Wat heb je onthouden uit de tekst C2?
Wat heb je onthouden uit de tekst C2?
Welke vragen heb je na het lezen van het de tekst C2?
De (tweede) industriële revolutie
Hoe kwam ze tot stand?
welke gevolgen had de revolutie?
Wat voorafging...
Agrarische revolutie (ca. 1650-1850)
nieuwe productiemethoden
veranderde verhoudingen grondbezit
opkomst van huisnijverheid
Agrarische revolutie
verandering productiewijze
vierslagstelsel
geen braak meer
nieuwe gewassen
18e + 19e eeuw
-->bv opkomst aardappel
verbetering werktuigen (opkomst metaal)
selectie zaaizaad,...,
Agrarische revolutie
Veranderende verhouding grondbezit.
schaalvergroting bv 'enclosures' in Engeland
pacht (stukje grond huren)
werken als arbeider op land grootgrondbezitter
Agrarische revolutie gevolg:
Sterke stijging agrarische productie
hogere productiviteit /persoon.
opkomst huisnijverheid (meer tijd over)
stijging vraag consumptiegoederen
aanzet ontstaan moderne ijzerindustrie
sterke bevolkingsgroei
meer en beter voedsel +vetbeterde hygiëne
concentratie kapitaal bij grootgrondbezitters --> investeren in nijverheden
verspreiding handelskapitalisme (putting-out systeem)
Op welke manier creëerde de agrarische revolutie de mogelijkheid tot de industriële revolutie?
Selecteer een woord om je eerste invulwoord te maken
De eerste industriële revolutie (ca. 1750-1815)
Start in Engeland
vernieuwing industrie en opkomst moderne markt
bv opkomst fabriekssysteem en machines
onpersoonlijke kapitalistische werkwijze
snelle verstedelijking (arbeiders wonen in buurt fabriek)
3 sectoren essentieel
steenkoolontginning
ijzerindustrie
katoenindustrie
De eerste industriële revolutie: steenkool
vanaf 2e helft 16e eeuw houtschaarste --> opkomst steenkool als brandstof
moesten steeds dieper boren --> vuurpomp Thomas Newcomen
James Watt verbetert stoommachine -->machine die machines aandrijft
De eerste industriële revolutie: ijzer
steenkool niet geschikt voor hoogovens (codes procédé)
steenkool zuiveren om broosheid ijzer tegen te gaan
nood aan grotere en sterkere ovens met
blaasgalg
gevolg: beter gietijzer
aanleg spoorwegen, beter transport,...,
smederij: puddle en walsprocédé.
De eerste industriële revolutie: katoen
Ontstaan van machines die meerdere draden spinnen
schietspoel
Spinning Jenny (spierkracht)
waterframe (waterkracht/paardenkracht)
spinning mule
De aanleiding voor tweede industriële revolutie
crisis in Europa
landbouw: (goedkoop graan Amerika) + misoogsten
ijzer: buitenlandse concurrentie + saturatie (spoorwegen waren er intussen)
gevolg: deflatie (werklozen, lagere productie,..., daling lonen)
opkomst protectionisme (beschermen eigen markt tegen buitenlandse markten.)
De tweede industriële revolutie (ca.1871-1918): Nood aan vernieuwing
stoomkracht zeer inefficiënt, vervuilend,..., uitputting voorraad steenkool -->energiecrisis
zoeken nieuwe energiebronnen
elektriciteit
olie
ijzer niet bestand tegen druk en spanning transport
ontwikkelen van staal
De tweede industriële revolutie wetenschappelijke vooruitgang:
uitvinding van verbrandingsmotor (1883 benzinemotor)
productie staal
scheikundige nijverheid:
sodaproductie zonder zwavelzuur
synthetische verfstoffen
sleep de sectoren naar de correcte revolutie
eerste industriële revolutie
Tweede industriële revolutie
Katoen
staal
Ijzer
olie
Tweede industriële revolutie: transformatie kapitalisme
verdere schaalvergroting (sterkere impact financiële groepen)
verbeterde communicatiemiddelen
opkomst naamloze vennootschappen
overgang naar massaconsumptie
fusies,..., leidden tot steeds minder concurrenten en monopolies door trusts en kartels,...,
horizontaal of verticaal
De gevolgen van de tweede industriële revolutie: een sociaal-economisch strijdtoneel.
zware omstandigheden voor arbeiders
lange tijd maatschappelijke ongelijkheid gezien als wil van God
rijk moet voor arm zorgen.
arm moet zich berusten in de situatie en pogen zich omhoog te werken
wegwerken factoren die opkomst fabrieken tegenwerken
Franse revolutie: wet Le chapelier: verbod op ambachten.
Engeland "Combination act" verbod verenigingen van arbeiders
Wet beschermd werkgever
De gevolgen van de tweede industriële revolutie: een sociaal-economisch strijdtoneel.
steeds meer mechanisatie --> aantal werklozen stijgt
stakingen, vernielingen,...,
repressie door overheid
Opkomst nieuwe denkers
doel= lot arbeiders verbeteren
Karl Marx: Niet Liberté, maar Egalité moet centraal staan
kleine groep bourgeoisie buit arbeidsproletariaat uit
De gevolgen van de tweede industriële revolutie: een sociaal-economisch strijdtoneel.
arbeiders organiseren zichzelf 'onderlinge bijstand' of ziekenkassen/mutualiteiten
vaak 'verdoken vakbond' --> bij wantrouw hard optreden overheid
zware omstandigheden en laag loon -->stakingen
ca. 1860 eerste 'echte' vakbonden
'eerste internationale' --> internationale organisatie die arbeidersorganisaties aanmoedigt(ook in België)
aanvankelijk socialistisch = klassenstrijd is nodig
ca. 1880 ook splitsing --(later christelijke vakbond) uit op klassenverzoening
Reactie van de paus: Rerum novarum
reactie op de wantoestanden
ligt aan basis van latere christelijke arbeidersbewegingen
Wat was de visie van de paus?
Slide tekst
Om dit kwaad te verhelpen, beweren de socialisten, nadat zij eerst bij de armen afgunst verwekten tegen de bezittenden, dat het privaatbezit moet opgeheven worden en omgezet in gemeenschappelijk eigendom onder leiding van hen, die aan het hoofd staan òf van de gemeente òf van de gehele staat. Door op die wijze de goederen der individuen naar de gemeenschap over te dragen en door verder de goederen en opbrengsten gelijkelijk onder de burgers te verdelen, menen zij de heersende nood te kunnen lenigen.
Maar zo weinig is hun systeem in staat, om de strijd te beslechten, dat het zelfs de arbeidersstand benadeelt: bovendien is dit systeem ook zeer onrechtvaardig, omdat het geweld pleegt tegenover de rechtmatige bezitters, de taak van de staat verkeerd opzet en volslagen verwarring brengt in de maatschappij.
Onderzoek prent:
Pas de bronnenkritiek toe op de prent:
Wie?
Wanneer?
Doel?
Soort bron?
Objectief/subjectief?
Het onverzadelijke monster
Albert Hanh 1908