What is LessonUp
Lesson library
Channels
AI tools
Log in
Start for free
‹
Return to search
Polaris weer en moleculen
toets weer en moleculen
1 / 26
next
Slide 1:
Slide
Natuurkunde
Middelbare school
vmbo g, t, mavo, havo
Leerjaar 3
This lesson contains
26 slides
, with
interactive quizzes
and
text slide
.
Lesson duration is:
60 min
Start lesson
Save
Share
Print lesson
Report this lesson
Items in this lesson
toets weer en moleculen
Slide 1 - Slide
Welke fase zie je op de foto?
VAST
VLOEIBAAR
GAS
Slide 2 - Drag question
In welke fase is water in het plaatje?
Sleep de juiste afbeelding naar de juiste fase
Slide 3 - Drag question
Sleep de luchtdruk naar het juiste weer
mooi weer
wisselvallig weer
lage luchtdruk
hoge luchtdruk
Slide 4 - Drag question
Sleep de vakjes A t/m F naar de juiste fase
<span style="color:rgb(129, 109, 161)">Gas<br />fase</span>
<span style="color:rgb(129, 109, 161)">Vaste fase</span>
<span style="color:rgb(129, 109, 161)">Vloeibare fase</span>
Water bij 5 °C
Water bij -10 °C
Water bij 25 °C
Water bij 105 °C
Water bij 75 °C
Water bij -108 °C
Slide 5 - Drag question
Bekijk welke fase de stof (GEEL) is en sleep het naar de fase (ROOD)
Vast
Vloeibaar
Gas
regen
rijp
mist
hagel
sneeuw
Slide 6 - Drag question
Welke begrippen horen bij fasen en faseovergangen?
Fasen
Fase<span>overgangen</span>
Gas
Vloeibaar
Vast
Sublimeren
Rijpen
Stollen
Slide 7 - Drag question
De Luchtdruk op aarde is altijd tussen de __________
en ___________.
950 mbar
1010 mbar
1070 mbar
920 mbar
990 mbar
1040 mbar
900 mbar
970 mbar
1030 mbar
Slide 8 - Drag question
Laagdrukgebied
Hoogdrukgebied
Veel wolken
Veel wind
Droog en onbewolkt
Rustig weer
980 hPa
1030 hPa
Slide 9 - Drag question
Hoge luchtdruk
Lage luchtdruk
Slide 10 - Drag question
Zet in de goede volgorde:
Je ziet een bliksemflits. 3 seconde later hoor je de knal.
Bereken hoe ver het onweer van jou vandaan is.
afstand = snelheid x tijd
afstand = 343 m/s x 3 s
afstand = 1029 m
Slide 11 - Drag question
Bliksem heeft ...
A
een hoge spanning
B
een gemiddelde spanning (net als de netspanning)
C
een lage spanning
Slide 12 - Quiz
Als het onweert, dan zie je eerst de bliksem. Later hoor je de donder.
Kruis de juiste bewering aan.
A
De geluidsnelheid en de snelheid van het licht zijn even groot
B
De geluidsnelheid is groter dan de snelheid van het licht.
C
De geluidsnelheid is kleiner dan de snelheid van het licht.
Slide 13 - Quiz
Opdracht 4. Lucht heeft een hele ......... weerstand om ervoor te zorgen dat elektrische bliksem toch gaat stromen moet er een ....... spanning zijn
A
...hoge...hoge...
B
...lage...hoge...
C
...hoge...lage...
D
...lage...lage...
Slide 14 - Quiz
Waar vind je zonnig, droog weer?
Slide 15 - Drag question
Je ziet hier vier afbeeldingen van meetinstrumenten (A t/m D).
Hoe heten deze instrumenten?
Met welk instrument wordt welk kenmerk van het weer gemeten?
Sleep het juiste woord naar het juiste meetinstrument.
(je moet alle woorden gebruiken)
Temperatuur
Windsnelheid
Barometer
regenmeter
thermometer
hoeveelheid regen
windmeter
Luchtdruk
Slide 16 - Drag question
Soortelijke warmte is...
timer
0:45
A
de hoeveelheid energie die nodig is om 1 gram stof 1 °F te laten stijgen in temperatuur
B
de hoeveelheid energie die nodig is om 1 kilogram stof 1 °C te laten stijgen in temperatuur
C
de temperatuur die nodig is om 1 gram stof 1 °C te laten stijgen in energie
D
de hoeveelheid energie die nodig is om 1 gram stof 1 °C te laten stijgen in temperatuur
Slide 17 - Quiz
Als de soortelijke warmte
klein is, dan...
A
duurt het opwarmen kort en het afkoelen kort
B
duurt het opwarmen lang en het afkoelen lang
C
duurt het opwarmen lang en het afkoelen kort
D
duurt het opwarmen kort en het afkoelen lang
Slide 18 - Quiz
Sleep de stoffen naar het bijbehorende plaatje
stikstofoxiden
zwavelzuur
koolstofdioxide
zure regen
broeikaseffect
Slide 19 - Drag question
Hoe werkt het broeikaseffect precies?
Zet het in de juiste volgorde.
1
2
3
4
5
6
De aarde heeft een broeikas-effect.
Daardoor heeft de aarde een aangename temperatuur.
Mensen zorgen voor veel uitstoot.
Er komt meer CO2 in de lucht.
De aarde houdt te veel warmte vast.
Het broeikaseffect wordt versterkt.
Slide 20 - Drag question
Zon verwarmt aarde
Aarde kaatst warmte terug.
Broeikaseffect
Warmte blijft deels binnen de dampkring
Slide 21 - Drag question
HET KLIMAAT
HET WEER
Slide 22 - Drag question
De volgende zinnen gaan over weer of klimaat.? Sleep ze naar elkaar toe!
Weer
klimaat
1. Ik ga morgen sleetje rijden, want het wordt -2 graden.
2. In Italië kun je ’s zomers altijd fijn zwemmen.
Slide 23 - Drag question
Weer
Klimaat
Slide 24 - Drag question
→ Sleep de volgende teksten naar de juiste plek in de afbeelding
Kouder, want schuine zoninvalshoek en opwarming van grotere oppervlakte
Poolnacht
Pooldag
Evenaar
Warmer, want rechte zoninvalshoek en opwarming van kleine oppervlakte
Slide 25 - Drag question
Bron van licht
Opwarming door zon
Terugkaatsen zonlicht
Warmte vasthouden
Wolken
Warmte doorlaten
Slide 26 - Drag question
More lessons like this
Fasen en warmte (Natuurkunde havo), les 1: Uitleg
10 hours ago
-
24 slides
New lesson editor
Natuurkunde
Middelbare school
havo
Leerjaar 4,5
Examenstof
2.2 De invloed van de zon
September 2025
-
26 slides
Aardrijkskunde
Middelbare school
vmbo t
Leerjaar 1
Klimaatverandering (Aardrijkskunde vmbo), les 3: Terugblik quiz
September 2026
-
15 slides
New lesson editor
Aardrijkskunde
Middelbare school
vmbo k, g, t
Leerjaar 3,4
Examenstof
Fasen en warmte (Natuurkunde havo), les 2: Examentraining
10 hours ago
-
17 slides
New lesson editor
Natuurkunde
Middelbare school
havo
Leerjaar 4,5
Examenstof
De Grote Kidsweek Klimaatquiz
November 2022
-
36 slides
Aardrijkskunde
Basisschool
Groep 4-8
Kidsweek in de Klas
Herhaling HS 1: Weer en Klimaat
August 2024
-
44 slides
Aardrijkskunde
Middelbare school
vmbo t
Leerjaar 4
Het broeikaseffect
April 2021
-
27 slides
Woordenschat
Begrijpend lezen
+3
Basisschool
Groep 7,8
Kidsweek in de Klas
Het weer in Nederland verandert!
January 2021
-
9 slides
Middelbare school
vmbo k, g, t, mavo
Leerjaar 4
Aardrijkskunde!