ZMYP5- Periode_2-Cours_16 20260224

1 / 38
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

This lesson contains 38 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Startklaar
Enlevez votre manteau. 
Mettez votre téléphone portable dans votre sac à dos.
Écouteurs dans vos sacs à dos.
Posez vos sacs à dos par terre.
Mettez votre ordinateur portable fermé dans le sac à dos.
Mettez votre matériel scolaire sur la table.
timer
5:00

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Tijdens de les.../ Pendant le cours...

... vous êtes silencieux lorsque le professeur parle.
... vous êtes silencieux lorsqu'un camarade de classe parle.
... écoutez ce que le professeur dit et suivez les instructions.
... vous êtes amical à tout moment.
... vous participez activement.

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

S'il vous plaît,

Fermez votre ordinateur.
Close your laptop.
Sluit je computer af.

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Welkom bij LA French
Unit 2: Le monde numérique: moi en ligne
The digital world: me online
Learner Profile:
Communicator and Thinker
ATL (Action: Teaching and learning through inquiry):
Media Literacy/Creative Thinking Skills
Related concepts:
Audience, Purpose
Key concept:
Communication
Statement of Inquiry : Digital communication influences how we express identity and how others see us.
Global context:
Personal and Cultural Expression

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Programma
  • Objectifs d’apprentissage/ Learning objectives
  • Récapitulatif/ Terugblik opdracht
  • Instructions/ Instructions
  • Au travail/ Get to work
  • Réflexion et vérification des objectifs d'apprentissage/ Reflection and learning objectives check

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Overzicht periode 2
Semaine 9
Semaine 10
Semaine 11
Utilisation des réseaux sociaux: quelles différences selon les pays?

Use of Social Media: What Differences Across Countries?
Révision/

Content review

Examen/

Test

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Overzicht periode 2

Toets – writing en reading

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Leerdoelen
  • Je connais les risques des réseaux sociaux./ I know the risks of social media.
  • Je comprends un texte sur les réseaux sociaux./ I understand a text about social networks.
  • Je sais comparer les données des différents pays./ I can compare data from different countries.

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Terugblik opdracht
1- Les plateformes numériques sont des outils.
2- Les utilisateurs peuvent communiquer rapidement grâce à ces outils.
Utilisez les pronoms relatifs composés pour rassembler ces deux phrases.
Use compound relative pronouns to combine these two sentences.

Slide 10 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Terugblik opdracht
1- Les plateformes numériques sont des outils.
2- Les utilisateurs peuvent communiquer rapidement grâce à ces outils.
Les plateformes numériques sont des outils grâce auxquels les utilisateurs peuvent communiquer rapidement.

Slide 11 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Les pronoms relatifs composés
Pronoms relatifs auquel, à laquelle, auxquels, auxquelles
- auquel, à laquelle, auxquels, auxquelles
They result from the contraction of the preposition à and the compound relative pronouns lequel, lesquels, and lesquelles.
source: Les pronoms relatifs composés https://la-conjugaison.nouvelobs.com/fle/les-pronoms-relatifs-composes-79.php
source: Les pronoms relatifs composés https://la-conjugaison.nouvelobs.com/fle/les-pronoms-relatifs-composes-79.php. Adapté

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Les pronoms relatifs composés
Pronoms relatifs auquel, à laquelle, auxquels, auxquelles
Exemple :

Les documents auxquels (à + lesquels) je pense sont dans la salle des archives.

The documents to which (à + lesquels) I am thinking are in the archives room.
source: Les pronoms relatifs composés https://la-conjugaison.nouvelobs.com/fle/les-pronoms-relatifs-composes-79.php. Adapté

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Correction

Slide 14 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Correction

Slide 15 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Correction

Slide 16 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Correction

Slide 17 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Correction

Slide 18 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Correction

Slide 19 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Correction

Slide 20 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Correction

Slide 21 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Verbe CONNAÎTRE
to know/be familiar with
PRÉSENT
IMPARFAIT
je
connais
connaissais
tu
connais
connaissais
il / elle/ on
connaît
connaissait
nous
connaissons
connaissions
vous 
connaissez
connaissiez
ils / elles 
connaissent
connaissaient

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Aan de slag

Écrivez deux phrases avec le verbe "connaître". 

Slide 23 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Verbe CONNAÎTRE
to know/be familiar with
SUBJONCTIF
je
connaisse
tu
connaisses
il / elle/ on
connaisse
nous
connaissions
vous 
connaissiez
ils / elles 
connaissent

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Aan de slag

Écrivez une phrase avec le verbe "connaître" au subjonctif. 

Slide 25 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Visible Thinking Routine
Think   -   Pair   -   Share 
1- Que veut dire «addict»?
timer
0:15
timer
0:15
timer
3:00

Slide 26 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Aan de slag

2- Brainstorming collaboratif – en binômes, discutez les questions suivantes et écrivez 6 mots sur le tableau.
Collaborative brainstorming – In pairs, discuss the following questions and write six words on the board.

- Quels sont les dangers possibles des réseaux sociaux?
- Combien d’heures les adolescents passent-ils en ligne selon vous?

Slide 27 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Aan de slag

2- Brainstorming collaboratif – en binômes, discutez les questions suivantes et écrivez 6 mots sur le tableau.
Collaborative brainstorming – In pairs, discuss the following questions and write six words on the board.

- Quels sont les dangers possibles (potentials) des réseaux sociaux ?
- Combien d’heures les adolescents passent-ils en ligne selon vous ?/ How many hours do you think teenagers spend online?

Slide 28 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Je connais les risques des réseaux sociaux.
I know the risks of social media.
😒🙁😐🙂😃

Slide 29 - Poll

This item has no instructions

Aan de slag

3- Lisez le texte et répondez aux questions.

- Soulignez les mots difficiles.
- Expliquez les chiffres (numbers).


Slide 30 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Je comprends un texte sur les réseaux sociaux.
I understand a text about social networks.
😒🙁😐🙂😃

Slide 31 - Poll

This item has no instructions

Aan de slag

3.1 – Comparez la France et les Pays-Bas. 

Écrivez 2 phrases comparatives.


Slide 32 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Suggestions
Utiliser: plus que / moins que / autant que / le plus / le moins.

En France, il y a plus d’adolescents addicts qu’aux Pays-Bas.
Les Pays-Bas ont le taux le plus bas.

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Je sais comparer les données des différents pays.
I can compare data from different countries.
😒🙁😐🙂😃

Slide 34 - Poll

This item has no instructions

Aan de slag

4- Mini-débat. “Faut-il limiter l’usage des réseaux sociaux chez les adolescents?”.
En binômes élaborez:



Slide 35 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Je sais argumenter sur l'usage des réseaux sociaux.
I can argue about the use of social media.
😒🙁😐🙂😃

Slide 36 - Poll

This item has no instructions

Reflectie
  • Je connais les risques des réseaux sociaux./ I know the risks of social media.
  • Je comprends un texte sur les réseaux sociaux./ I understand a text about social networks.
  • Je sais comparer les données des différents pays./ I can compare data from different countries.

Slide 37 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende Unit. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag op basis van het Learner Profile en de ATL-skills. Dit wordt vastgelegd in Toddle. Samen blikken docent en leerlingen vooruit aan de hand van de JdW-planner.

Slide 38 - Slide

This item has no instructions