25 mei

Wat doen we vandaag?
  • Vragen grammatica?
  • Bespreken 19A, f. 
  • Taaloefeningen 19A. 
1 / 25
next
Slide 1: Slide
LatijnMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

This lesson contains 25 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Wat doen we vandaag?
  • Vragen grammatica?
  • Bespreken 19A, f. 
  • Taaloefeningen 19A. 

Slide 1 - Slide

Vragen Grammatica?

Slide 2 - Open question

Slide 3 - Video

Vragend voornaamwoord
  • Het vragend voornaamwoord kent twee vormen:
  • zelfstandig: quis? (wie?), quid? (wat?)
  • bijvoeglijk: qui, quae, quod (welk/welke?).
  • Voor de verbuiging van quis/quid: zie boek.
  • Voor de verbuiging van qui/quae/quod: zie het persoonlijk voornaamwoord. 
  • Bij bijvoeglijk gebruik congrueert het vragend voornaamwoord met het antecedent.

Slide 4 - Slide

Vragend voornaamwoord
  • Voorbeelden:
  • Quis intravit?
  • Wie is naar binnen gekomen? 
  • Quid fecit?
  • Wat heeft hij gedaan?
  • Qui puer intravit?
  • Welke jongen is naar binnen gekomen?
  • Quod bellum gessit?
  • Welke oorlog heeft hij gevoerd?

Slide 5 - Slide

Thaida Quintus amat. Quam Thaida?
Thaida luscam.

Slide 6 - Open question

Unum oculum Thais non habet, ille duos.

Slide 7 - Open question

Quid mihi reddat ager quaeris, Line, Nomentanus?

Slide 8 - Open question

Hoc mihi reddit ager: te, Line, non video.

Slide 9 - Open question

Nescio tam multis quid scribas, Fauste, puellis:

Slide 10 - Open question

hoc scio, quod scribit nulla puella tibi.

Slide 11 - Open question

Thais habet nigros, niveos Laecania dentes.

Slide 12 - Open question

Quae ratio est? Emptos haec habet, illa suos.

Slide 13 - Open question

Oculo Philaenis semper altero plorat.

Slide 14 - Open question

Quo fiat istud quaeritis modo? Lusca est.

Slide 15 - Open question

Quae te causa trahit vel quae fiducia Romam, Sexte?

Slide 16 - Open question

Quid aut speras aut petis inde? Refer.

Slide 17 - Open question

“Causas” inquis “agam Cicerone disertior ipso
atque erit in triplici par mihi nemo foro”

Slide 18 - Open question

Egit Atestinus causas et Civis (utrumque
noras); sed neutri pensio tota fuit.

Slide 19 - Open question

Si nihil hinc veniet, pangentur carmina nobis:
audieris, dices esse Maronis opus

Slide 20 - Open question

Insanis: omnes, gelidis quicumque lacernis
sunt ibi, Nasones Vergiliosque vides.

Slide 21 - Open question

“Atria magna colam” Vix tres aut quattuor ista
res aluit; pallet cetera turba fame.

Slide 22 - Open question

“Quid faciam? Suade: nam certum est vivere Romae”

Slide 23 - Open question

Si bonus es, casu vivere, Sexte, potes.

Slide 24 - Open question

Aan het werk. 
  • Leer de woordjes en grammatica t/m 19. 
  • Maak 19A, Taaloefeningen A, B en C. 

Dit is ook huiswerk.
 

Slide 25 - Slide