Bio klas 2h/v H10.2 Puberteit

10.2 Puberteit
1 / 19
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 80 min

Items in this lesson

10.2 Puberteit

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Puberteit

Slide 2 - Mind map

This item has no instructions

Leerdoelen
Aan het eind van de les:
  1. Weet je wat primaire, secundaire en tertiaire geslachtskenmerken zijn.
  2. Kan je de primaire en secundaire geslachtskenmerken benoemen.
  3. Kan je uitleggen welke veranderingen er plaatsvinden in de puberteit.
  4. kan je uitleggen welke hormonen voor veranderingen zorgen in de puberteit.
  5. kan je uitleggen wat een transgender is.

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Inhoud
- 5 min start les
- 20 min lesstof behandelen
- 20 min aan het werk
- 5 min nabespreken/afsluiten

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

0

Slide 5 - Video

This item has no instructions

Geslachtskenmerk
  • Geslachtskenmerk: alle kenmerken waaraan je het verschil ziet tussen een jongen en een meisje.
  • Primaire geslachtskenmerken
  1. vanaf geboorte zichtbaar
  2. Jongens: penis en balzak
  3. meisjes: vagina en schaamlippen
  4. tot leeftijd 10 weinig verschil tussen jongen en meisje.

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Geslachtskenmerk
  • Secundaire geslachtskenmerken
  1. lichamelijke verschillen die ontstaan in de puberteit: 10 - 16  jaar.
  2. Beiden: meer zweet- en talgklieren, okselhaar, schaamhaar, groei geslachtsorganen, snelle lengtegroei
  3. Jongens: Baardgroei (lagere stem), borsthaar, groei spieren, hoekiger lichaamsvorm, zaadlozing
  4. meisjes: rondere vormen, borstgroei, breder bekken en ongesteldheid

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Geslachtskenmerk
  • Tertiaire geslachtskenmerken
  1. verschillen in kleding, denken en gedrag tussen jongens en meisjes
  2. kleding
  3. denken
  4. gedrag

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Wat verandert er nog meer?
Groeispurt -> slungelig bewegen
Acne (jeugdpuistjes):
  • komt doordat je huid extra talg aanmaakt
  1. Talg: vettige stof die je huid beschermt en uit poriën naar buiten komt.
  • Bij te veel talg raken de poriën verstopt. -> mee-eters
  1. talgklieren ontstoken -> als er groei bacteriën is in talg. -> puistjes

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Slide 10 - Video

This item has no instructions

Wat verandert er nog meer?
  • Zweet in de puberteit gaat meer ruiken, vooral onder oksels
  1. Zweetklieren onder oksels werken pas in de puberteit.
  2. Veel bacteriën -> zetten zweet om in andere stoffen -> bekende zweetgeur
  • Naast lichamelijke ook geestelijke ontwikkeling
  1. veranderende gevoelens (emoties)
  2. Ontwikkeling eigen identiteit -> wie ben ik? -> nemen van zelfstandige beslissingen.

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

0

Slide 12 - Video

Filmpje over acné
Lichamelijke veranderingen ontstaan onder invloed van?
A
Hormonen
B
Hypofyse
C
Receptor
D
hersens

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions

Welke hormoonklier start de puberteit?

Slide 14 - Open question

This item has no instructions

Door welke hormonen verander je in je puberteit?
De hypofyse maakt hormonen aan die een reactie veroorzaken bij de zaadballen en de eierstokken (doelwitorganen)

Jongens 
- maken in de zaadballen testosteron, het mannelijk geslachtshormoon
Meisjes -  maken de eierstokken oestrogeen, het vrouwelijk geslachtshormoon

Deze geslachtshormonen regelen de secundaire geslachtskenmerken

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Wanneer?
Het tijdstip waarop je geslachtshormonen gaat maken verschilt van persoon tot persoon 

Tabel moet je begrijpen !


Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Wat regelen de geslachtshormonen?
A
Primaire geslachtskenmerken
B
Secundaire geslachtskenmerken
C
Tertiaire geslachtskenmerken
D
Puberteit

Slide 17 - Quiz

This item has no instructions

Transgender
  • Heeft het gevoel de verkeerde primaire en secundaire geslachtskenmerken te hebben.

  • Als je geslacht niet gelijk is aan je gevoel dan heb je een gender-identiteitsstoornis, oftewel genderdysforie.
Dit is niet gelijk aan travestie!

Travestie (af en toe als ander geslacht gedragen, omdat hij/zij dit leuk vindt)

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Transseksueel
Als je echt ongelukkig voelt in je eigen lichaam, kun je je geslacht laten veranderen. 

Dat gebeurt niet zomaar, daarvoor loop je een hele stappenplan doorheen en dit is een lang proces!

Slide 19 - Slide

This item has no instructions