Intensive care fellowonderwijs overvulling en eiwitbinding

Farmacokinetiek bij overvulling of lage eiwitbinding



5 mei 2026, Intensive Care fellowonderwijs

1 / 34
next
Slide 1: Slide
New lesson editorGeneeskundeBeroepsopleiding

This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Farmacokinetiek bij overvulling of lage eiwitbinding



5 mei 2026, Intensive Care fellowonderwijs

Een patient, ESBL+ in VG, krijgt ivm sepsis eci meropenem 3dd 1 gram. Hoe verandert de AUC, Cmax en Cmin als Vd is verdubbeld door vulling? (Vd normaal= 0.4 L/kg, eiwitbinding 2%, t1/2 normaal 1.5 h)

Inschatting AUC, Cmax, Cmin

AUC0-24h = D24h * F / CL


Cmax = D * F / Vd


Cmin wordt bepaald door t1/2:

t1/2 = ln2 * Vd / CL
(integratie van

kel = CL / Vd, en

kel = ln2 / t1/2)

D24h = dosis per dag

F = biologische beschikbaarheid

Een patiënt, ESBL+ in VG, krijgt ivm sepsis eci meropenem 3dd 1 gram. Het Vd is verdubbeld door vulling. Is nu de kans op therapiefalen groter, kleiner of gelijk, en waarom? (Vd normaal= 0.4 L/kg, eiwitbinding 2%, t1/2 normaal 1.5 h)

Het albumine gehalte daalt van 30 g/L naar 15 g/L. Hoe verandert de vrije fractie, de totale AUC en de ongebonden AUC? (Meropenem 3dd 1g, Vd normaal= 0.4 L/kg, eiwitbinding 2%, t1/2 normaal 1.5 h)

Sterk overvulde patiënt, 77 kg, krijgt ivm verdenking CAP iv ciprofloxacine + ceftriaxon. Hoe veranderen AUC, Cmax en Cmin van ciprofloxacine tov de situatie zonder overvulling? PK in normale situatie: Vd 2.5 L/kg, t1/2: 4-7 h

Ciprofloxacine bij normale vochtbalansnormale

Ciprofloxacine bij postieve vochtbalansnormale

Door positieve vochtbalans is Vd van hydrofiele geneesmiddelen (beta-lactams) toegenomen (met lagere Cmax en hogere Cmin tot gevolg), maar niet van hydrofobe geneesmiddelen (zoals ciprofloxacine)

Een patiënt, 80 kg, start met flucloxacilline ivm een Staph aureus bacteremie. Door vulling is Vd 2x zo groot als normaal. Met welk doseerregime start je? (PK in normale situatie: Vd 0.25 L/kg, eiwitbinding 95%, t1/2 1.5 h)

De patient, 80 kg, start met flucloxacilline 6 gram/dag continu iv. Door vulling is Vd 2x zo groot als normaal. Hoe verandert de flucloxacilline steady-state concentratie? (PK normale situatie: Vd 0.25 L/kg, eiwitbinding 95%, t1/2 1.5 h)


Steady-state concentratie

Css = (Di * F) / (CL * doseringsinterval i)

Wat verandert er dan wel? (Patiënt, 80 kg, flucloxacilline 6 g/dag continu iv; PK gegevens in normale situatie: Vd 0.25 L/kg, eiwitbinding 95%, t1/2 1.5 h)

Halfwaardetijd

t1/2 = ln2 * Vd / CL

(integratie van:

kel = CL / Vd, en

kel = ln2 / t1/2)


Wat is de consequentie voor het doseerregime van een verdubbeld Vd en daardoor verdubbelde t1/2? (Patiënt, 80 kg, flucloxacilline 6 g/dag continu iv; PK in normale situatie: Vd 0.25 L/kg, eiwitbinding 95%, t1/2 1.5 h)

Het albumine gehalte daalt van 30 g/L naar 15 g/L. Hoe verandert de vrije fractie, de totale Css en de ongebonden Css? (Patiënt, flucloxacilline 6 g/dag continu iv; PK in normale situatie: Vd 0.25 L/kg, eiwitbinding 95%, t1/2 1.5 h)

Het albumine gehalte daalt van 30 g/L naar 15 g/L. Wat is de consequentie voor de dosering flucloxacilline? (Patiënt, 80 kg, flucloxacilline 6 g/dag continu iv; PK in normale situatie: Vd 0.25 L/kg, eiwitbinding 95%, t1/2 1.5 h)

Patiënt op de IC krijgt ivm insulten valproinezuur 750 mg 2dd iv. Het albumine is 15 g/L. Je wil een spiegel laten bepalen. Waar moet je dan op letten en waarom? PK in normale situatie: Vd 0.2 L/kg, eiwitbinding 90%, t1/2 12h

Patiënt op de IC krijgt ivm insulten fenytoine 150 mg 2dd iv. Het albumine is 15 g/L. Hoe veranderen vrije fractie, totale AUC en ongebonden AUC tov normaal albumine? PK in normale situatie: Vd 0.65 L/kg, eiwitbinding 90%.

Eiwitbinding

Alleen klinisch relevant als:

  • eiwitbinding hoog is (>>50%), en

  • eiwitbinding verzadigbaar is (fluclox, ceftriaxon, valproinezuur, fenytoine)

Want bij laag albumine of verdringing uit eiwitbinding:

  • EN verstoorde distributie en/of eliminatie kan de ongebonden concentratie stapelen

  • moet tbv TDM de ongebonden concentratie gemeten worden (totale concentratie niet representatief voor farmacologische actieve ongebonden concentratie)

Conclusie

Invloed overvulling op doseerregimes:

  • Bij hydrofiele geneesmiddelen die via continu infusie toegediend worden, zijn oplaaddoseringen nog essentiëler dan normaal

  • verder alleen relevant als effectiviteit samenhangt met Cmax (aminoglycosiden?)


Invloed eiwitbinding op doseerregimes:

  • zelden klinisch relevant, behalve tbv TDM van valproinezuur en fenytoine (en flucloxacilline?)

?

Patient op de IC krijgt ivm insulten fenytoine 150 mg 2dd iv. Het albumine is 15 g/L. Je wil een spiegel laten bepalen. Waar moet je dan op letten en waarom? PK in normale situatie: Vd 0.65 L/kg, eiwitbinding 90%.

Een patiënt (m, 67 j, 70 kg, eGFR 69 ml/min.1.73m2) start ivm enterokokken sepsis eci om 17:00 met vancomycine: 1750 mg continu iv. De volgende dag wordt om 8.00u een spiegel geprikt. Deze is 23 mg/l. Wat doe je?

A

Dosering handhaven

B

Verhogen naar 2000 mg continu iv

C

Verlagen naar 1500 mg continu iv

D

Ik bel de ziekenhuisapotheker

AUC bereken bij continu iv

AUC0-24= Css * 24 h



(Vanco target AUC0-24: 400 - 600 mg*h/L)

(Vanco target Css = 17 - 25 mg*h/L)


AUC bereken bij continu iv

AUC0-24= Css * 24 h


= 23 * 24 = 552 mg*h/L


AUC bereken bij continu iv

AUC0-24= Css * 24 h

MAAR DAN MOET ER WEL

STEADY-STATE ZIJN!!

Te onthouden:

AUC0-24 = D0-24 * F / CL

AUC0-24 = Css * 24, (bij continu toedienen; mits steady-state)

t1/2 = ln2 * Vd / CL, (kel = CL / Vd)

Css = (D * F) / (CL * doseringsinterval), (bij continu toedienen)

Cmax = D * F / Vd, (bij intermitterend toedienen)

Ct =C0 * e-kel * t