VWO 6 - Examentraining 3

1 / 25
next
Slide 1: Slide
SpaansMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

This lesson contains 25 slides, with text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 70 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

              Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon in het Zakkie 
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui 
timer
3:00

Slide 2 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Clase 3
Examentraining
¡Bienvenidos!

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

            El programa de hoy
  • Los afijos;
  • Open en gesloten vragen;
  • Examen 2024

Slide 4 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
         Los objetivos
  • Después de esta clase, yo sé el uso de los afijos en español
  • Después de esta clase, yo sé cómo responder a las preguntas cerradas y abiertas.
  • Después de esta clase, yo he practicado y preparado para el examen central de 2025.

Slide 5 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
CITO Centraal eindexamen Spaans
Leesvaardigheid

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Comprensión lectora
Leesvaardigheid
Bij het lezen van Spaanse teksten zal je verschillende soorten woorden tegenkomen waaronder woorden met voor- en -achtervoegsels. Deze woordsoorten geven een andere betekenis aan het zelfstandig naamwoord en/of werkwoord. In deze les wordt er stilgestaan bij deze woordsoorten en hoe deze van elkaar kunnen worden onderscheiden. Tot slot, wordt er kort stilgestaan bij zowel de open- als gesloten vragen en hoe deze terugkomen in het examen.

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Los prefijos
De voorvoegsels

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Los prefijos
De voorvoegsels
Voorvoegsels zijn kleine woorddelen die voor een ander woord worden geplaatst en zo een nieuw woord vormen. Deze komen regelmatig voor in examenteksten en door goed op het voorvoegsel te letten, kun je vaak de betekenis van het hele woord afleiden. Dit geldt ook voor woorden die bij voor jou nog onbekend zijn.

  • Des- : geeft een tegenstelling of ontkenning aan (desagradable = onaangenaam).
  • Re- : betekent 'opnieuw', 'weer' of 'her-' (reaperecer = weer tevoorschijn komen).
  • Im- : duidt het tegenovergestelde aan zoals 'on-' of 'niet-' (imposible = onmogelijk).
  • In- : eveneens een voorvoegsel voor het tegenovergestelde zoals 'on-' of 'niet-' (insensible = ongevoelig).
  • Pre- : betekent 'voor' of 'al eerder' (prehistórico = prehistorisch).
  • Anti- : duidt op een tegenstand of oppositie zoals 'tegen-' (antiautoritario = anti-autoritair).

Het herkennen van deze voorvoegsels kunnen je helpen om sneller de betekenis van onbekende woorden te begrijpen, zelfs als je het hele woord niet kent. Met een voorvoegsel kan je een inschatting maken van wat het woord mogelijkerwijs betekent.

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Más prefijos
https://espanol.lingolia.com/es/vocabulario/formacion/prefijos

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Los sufijos
De achtervoegsels

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Más sufijos
https://espanol.lingolia.com/es/vocabulario/formacion/sufijos

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Los sufijos
De achtervoegsels
Een achtervoegsel (of: suffix) is een taalelement dat niet als los woord kan voorkomen, maar aan een grondwoord wordt toegevoegd, waardoor een nieuw woord ontstaat. Zo kunnen met behulp van het achtervoegsel -er van de stam van veel werkwoorden zelfstandige naamwoorden worden afgeleid, bijvoorbeeld: heler, ondernemer, ziener enzovoort. Met het achtervoegsel -ig kunnen bijvoeglijke naamwoorden worden gevormd van zelfstandige naamwoorden, bijvoorbeeld: glazig, hoekig, hufterig enzovoort.

Andere voorbeelden van Nederlandse achtervoegsels zijn: -baar, -dom, -heid, -lijk, -ling, -loos, -waarts.



Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Los sufijos
De achtervoegsels
Verkleinwoorden (Diminutivos)
  • -ito / -ita: De meest gebruikte verkleinwoorden (klein, schattig, lief). Bijv.: perro (hond) -->  perrito (hondje).
  • -illo / -illa: Vaak kleiner of soms spottend. Bijv.: chico (jongen) --> chiquillo (jochie).
  • -in / -ina: Wordt vaak in specifieke regio's gebruikt.

Vergrotingswoorden (Aumentativos)
  • -ón / -ona: Geeft een vergroting of intensivering aan. Bijv.: grande (groot) --> grandullón (heel groot).
  • -azo / -aza: Kan een klap of een grote versie aanduiden. Bijv.: perro (hond) -->  perrazo (grote hond).

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Los sufijos
De achtervoegsels
Bijwoorden
  • -mente: Wordt aan de vrouwelijke vorm van een bijvoeglijk naamwoord toegevoegd om een bijwoord te vormen. Bijv.: rápido --> rápida -->  rápidamente (snel).

Andere achtervoegsels
  • -ero / -era: Duidt vaak een beroep, een boom of een houder aan. Bijv.: pan (brood) -->  panadero (bakker).
  • -ada: Geeft een inhoud of een actie aan. Bijv.: cuchara (lepel) --> cucharada (lepelvol).

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Más sufijos
https://espanol.lingolia.com/es/vocabulario/formacion/sufijos

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

¡OJO!
Houdt rekening met bij het opzoeken van woorden met een voor- of achtervoegsel, dat de woorden altijd op volgorde van deze taalelementen staan. Bij twijfel; haal eerst het voor- en/of achtervoegsel van het zelfstandig naamwoord af en zoek eerst wat de woorden los van elkaar betekenen.

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Slide 18 - Video

This item has no instructions

Open en gesloten vragen

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Gesloten vragen
meerkeuze vraag (multiple choice)
In grote lijnen: titel, afbeelding, inleiding; het gaat erom dat je begrijpt waar de tekst over gaat.

Lees de vraag (niet de hele tekst gaan lezen!)
  • Markeer/onderstreep de zin of alinea waar in de vraag naar verwezen wordt;
  • Zodra de vraag meerdere alinea's benoemd dan staat het antwoord in de hele alinea's;
  • Wordt er een zin benoemd dan staat het antwoord in de rest van de alinea;
  • Lees het betreffende stuk tekst en markeer de signaalwoorden en dubbele punten, want daar vind je vaak het antwoord.




¡OJO! Controleer altijd het antwoord dat je hebt gegeven!

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Open vragen
In grote lijnen: inhoud en bepaalde alinea's.

Lees de vraag (niet de hele tekst gaan lezen!)
  • Markeer in de tekst waar het antwoord gevonden kan worden;
  • Lees goed over hoeveel zaken je moet benoemen;
  • Zodra de vraag meerdere alinea's benoemd dan staat het antwoord in de hele alinea's;
  • Wordt er een zin benoemd dan staat het antwoord in de rest van de alinea;
  • Beantwoord de vraag altijd in het Nederlands, tenzij wordt aangegeven dat je moet citeren: "Schrijf de eerste twee en de laatste twee woorden op uit de zin of zinsdeel waarin staat dat of waaruit blijkt dat...") Dit betekent dat je in het Spaans moet beantwoorden.



¡OJO! Controleer altijd het antwoord dat je hebt gegeven!

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

¡A trabajar/practicar!
Haced el examen central del año 2024 y responder a las preguntas en papel.





Lo que necesitáis:
Diccionario/interglot
Hoja/Microsoft Word
Bolígrafo/lápiz.



timer
20:00

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

          ¿Qué habéis aprendido hoy?
  • He practicado la comprensión lectora.
  • He practicado la compresión lectora a través eindexamensite.

Slide 23 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 

          ¿Hay preguntas o dudas?
Repasad el vocabulario en Quizlet y asegurad que estéis a tiempo de adquirir los diccionarios. ¡OJO! Tened en cuenta que el colegio no presta diccionarios.

Slide 24 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 

¡Hasta luego!

Slide 25 - Slide

This item has no instructions