BW T2 Ondernemings- en financieringsvormen - leerkracht

Thema 2: Ondernemingsvormen

  1. Ondernemingsvormen

  2. Fiscale regels

  3. Financieringsvormen


1 / 22
next
Slide 1: Slide
New lesson editorEconomieSecundair onderwijs

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Thema 2: Ondernemingsvormen

  1. Ondernemingsvormen

  2. Fiscale regels

  3. Financieringsvormen


2.3 Financieringsvormen?

Het BMC model is een voorbeeld van een ondernemingsplan:

  • Een persoonlijk plan

  • Praktische invulling van de opdrachtverklaring

  • Geeft inzicht in de haalbaarheid van je plannen + een stappenplan



Financieel plan

Wanneer stel je een ondernemingsplan op?

2.3 Financieringsvormen?

Het ondernemingsplan: wanneer opstellen?

  • Opstarten van een volledig nieuwe onderneming

  • Overname van een onderneming

  • Uitbreiding van uw onderneming (nieuwe activiteit)

Voor wie is het ondernemingsplan belangrijk?

2.3 Financieringsvormen?

Het ondernemingsplan: nut/voor wie?

  • Intern: het bedrijf -> is het vooropgestelde idee haalbaar?

  • Extern:

    • Bank: toekenning van krediet.

    • Andere investeerders.

2.3 Financieringsvormen?

Het ondernemingsplan: onderdelen?

  • Geen vaste structuur

  • Onderwerpen:

    • Inleiding

    • Marktonderzoek en stakeholders van de onderneming

    • Commercieel plan

    • Organisatieplan

    • Financieel plan

Wat is het nut van een financieel plan?

2.3 Financieringsvormen?

Nut financieel plan?

  • Bepaling financieringsbehoefte van een ondernemer + financiële haalbaarheid nagaan.

  • Bescherming oprichters: risico inschatten + bewijs in geval van faillissement.

  • Bescherming van derden.

  • Instrument om kapitaalverschaffers te overtuigen om te investeren in de onderneming.




Beroep doen op EV of op VV?

2.3 Financieringsvormen?

Belang financieel plan:

  • Vennootschapsrecht: enkel minimumkapitaal voor nv

  • Bv, nv en cv: verplicht financieel plan opstellen + neerleggen bij notaris

  • Faillissement binnen de drie jaar na oprichting: oprichtersaansprakelijkheid

    • Financieel plan wordt voorgelegd aan de rechtbank.

    • Rechtbank onderzoekt en oordeelt of het maatschappelijk kapitaal voldoende hoog was.

    • Indien onvoldoende startkapitaal → vennoot (vennoten) hoofdelijk aansprakelijk.





Vennootschapsvormen met beperkte aansprakelijkheid

Wanneer heeft een onderneming nood aan extra financiering?

2.3 Financieringsvormen?

Financieringsbehoefte ontstaat bij:

  • Investeringen in vaste activa

    • Investeringen in de exploitatiecyclus

Nood aan werkkapitaal

Voldoende cash ?

Korte termijnkrediet nodig?

Te financieren periode verkorten?

2.3 Financieringsvormen?

Financieringsbehoefte ontstaat bij:

  • Investeringen in vaste activa
    (bij opstart of uitbreiding)

Materiële vaste activa

Gebouwen

Machines

Rollend materieel

Immateriële vaste activa

Goodwill

Software, licenties

Voorraden

Stockbeheer

2.3 Financieringsvormen?

Nettobedrijfskapitaalbehoefte (NBK): bepaalt het overschot of het tekort aan financiële middelen, dat uit de exploitatie van de onderneming bestaat.


NBK = courant activa – vreemd vermogen op korte termijn (VVKT)

= permanent vermogen (EV + VVLT) – vaste middelen


  • >0 : geen behoefte aan bijkomende financieringsmiddelen

    • <0: behoefte aan bijkomende financieringsmiddelen




Actief Passief


Courant activa


VVKT


Vaste middelen


Permanent vermogen

EV

VVLT

2.3 Financieringsvormen?

Wat bepaalt je keuze van financieringsvorm?

2.3 Financieringsvormen?

De keuze van de financieringsvorm wordt bepaald door:

  • Welke invloed het heeft op de solvabiliteit en liquiditeit van de onderneming;

    • De duurtijd van de financieringsbehoefte;

    • De kosten van de financieringsvorm;

    • Mogelijke steunmaatregelen van de overheid waarop beroep kan gedaan worden.

    • De waarborgen die gevraagd worden.


2.3 Financieringsvormen?

 

2.3 Financieringsvormen?

Financiering met eigen vermogen:

  • Interne financiering (zelffinanciering):

    • Kapitaal + kapitaalverhoging

    • Reserveren van winsten

    • Overgedragen winst

  • Externe financiering:

    • Kapitaalverhoging / nieuwe uitgifte van aandelen

  • Kapitaalsubsidies

2.3 Financieringsvormen?

Financiering met vreemd vermogen: mogelijkheden:

  • Lange termijn:

    • Obligatie(lening)

    • Investeringskrediet

    • Financiële leasing

  • Korte termijn:

    • Kaskrediet

    • Straight loan

    • Factoring

Opdrachten

  1. Verbetering toets AE T3 Kapitaalmarkt

  2. Verbetering oefening online les 20/03 – zie feedback in Classroom

  3. Instuderen financieringsvormen (EV + VV): opdracht 3 online les 20/03

  4. Voorbereiding opdracht 3 (werkboek p.43-44), meebrengen naar de les van 27/03