De situatie in Oekraïne bespreken in je klas

Door de huidige situatie in Oekraïne krijg je als docent vragen waarvan je wellicht in eerste instantie denkt: heb ik wel genoeg bagage om een dergelijk onderwerp te bespreken? Een legitieme vraag, waarvoor wij in dit artikel wat handvatten willen geven.

Ruimte voor emoties

Hoewel jij misschien geen geschiedenisdocent bent, ben je wel bij uitstek een pedagoog. Iemand die perfect aanvoelt wat jouw leerlingen nodig hebben. Deze kennis is, in tegenstelling tot historische context, niet aan te leren. Deze vaardigheden heb je. Dit maakt wie jij bent als docent.

Op welke wijze ga je een gesprek over een situatie als de huidige aan? Hoewel emotie voor een discussie meestal een slechte gesprekspartner is, is het wel van belang om ruimte te geven voor emoties. Het is daarom verstandig om hiermee te beginnen. Veel van deze emoties zullen in hele algemene en impulsieve vragen worden geventileerd: "Komt er een Derde Wereldoorlog?". Of: "Komen de Russen hier ook?". Volstrekt begrijpelijk en daarvoor moet ruimte zijn. Kader het alleen wel, door te proberen leerlingen specifieker te laten zijn in hun vragen, en door de juiste tegenvragen te stellen: "Wat is volgens jou een wereldoorlog?". En: "Wie bedoel jij met DE Russen?". Zelfs zonder historische kennis kun jij op deze manier emotie omzetten in kritisch denken. Het maakt de discussie, het gesprek, daardoor neutraler en leerzamer.

Werkvormen om kritisch denken te bevorderen

Er is een aantal werkvormen dat jou kan ondersteunen een dergelijk gesprek te voeren, zonder zelf teveel voor de leerlingen in te vullen. Hoewel leerlingen ongetwijfeld ook jouw standpunten willen horen, zijn deze niet altijd nodig om leerlingen zelf tot een mening te laten komen die hen verder kan helpen om situaties te begrijpen en te kaderen. Dit geldt overigens ook voor jouw persoonlijke mening en referentiekaders. Met dat laatste bedoelen wij eventuele kaders m.b.t. de Koude Oorlog. Vanzelfsprekend dat je hieraan wilt refereren uit eigen ervaring, maar dit is voor leerlingen een niet-bestaande emotie. En wellicht onnodig om te zeggen: geschiedenis herhaalt zich niet. Er zijn situaties die vergelijkbaar zijn, maar daar blijft het bij.

Zien, denken, ik, wij

Zoals hierboven reeds aangegeven gaat het niet om jouw referentiekader, maar aan het bijdragen aan of creëren van eigen referentiekaders door de leerlingen. In deze werkvorm gaan de leerlingen eerst goed kijken naar de afbeelding: wat zien ze? De volgende stap is te bevragen wat ze denken te zien. De derde en vierde stap, ik en wij, vraagt aan hen op welke manier dit aan zichzelf en de wereld om hen heen relateert.

Deze werkvorm kun je hier bekijken en/of aanpassen.

What if?

Met deze werkvorm bedenken leerlingen (reacties op) mogelijke scenario's. Dit doen ze door de middelste afbeelding naar de verschillende kwadranten te slepen. Deze werkvorm leent zich uitermate goed voor een gesprek, zonder dat jij als docent hieraan veel input hoeft te geven. Ook 'iets doen' of 'niets doen' kun je door de leerlingen zelf laten bedenken, al kan enige hulp bij het invullen hiervan soms noodzakelijk zijn. Denk hierbij aan een het geven van een voorbeeld van 'iets doen'.

De les kun je hier bekijken en/of aanpassen.

Red light, yellow light, green light

Met deze werkvorm gaan leerlingen een krantenartikel, toespraak of post op sociale media beoordelen op generalisaties, eenzijdige argumenten, beweringen, overduidelijk eigen belang, extreme overtuigingen, onvoldoende kennis van zaken of een duidelijke mening. De leerlingen beoordelen de bronnen en geven aan of het ‘red light’, dus overduidelijk subjectief is, of dat er juiste sprake is van een neutrale bron, green light.

Spelregels en handreikingen

Zijn er spelregels voor het gebruiken van dergelijke werkvormen en het behandelen van dit soort onderwerpen? Een paar handreikingen:

Tip 1

Laat leerlingen duidelijke formuleringen gebruiken. Zoals al eerder aangegeven is 'DE Russen' inhoudelijk niet correct. Het is het Russische regime en/of het Russische leger.

Tip 2

Laat leerlingen alleen voor zichzelf, en niet namens een gehele groep spreken, bijvoorbeeld als iemand een Russische of Oekraïense achtergrond heeft. Dit soort 'spreekbuizen' zorgt voor ongebreidelde emoties in het gesprek.

Tip 3

Sta boven de stof, zowel inhoudelijk als emotioneel. Je hoeft echt niet alles te weten, maar een beetje voorbereiding helpt.

Tip 4

Stel goede open vragen, geen vragen waarin het antwoord, of jouw mening, al besloten zit.

Tip 5

Houd de leerlingen een spiegel voor. Laat hen ook kritisch naar zichzelf kijken. Als het aan de leerlingen ligt, zouden ze tijdens de Tweede Wereldoorlog namelijk allemaal in het verzet hebben gezeten.

Tip 6

Er is geen ruimte voor anonimiteit. Dit is ook niet nodig: er is geen goed of fout, of iets om je voor te schamen.

Tip 7

Laat leerlingen meningen met feiten en juiste bronnen onderbouwen.

Dit artikel beschrijft op welke wijze je de huidige situatie kunt bespreken. Het is zeker geen keurslijf. Uiteindelijk bepaal jij wat je prettig vindt en wat jouw leerlingen nodig hebben.

Geschreven door: 

Jan-Wolter Smit - Head of Education, LessonUp