Gids Nederlands
informatie voor lessen Nederlands

3 K3 Lezen: verbanden en signaalwoorden

GIDS NEDERLANDS
INFORMATIE VOOR LESSEN NEDERLANDS
1 / 36
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 3

This lesson contains 36 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

GIDS NEDERLANDS
INFORMATIE VOOR LESSEN NEDERLANDS

Slide 1 - Slide

DOEL


- je kunt met behulp van signaalwoorden opsommingen, tegenstellingen en voorbeelden in een tekst herkennen en begrijpen.

tekstverbanden en signaalwoorden

Slide 2 - Slide

Lees de tekst

Slide 3 - Slide

Wat is het onderwerp van de tekst?

Slide 4 - Open question


Waarom wilde Ibrahim graag stage lopen in het buurthuis? Geef drie redenen.

Slide 5 - Open question


Noteer uit alinea 2 drie signaalwoorden.

Slide 6 - Open question

Welke twee activiteiten voerde Ibrahim op zijn stage uit?

Slide 7 - Open question


Noteer een tegenstelling uit alinea 4.

Slide 8 - Open question

Doe oortjes in

en bekijk 

de volgende filmpjes!

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Video

Slide 11 - Video

Ingewikkeld

of niet?


Verbanden in teksten

Slide 12 - Slide

TEKSTVERBANDEN

Zorgen ervoor dat

woorden, zinnen en alinea's

met elkaar samenhangen.

Slide 13 - Slide

SIGNAALWOORDEN

Aan een

signaalwoord

zie je met

welk tekstverband

je te maken hebt.

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

VOORBEELD OPSOMMING

herken je aan signaalwoorden zoals:

  • ten eerste, ten tweede, ten slotte
  • om te beginnen
  • ook (nog)
  • verder
  • en
  • dubbele punt (:)
  • liggende streepje (-)
  • getallen (1, 2, 3)

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

 VOORBEELD TEGENSTELLING

herken je aan signaalwoorden zoals:

  • tegenover
  • maar
  • hoewel
  • echter
  • toch
  • aan de ene kant ... aan de andere kant



Slide 18 - Slide

Slide 19 - Slide

VOORBEELD TOELICHTING

herken je aan signaalwoorden zoals:

  • bijvoorbeeld
  • zo
  • zoals
  • denk aan
  • neem nou
  • onder andere


Slide 20 - Slide

Lees de tekst oriënterend

Slide 21 - Slide

Wat is het onderwerp van de tekst?

Slide 22 - Open question

Lees de tekst

Slide 23 - Slide

Welk verband volgt na de eerste zin van alinea 2?
A
voorbeeld
B
opsomming
C
tegenstelling

Slide 24 - Quiz

Met welke verschillende kanten van het beroep maak je kennis tijdens een snuffelstage?

Slide 25 - Open question

Wat leer je niet tijdens een snuffelstage?

Slide 26 - Open question

Welke twee verbanden staan in alinea 3?

Slide 27 - Open question

Wat leer je in een beroepsvoorbereidende stage?

Slide 28 - Open question

Wat is het doel van een plaatsingsstage?

Slide 29 - Open question

Waarom hebben sommige scholen ook interne stages?

Slide 30 - Open question

Wat is het verband tussen de eerste en de tweede zin van alinea 6?
A
voorbeeld
B
opsomming
C
tegenstelling

Slide 31 - Quiz

Wat is de hoofdgedachte van de tekst?
A
Als je stage loopt in het vmbo, moet je aan verschillende zaken denken.
B
Hoe een stage in de praktijk ingevuld wordt, verschilt per opleiding.
C
In het vmbo kun je verschillende soorten stages lopen.

Slide 32 - Quiz

GELEERD?


- je kunt met behulp van signaalwoorden opsommingen, tegenstellingen en voorbeelden in een tekst herkennen en begrijpen.

tekstverbanden en signaalwoorden

Slide 33 - Slide

Schrijf drie dingen
op die je deze les
hebt geleerd.

Slide 34 - Open question

Stel één vraag over iets dat je nog niet zo goed
hebt begrepen.

Slide 35 - Open question

GIDS NEDERLANDS
INFORMATIE VOOR LESSEN NEDERLANDS

Slide 36 - Slide