Les 2 april

Vandaag
Opwarmer
samengestelde zinnen - herhalen 
Woordsoorten
werkwoordstijden









1 / 19
next
Slide 1: Slide
NederlandsEnseignement Secondaire

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 75 min

Items in this lesson

Vandaag
Opwarmer
samengestelde zinnen - herhalen 
Woordsoorten
werkwoordstijden









Slide 1 - Slide

inloggen nieuwsbegrip
https://www.nieuwsbegrip.nl/

Slide 2 - Slide

Gisteren
1 april

https://jeugdjournaal.nl/artikel/2608619-1-april-deze-grappen-zijn-al-ontmaskerd








Slide 3 - Slide

Samengestelde zinnen 
https://wordwall.net/nl/resource/28768411/hoofdzinnen-en-bijzinnen

https://www.jufmelis.nl/zinsontleding/pv-samengestelde-zin/persoonsvorm-samengestelde-zin-1








Slide 4 - Slide

Woordsoorten
blz. 58 opdracht 1
4 en 6

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

De tijden van het werkwoord


...de 4 bekende tijden van het werkwoord herhalen

+ de 4 toekomende tijden leren

Slide 8 - Slide

1. onvoltooid tegenwoordige tijd (ott):
ik werk, ik lees = Hij werkt al jaren in een snackbar

2. onvoltooid verleden tijd (ovt):
ik werkte, ik las = Hij werkte al jaren in een snackbar

Slide 9 - Slide

3. voltooid tegenwoordige tijd (vtt):
ik heb gewerkt, ik heb gelezen = Hij heeft al jaren in een snackbar gewerkt

4. voltooid verleden tijd (vvt):
ik had gewerkt, ik had gelezen = Hij had al jaren in een snackbar gewerkt

Slide 10 - Slide

Toekomende tijd
5. onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt):
ik zal werken, ik zal lezen =zal/zullen + hele ww
De trein zal vanmiddag om drie uur aankomen

6. onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt):
ik zou werken, ik zou lezen = zou/zouden + hele ww
De trein zou vanmiddag om drie uur aankomen



Slide 11 - Slide

Toekomende tijd
6. voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt):
ik zal gewerkt hebben, ik zal gelezen hebben = zal/zullen + zijn/hebben+ voltooid deelwoord
De trein zal vanmiddag rond drie uur aangekomen zijn

Slide 12 - Slide

8. (vvtt):
voltooid verleden toekomende tijd
ik zou gewerkt hebben, ik zou gelezen hebben = zou/zouden +zijn/hebben + voltooid deelwoord
De trein zou vanmiddag rond drie uur aangekomen zijn

Slide 13 - Slide

In welke tijd staat de zin:
Het vertrouwde beeld is daarmee verdwenen.
A
Voltooid verleden tijd
B
Onvoltooid verleden tijd
C
Voltooid tegenwoordige tijd
D
Onvoltooid verleden toekomende tijd

Slide 14 - Quiz

In welke tijd staat de zin:
De gevallen stenen zijn gigantisch.
A
Onvoltooid tegenwoordige tijd
B
Voltooid tegenwoordige tijd
C
Voltooid verleden tijd
D
Onvoltooid verleden tijd

Slide 15 - Quiz


Ik heb gitaar gespeeld.
A
ott
B
ovt
C
vtt
D
vvt

Slide 16 - Quiz

In welke tijd staat de zin:
De trein zal naar Roermond zijn vertrokken.
A
Voltooid tegenwoordige tijd
B
Voltooid tegenwoordig toekomende tijd
C
Onvoltooid tegenwoordig toekomende tijd
D
Onvoltooid verleden toekomende tijd

Slide 17 - Quiz

Tijden
blz. 64 opdracht 9 en 10 + totaalopdracht

Slide 18 - Slide

Les 2 april

Slide 19 - Slide