V4 les 2 periode 1 las fiestas y practicar el perfecto

1 / 26
next
Slide 1: Slide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

This lesson contains 26 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 90 min
Report this lesson

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Vas a ver un vídeo
Contesta a estas preguntas en tu cuaderno en español:
¿Cuál es el tema del vídeo?
¿Qué fiesta es conocida para ti?
¿Qué fiesta te gusta?

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Video

El vídeo de Tio Spanish
Compara (vergelijk) tus respuestas con tu compañero/a de clase

¿Cuál es el tema del vídeo?
¿Qué fiesta es conocida para ti?
¿Qué fiesta te gusta?
timer
1:00

Slide 4 - Slide

Los objetivos de hoy son 
practicar con el perfecto y buscar información sobre tu fiesta para tu presentación

Slide 5 - Slide

La clase anterior
Lee las frases y escribe en tu cuaderno qué frase es verdad o mentira sobre la clase anterior:
1. La profesora ha hablado sobre sus vacaciones.
2. Los alumnos han visto el vídeoclip de la cantante Rosalía.
3. Los alumnos han practicado el perfecton con ejercicios del reader.
4. Los alumnos han hecho apuntes sobre el perfecto en sus cuadernos.
5. Una regla muy importante para la profesora es no comer chicle en clase.
timer
3:00

Slide 6 - Slide

¿Cómo se traduce al español ik heb gegeten? Levanta los dedos.
1, 2, 3
A
Tengo comido
B
como
C
tengo comida
D
he comido

Slide 7 - Quiz

El perfecto: uit je hoofd!
Escribe en la pizarra blanca:
1. Het hele rijtje van het hulpwerkwoord dat bij deze tijd hoort.
2. het regelmatige voltooid deelwoord.
3. wat je moet doen bij werkwoorden met "se", zoals levantarse.
4. de voltooide deelwoorden van de werkwoorden hacer, ver, abrir.
timer
3:00

Slide 8 - Slide

Las vacaciones de la profe con el perfecto
Traduce estas frases en voz alta con tu compañero/a de clase en holandés.
  1. Yo he nadado en el mar.
  2. Este año no hemos jugado a pádel en España.
  3. Yo he visto la final del mundial en San Sebastián.
  4. En las vacaciones no me levantado las seis de la mañana.
timer
2:00

Slide 9 - Slide

Las vacaciones de verano de los alumnos
Schrijf nu 5 zinnen over je zomervakantie met steeds een ander werkwoord

1. vertel wat jij hebt gedaan
2. vertel wat je beste vriend(in) heeft gedaan (mi mejor amigo/amiga)
3. vertel wat jullie hebben gedaan (yo y mi familia)
4. zelf bedenken
5. zelf bedenken

timer
4:00

Slide 10 - Slide

Más apuntes sobre el perfecto
Je hebt gezien hoe je deze tijd vertaalt, welk hulpwerkwoord je moet gebruiken, hoe je het voltooid deelwoord maakt en wat de onregelmatige voltooide deelwoorden zijn.

Maar wanneer gebruik je deze tijd eigenlijk?
1. Habla con tu compañero/a de clase
timer
0:10
timer
0:30

Slide 11 - Slide

Apuntes: signaalwoorden perfecto. 
hoy = vandaag
 alguna vez = ooit
nunca = nooit
esta mañana/tarde/noche = vanochtend/vanmiddag/vanavond
esta semana = deze week
este mes = deze maand
este año = dit jaar
este verano/otõno/invierno/primavera = deze zomer/herfst/winter/lente
timer
2:00

Slide 12 - Slide

El perfecto en preguntas
Bedenk nu 3 vragen die je aan je klasgenoot kan stellen met de perfecto en een signaalwoord en schrijf het op je whiteboard.
Gebruik woorden die je kent (dus je mag mij niks vragen om de betekenis van een woord)
timer
3:00

Slide 13 - Slide

El perfecto en preguntas
Stel de 3 vragen nu aan je klasgenoten.
En je klasgenoot moet met een vervoegd werkwoord in de perfecto antwoord geven.

Houd jij dan wel de valkuilen in de gaten?
timer
2:00

Slide 14 - Slide

Ik weet hoe ik de perfecto moet vervoegen.

Slide 15 - Poll

Ik zou graag nog wel extra oefeningen willen doen om met de perfecto te oefenen.

Slide 16 - Poll

Ik ken de perfecto eigenlijk al uit mijn hoofd.


Slide 17 - Poll

Otro vídeo
Vas a ver otro vídeo sobre Tio Spanish y las fiestas en España.
Escribe en la hoja los datos que faltan (= ontbreken).


Slide 18 - Slide

Slide 19 - Video

Otro vídeo
Compara tus repuestas con tu compañero/a de clase.


timer
1:00

Slide 20 - Slide

Lee la instrucción p. 5/6 y contesta a las preguntas en holandés
En la pizarra
1. Wat moet je doen?
2. Hoe moet je het doen?
3. Wanneer?
4. Met wie?
5. Hoe ga je daaraan werken?
6. Wat mag niet?
Wat is het verschil met een gewone presentatie over een Spaans feest?

timer
4:00

Slide 21 - Slide

Tu presentación
¿Con quién quieres hacer la presentación?
¿De qué fiesta te gusta hacer la presentación?

Escribe en el postit
timer
1:00

Slide 22 - Slide

Buscar información sobre la fiesta
Hoja de la profe
Bekijk de videos van Tio Spanish als jouw feest erbij staat.
Buscar info en internet (escribe las fuentes, no ai)
Escribir la información en holandés

timer
15:00

Slide 23 - Slide

Escribir la introducción en holandés
Slide 1 en la hoja de la profesora
  1. Heet de klas welkom en stel je zelf voor, 
  2. Vertel in welke klas jullie zitten (= zich bevinden)
  3. Welk feest gaan jullie presenteren?
  4. Waar wordt dit feest gevierd?
  5. Wanneer wordt het feest gevierd?
  6. Wat wordt er gevierd? (bijvoorbeeld de geboorte van Jezus).
  7. Waarom waren jullie bij het feest?

Slide 24 - Slide

Tus preguntas para la siguiente clase
Schrijf 1 vraag aan jezelf over de perfecto die je in de volgende les gaat beantwoorden.
Schrijf 1 vraag over het onderwerp Spaanse feesten die je in de volgende les gaat beantwoorden.

Op een postit en duidelijk je naam vermelden.

Slide 25 - Slide

La preparación para la siguiente clase
Vocabulario pag. 24 esp-hol/hol-esp localización
Aprender apuntes sobre el perfecto (welke signaalwoorden, hoe de tijd maakt, hoe je deze vertaalt, wat de onregelmatige werkwoorden zijn).

Slide 26 - Slide