LEESVAARDIGHEID 2

LEESVAARDIGHEID TOPWEEK
KLAS 2
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

LEESVAARDIGHEID TOPWEEK
KLAS 2

Slide 1 - Tekstslide

Wat moet je kennen voor de toets? 

Samenvatten
Zins- en alineaverbanden (8)
Reclame en verslag
Verbindingsmanieren tussen alinea's

Slide 2 - Tekstslide

Wat is een kenmerk van een goede samenvatting?
A
Alle hoofdzaken staan erin.
B
Je zet de informatie om in je eigen woorden.
C
De tekst bestaat uit lopende zinnen.
D
Kernzinnen helpen je bij het samenvatten.

Slide 3 - Quizvraag

Welk signaalwoord past bij het tekstverband Voorbeeld?
A
als
B
verder
C
ook
D
enerzijds

Slide 4 - Quizvraag

Welk signaalwoord past bij het verband Tegenstelling?
A
als
B
dus
C
ook
D
maar

Slide 5 - Quizvraag

Welk signaalwoord past bij het verband Middel-doel?
A
waarmee
B
bovendien
C
daarentegen
D
niet alleen, maar ook

Slide 6 - Quizvraag

Welk signaalwoord past bij het tekstverband Opsomming?
A
anderzijds
B
daarnaast
C
daarmee
D
maar

Slide 7 - Quizvraag

Welk signaalwoord past bij het verband Oorzaak-gevolg?
A
maar
B
zoals
C
want
D
daardoor

Slide 8 - Quizvraag

Welk signaalwoord past bij het verband Overeenkomst-verschil?
A
hetzelfde
B
hierdoor
C
daarom
D
waardoor

Slide 9 - Quizvraag

Welk signaalwoord past bij het verband Vergelijking?
A
maar
B
zoals
C
in tegenstelling tot
D
daarom

Slide 10 - Quizvraag

Welk signaalwoord past bij het verband Reden?
A
hierdoor
B
zoals
C
net zo
D
omdat

Slide 11 - Quizvraag

Wat is het doel van een reclametekst?
A
de lezer aansporen
B
de lezer informeren
C
de lezer vermaken
D
de lezer overtuigen

Slide 12 - Quizvraag

Wat is een voorbeeld van sluikreclame?
A
Een inhaker van Bol.com op de relatiebreuk van Wes en Yolanthe
B
Een reclame in je Facebookoverzicht
C
Een bepaald merk frisdrank dat in beeld komt bij GTST
D
Een artikel in een tijdschrift over de voordelen van botox

Slide 13 - Quizvraag

Wat is een voorbeeld van een advertorial?
A
Een inhaker van Bol.com op de relatiebreuk van Wes en Yolanthe
B
Een reclame in je Facebookoverzicht
C
Een bepaald merk frisdrank dat in beeld komt bij GTST
D
Een artikel in een tijdschrift over de voordelen van botox

Slide 14 - Quizvraag

Wat is een voorbeeld van een zakelijk en objectief verslag?
A
Een sportverslag dat met eigen mening de wedstrijd verslaat
B
Een verslag van de schoolreis in de schoolkrant
C
Een reportage in de krant
D
De notulen van een vergadering

Slide 15 - Quizvraag

Bij de supermarkt kun je zegels sparen en bij elke volle spaarkaart sponsor je goede doelen met tien euro. Je kunt kiezen naar welk doel het gaat: het WNF of Unicef.

Wat voor soort reclame is dat?
A
Commerciële reclame
B
Geen van beiden
C
Ideële reclame
D
Allebei

Slide 16 - Quizvraag

Wat voor fragment is dit?

"David tegen Goliath. Zo voelde het aan toen Roda JC aan de wedstrijd tegen Ajax begon. Helaas wist de David in dit verhaal de grote reus niet te verslaan."
A
Objectief
B
Allebei
C
Subjectief
D
Geen van beiden

Slide 17 - Quizvraag

Wat is een verbindingsmanier tussen alinea's?
A
Gebruik van signaalwoorden
B
Overgangszinnen met een verwijzing
C
Herhaling
D
Aankondigende zinnen

Slide 18 - Quizvraag

De muziek van Michael Jackson wordt nu in de ban gedaan. Drake schrapt bijvoorbeeld de nummers van MJ uit zijn Europese optredens.

Welke verbindingsmanier zie je hier?
A
Herhaling
B
Signaalwoord
C
Overgangszin met verwijswoord
D
Aankondigende zin

Slide 19 - Quizvraag

De aanslagen in Nieuw-Zeeland kostten vijftig mensen het leven. Hiermee is het de bloedigste aanslag ooit in het land.

Welke verbindingsmanier staat hier?
A
Overgangszin met verwijswoord
B
Aankondigende zin
C
Herhaling
D
Signaalwoord

Slide 20 - Quizvraag

Vragen? 
Samenvatten
Zins- en alineaverbanden
Reclame en verslag
Verbindingsmanieren tussen alinea's

Slide 21 - Tekstslide