Fuente G + H

1 / 17
next
Slide 1: Slide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

This lesson contains 17 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

timer
5:00

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide





       Español & los colores 

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Schrijf je in het Nederlands 
de landen, talen en nationaliteiten met een klein of hoofd letter?

Slide 6 - Slide


Landen = hoofdletter 
Talen en nationaliteiten = kleine letter. 

Slide 7 - Slide

Países (=landen)
Holanda, España, Alemania, Francia, Italia, etc. 

Nacionalidades (=nationaliteiten)
holandés, holandesa, español, española, alemán, alemana, francés, francesa, etc. 

Idiomas (=talen)
holandés, español, alemán, francés, italiano, etc. 
¡A trabajar!
Schrijf drie zinnen in het Spaans:

  1. Een met een land,
    een met een nationaliteit en een met een taal. 

2. Maak opdracht 17 en 18C+D

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Haz el ejercicio 17 y 18c+d
en la página 18-19 en tu libro de trabajo.
timer
5:00

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

Wanneer zou je de getallen
in het Spaans kunnen gebruiken?

Slide 13 - Mind map

Slide 14 - Slide

Haz el ejercicio 21 en la página 21 
en tu libro de trabajo.
timer
3:00

Slide 15 - Slide

Aprende (=leer) los números del 0 al 20.

Slide 16 - Slide

¿Cuánto vale(n) ...?
Una Coca-Cola €2
Un sandwich 
€6
Unos churros
€3
Una pizza €11
Tres Starbucks €18
Unas patatas fritas €5

Slide 17 - Slide