Thema 5 vervoer - H6 spreken

Thema 5 - vervoer
Hoofdstuk 6 - spreken
1 / 11
next
Slide 1: Slide
NederlandsVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 2

This lesson contains 11 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Report this lesson

Items in this lesson

Thema 5 - vervoer
Hoofdstuk 6 - spreken

Slide 1 - Slide

Even herhalen! Welke onderdelen moet je vaak invullen op een formulier?

Slide 2 - Mind map

Doelen van de les
- Ik begrijp wat meningen en argumenten zijn.

- Ik kan mijn mening geven. 

- Ik kan met argumenten uitleggen waarom ik een mening heb. 

Slide 3 - Slide


- Mening: Wat iemand ergens van vindt/ wat iemand ergens van denkt.

-Argument: Je legt uit waarom je een mening hebt.
Je onderbouwt je mening met argumenten. 

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Video

ARGUMENT

- Een argument is een uitleg waarmee je een mening verdedigt.

- Je herkent een agument aan signaalwoorden als:

want, namelijk, omdat



Voorbeeld van een argument:

Ik vind het goed dat jongeren kleedgeld krijgen (mening), want dan leren zij met geld omgaan (argument).

Slide 6 - Slide

Staat hier een feit, mening of argument?

Nederlands is het leukste vak op school.
A
Mening
B
Argument

Slide 7 - Quiz

Staat hier een feit, mening of argument?

Ik vind 'The Cell' een spannende film.
A
Mening
B
Argument

Slide 8 - Quiz

Spreekregels
Als je spreekt, bijvoorbeeld om je mening te geven, is het belangrijk om je aan de spreekregels te houden.

Spreekregels:
- ga rechtop zitten of staan
- kijk de mensen aan tegen wie je spreekt
- spreek rustig en duidelijk 

Slide 9 - Slide

TIPS voor het oefenen met spreken


- oefen het spreken in je hoofd
- oefen het gesprek voor de spiegel
- film jezelf en kijk het terug
- vraag iemand die je goed kent om naar je te kijken en te luisteren

Slide 10 - Slide

Aan de slag! 
Start op bladzijde: 73
Maak opdracht: 1, 2 en 3


Klaar? Studiemeter - Starttaal online - Starttaal Vooraf - 
Thema 5 - Hoofdstuk 6 spreken - alle oefeningen.

Slide 11 - Slide