be opgaven deel 2 hst 4

1 / 31
next
Slide 1: Slide
BedrijfseconomieMBOStudiejaar 3

This lesson contains 31 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

opdracht 9:
a) current ratio: vlottende en liquide activa : kvv 1-1

Slide 2 - Open question

current ratio 31-12

Slide 3 - Open question

B) quick ratio : vlott en liq excl voorr/kvv 1-1

Slide 4 - Open question

quick ratio 31-12

Slide 5 - Open question

c) netto werkkapitaal
vlott en liq activa -/- kvv 1-1

Slide 6 - Open question

31-12

Slide 7 - Open question

opdr 10 a) current ratio

Slide 8 - Open question

10b) quick ratio

Slide 9 - Open question

c) netto werkkapitaal

Slide 10 - Open question

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

Bereken de liquiditeit van ABD aan de hand van de current ratio?

Slide 17 - Open question

Is dit bedrijf liquide aan de hand van de current ratio? (1 achter de komma)

Slide 18 - Open question

Slide 19 - Slide

Bereken de quick ratio (2 achter de komma)

Slide 20 - Open question

Is het bedrijf liquide aan de hand van de quick ratio?

Slide 21 - Open question

oefenopgave:
liq begroting: wat zijn de contante verkopen in januari?

Slide 22 - Open question

wat zijn de ontvangsten van de verkopen op rekening in januari?

Slide 23 - Open question

wat zijn de uitgaven voor de inkopen op rekening in januari?

Slide 24 - Open question

wat zijn de overige bedrijfskosten die je betaalt in januari?

Slide 25 - Open question

welke van de volgende soorten komt niet op de liquiditeitsbegroting?
A
investering inventaris
B
afschrijvingskosten
C
aflossing onderhandse lening
D
interest onderhandse lening

Slide 26 - Quiz

wat is het saldo liquide middelen aan het einde van januari?

Slide 27 - Open question

res begroting
wat is de inkoopprijs van de verkopen in januari?

Slide 28 - Open question

welk onderdeel komt er niet op de resultatenbegroting?
A
afschrijvingskosten
B
investering inventaris
C
overige bedrijfskosten
D
interest onderhandse lening

Slide 29 - Quiz

wat is het cumulatieve resultaat aan het eind van februari?

Slide 30 - Open question

Slide 31 - Slide