Les 5 - H 6: Kengetallen en voorraad

Les 5 - H6 Kengetallen en voorraad
1 / 19
next
Slide 1: Slide
LogistiekMBOStudiejaar 2

This lesson contains 19 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Les 5 - H6 Kengetallen en voorraad

Slide 1 - Slide

Agenda
Gezamenlijk oefensommen maken H6: Kengetallen en voorraad (start op Blz. 47)
Daarna zelfstandig

Slide 2 - Slide

Een schrobmachine kost € 2.440,00. De economische levensduur is zeven
jaar. De restwaarde is € 200,00. Bereken het jaarlijkse
afschrijvingsbedrag, uitgaande van een vast percentage van de aanschafwaarde.

Slide 3 - Open question

Vullingsgraad
• De ruimte die wordt ingenomen door artikelen in een vak, stelling, doos of vrachtwagen 

1) Er staan 22 europallets in een stelling die een maximale capaciteit heeft van 60 europallets Wat is de vullingsgraad ?

Slide 4 - Slide

Vullingsgraad: Antwoord
22/60 *100 % = 36,67 %

Slide 5 - Slide

Vullingsgraad 2
2) Een magazijn met stellingen waar bij 100% vulling 32 pallets in kunnen is voor 87,5% gevuld. Hoeveel pallets staan er gemiddeld dan per stelling?

Slide 6 - Slide

Antwoord vullingsgraad 2:
32/100*87,5 = 28 pallets per stelling

of

32*0.875 = 28 pallets per stelling

Slide 7 - Slide

Benuttingsgraad
Er rijden momenteel 20 van de 30 aanwezige reachtrucks. Wat is de benuttingsgraad?

Slide 8 - Slide

Benuttingsgraad: Antwoord
20/30 x 100 % = 66,67 %

Slide 9 - Slide

Benuttingsgraad
In een magazijn kunnen maximaal 32 reachtrucks rijden. 63 % van de reachtrucks zijn benut . Hoeveel heftrucks rijden er ?

Slide 10 - Slide

Benuttingsgraad: Antwoord
32/100 x 63 = 20

Slide 11 - Slide

Gemiddelde voorraad
  1. (Beginvoorraad + Eindvoorraad)/2
  2. Jaarvoorraad / 2
  3. (1/2 beginvoorraad + alle tussenvoorraden + 1/2 eindvoorraad) / aantal tellingen -1
  4. 1/2 * seriegrootte + veiligheidsvoorraad

Slide 12 - Slide

Opdracht 2 (Blz. 48) 
Bereken de gemiddelde voorraad uit 3 voorraden en vul het schema aan.


Slide 13 - Slide

Opdracht 2 (Blz. 48) 

Slide 14 - Slide

Opdracht 6 (Blz. 51)
Bereken de omzetsnelheid op basis van de inkoopwaarde van de omzet. Rond steeds af op één decimaal.

Slide 15 - Slide

Opdracht 6 (Blz. 51): 
Omzet / gem vrrd = omzetsnelheid

Slide 16 - Slide

Opdracht 9 (Blz. 53)
Bereken de omzetduur in weken. Rond steeds af op één decimaal.

Slide 17 - Slide

Opdracht 9 (Blz. 53): 
Weken in jaar / omzetsnelheid = omzetduur in weken

Slide 18 - Slide

Zelfstandig maken
Opdracht: 12, 13, 14 , 15
Blz. 54

Slide 19 - Slide