}?
Nevenschikking en onderschikking
Slide 15 - Tekstslide
Volgende les:
Bij een onderschikking (os) bestaat de samengestelde zin uit een hoofdzin met een bijzin erin. Bijzin kan vooraan staan (zin 1: {(bz) + hz} en achteraan in de zin -> zin 2 {hz + (bz)}.
{(Omdat ik altijd mijn iPod gebruik), koopik geen cd's}.
{ikkoop geen cd's, (omdat ik altijd mijn iPod gebruik)}.
Nevenschikking en onderschikking
Slide 16 - Tekstslide
Volgende les:
1. Sinds ze contactlenzen draagt, zietPetra er veel leuker uit.
{(bijzin) + hoofdzin} = onderschikkend (os)
Nevenschikking en onderschikking
Slide 17 - Tekstslide
Volgende les:
2. De businessclassis duur, maar jehebt er wel goede plaatsen.
{hoofdzin} + {hoofdzin} = nevenschikkend (ns)
Nevenschikking en onderschikking
Slide 18 - Tekstslide
Volgende les:
3. Wiltu de contactpersoon bellen, zodra u in Italië geland bent?
{hoofdzin + (bijzin)} = onderschikkend (os)
Nevenschikking en onderschikking
Slide 19 - Tekstslide
Hoe is de zin opgebouwd? 'Ik moest kloppen, want de bel doet het niet'
A
Hoofdzin - hoofdzin
B
Hoofdzin - bijzin
C
Bijzin - hoofdzin
D
Bijzin - bijzin
Slide 20 - Quizvraag
Is er sprake van nevenschikking of onderschikking? 'Ik moest kloppen, want de bel doet het niet'
A
Nevenschikking
B
Onderschikking
Slide 21 - Quizvraag
Hoe is de zin opgebouwd? 'Ik wil niet dat de vakantie naar Spanje niet doorgaat'
A
Hoofdzin - hoofdzin
B
Hoofdzin - bijzin
C
Bijzin - hoofdzin
D
Bijzin - bijzin
Slide 22 - Quizvraag
Is er sprake van nevenschikking of onderschikking? 'Ik wil niet dat de vakantie naar Spanje niet doorgaat'
Waarom heeft het Japanse energiebedrijf het luxe-appartement voor katten gebouwd?
A
Voor een tentoonstelling over zuinig omgaan met energie
B
Om reclame te maken voor kartonnen dozen
C
Omdat katten geen huizen hebben
D
Om het te verkopen aan kattenliefhebbers
Slide 26 - Quizvraag
Wat zit er allemaal in het kattenappartement?
A
Een zwembad en een keuken
B
Alleen een slaapmand en speelgoed
C
Vloerverwarming, krabpalen en een dakterras
D
Alleen kartonnen dozen zonder extra’s
Slide 27 - Quizvraag
Waarom laten veel mensen de verwarming aan?
A
Om uit te leggen waarom het energieverbruik hoog is
B
Om reclame te maken voor vloerverwarming
C
Om te laten zien dat katten snel koud hebben
D
Omdat dit verplicht is in Japan
Slide 28 - Quizvraag
Leg uit hoe het kattenappartement volgens de tekst bijdraagt aan zuiniger omgaan met energie.
Slide 29 - Open vraag
Waarom denk je dat het bedrijf gekozen heeft voor kartonnen dozen als bouwmateriaal? Gebruik informatie uit de tekst én je eigen inzicht.
Slide 30 - Open vraag
Denk je dat een opvallend project, zoals een luxe appartement voor katten, mensen echt aan het denken zet over energiegebruik? Geef minimaal één argument voor je mening.