BS 6: Planteneters, vleeseters en alleseters MAX

BS 6: Planteneters, vleeseters en alleseters


Th4: Voeding en vertering

1 / 11
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

This lesson contains 11 slides, with text slides and 1 video.

Items in this lesson

BS 6: Planteneters, vleeseters en alleseters


Th4: Voeding en vertering

Slide 1 - Slide

Leerdoelen
* Je kunt de delen van tanden en kiezen noemen met hun 
   kenmerken.
* Je kunt bij zoogdieren het verband aangeven tussen de 
   voedselkeuze, de lengte van het darmkanaal en de kenmerken
   en functies van tanden en kiezen.
* Je kunt omschrijven wat tandplak is en wat tanderosie is.

Slide 2 - Slide

Bouw van het gebit
Tanden en kiezen zitten met één of meer wortels vast in de 
kaak. Het deel dat boven de kaak uitsteekt noemen we de kroon.
Het grootste gedeelte bestaat 
uit zacht tandbeen. Het tandbeen van de kroon is bedekt met hard glazuur.


Slide 3 - Slide

Het tandbeen van de wortels is bedekt met een laagje cement.
In het tandbeen zit de tandholte, daarin liggen bloedvaten en zenuwen.
Om de wortels zit het wortelvlies, waarmee de tanden en kiezen vastzitten in het kaakbeen. Het kaakbeen is bedenkt met tandvlees.

Slide 4 - Slide

Planteneter (Herbivoren)
Planteneters eten alleen plantaardig voedsel. 
Het Darmkanaal is in verhouding tot de lichaamslengte lang, omdat plantaardig voedsel moeilijk te verteren is.
De buik van planteneters is daarom dik. 

Planteneters hebben plooikiezen  met harde richels voor het fijnmalen plantaardig voedsel.

Ze hebben meestal geen hoektanden

Slide 5 - Slide

Vleeseters (Carnivoren)
Vleeseters  eten alleen dierlijk voedsel. Ze hebben een vrij kort darmkanaal  in verhouding tot de lichaamslengte, omdat vlees gemakkelijk te verteren is. 

Vleeseters hebben knipkiezen. Dit zijn scherpe, puntige kiezen waarmee ze vlees in kleine stukjes 'knippen'. 

Ook hebben ze grote, spitse, scherpe hoektanden.

Slide 6 - Slide

Alleseters (Omnivoren)
Alleseters eten zowel dierlijk als plantaardig voedsel. Het darmkanaal in  in verhouding tot de lichaamslengte middellang.

Alleseters hebben knobbelkiezen, dit zijn kiezen met een knobbelig oppervlak om voedsel fijn te malen. 

Alleseters hebben altijd hoektanden, bij sommige dieren zijn deze erg groot en spits.

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide

Verzorging van het gebit
Door eten, speeksel en bacteriën ontstaat er een dun laagje op tanden en kiezen: Tandplak. Tandplak kan zorgen voor tandbederf

  • Bacteriën zetten suikers om in zuren
  • Zuur lost glazuur op --> gaatjes --> tanderosie
  • bacteriën kunnen tandvleesontsteking veroorzaken
  • tandplak kan tandsteen worden --> verwijderen door tandarts

Slide 9 - Slide

Om tandbederf tegen te gaan, moet je elke dag je tanden en kiezen 2 x goed poetsen, je verwijdert dan het tandplak.
Verder zorgt fluoride in tandpasta ervoor dat het glazuur sterker wordt.

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Video