LessonUp Examentraining
Oefenexamens voor jouw leerlingen!

Oefenexamen VMBO - Bevolking & ruimte - NL, Duitsland, China

Oefenexamen VMBO — Aardrijkskunde (GT)

Bevolking & ruimte — NL, Duitsland, China — 10 vragen — ca. 20 punten


1 / 11
next
Slide 1: Slide
New lesson editorAardrijkskundeMiddelbare schoolvmbo, mavoLeerjaar 3,4

This lesson contains 11 slides, with interactive quizzes and text slide.

Report this lesson

Introduction

Deel dit oefenexamen met je leerlingen, zodat ze zich goed kunnen voorbereiden op hun examen. Delen van deze les gaat via de knop 'Delen'. Kies vervolgens voor 'Studenten (link)'. Hiermee hebben de leerlingen ook thuis de volledige interactie.

Items in this lesson

Oefenexamen VMBO — Aardrijkskunde (GT)

Bevolking & ruimte — NL, Duitsland, China — 10 vragen — ca. 20 punten


Vraag 1 (2p)

Bekijk de afbeelding van de Amsterdamse grachtengordel.
De bevolking van Nederland is na 1945 sterk gegroeid.
a) Leg uit het verschil tussen natuurlijke bevolkingsgroei en sociale bevolkingsgroei. (1p)
b) Noem twee gevolgen van vergrijzing voor de Nederlandse samenleving. (1p)

Vraag 2 (2p)

Migratie speelt een belangrijke rol in de bevolkingsontwikkeling.
a) Noem een pushfactor en een pullfactor voor migratie. (1p)
b) Waarom kwamen er vanaf de jaren '60 gastarbeiders naar Nederland? (1p)

Vraag 3 (2p)

Bekijk de afbeelding van de Amsterdamse grachtengordel.
De Randstad is het belangrijkste stedelijke gebied van Nederland.
a) Beschrijf de kenmerken van de Randstad. (1p)
b) Leg uit wat forensisme is en waarom het voorkomt. (1p)

Vraag 4 (2p)

In Nederland worden keuzes gemaakt over het gebruik van de ruimte.
a) Leg uit wat een bestemmingsplan is. (1p)
b) Noem drie functies waarvoor ruimte nodig is in Nederland. (1p)

Vraag 5 (2p)

Nederland en Duitsland hebben een verschillende bevolkingsspreiding.
a) Beschrijf het verschil in bevolkingsspreiding tussen Nederland en Duitsland. (1p)
b) Leg uit waarom Duitsland geen Randstad heeft maar meerdere grote steden verspreid over het land. (1p)

Vraag 6 (2p)

China heeft de grootste bevolking ter wereld.
a) Beschrijf de bevolkingsontwikkeling van China in de afgelopen decennia. (1p)
b) Leg uit wat het eenkindbeleid was en welk probleem het veroorzaakte. (1p)

Vraag 7 (2p)

Sinds 1980 is China zeer snel verstedelijkt.
a) Noem twee oorzaken van de snelle verstedelijking in China. (1p)
b) Noem twee gevolgen van de verstedelijking voor het dagelijks leven in Chinese steden. (1p)

Vraag 8 (2p)

Guangzhou en Shanghai zijn twee megasteden in China.
a) Leg uit wat een megastad is. (1p)
b) Noem een probleem dat samenhangt met de snelle groei van deze megasteden. (1p)

Vraag 9 (2p)

In China probeert de overheid de gevolgen van verstedelijking aan te pakken.
a) Noem twee maatregelen die de Chinese overheid neemt om de ruimtelijke kwaliteit in steden te verbeteren. (1p)
b) Leg uit wat braindrain is en welk gevolg dit heeft voor het Chinese platteland. (1p)

Vraag 10 (2p)

In Nederland zijn er groei- en krimpregio's.
a) Leg uit het verschil tussen een groeiregio en een krimpregio. (1p)
b) Noem een gevolg van bevolkingskrimp voor de leefbaarheid van een gebied. (1p)