Les 02 - Formuleren hoofdstuk 2

Foutieve samentrekkingen
Formuleren hoofdstuk 2
1 / 10
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 10 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Foutieve samentrekkingen
Formuleren hoofdstuk 2

Slide 1 - Slide

Lesdoelen
Als het goed is, weet je aan het eind van deze les: 
-  waar je op moet letten om te constateren of een samentrekking juist is of niet; 
- hoe je een foutieve samentrekking kunt verbeteren. 

Slide 2 - Slide

De samentrekking
Om een tekst vlotter te laten verlopen, kun je soms delen van woorden, woorden of zinsdelen weglaten. Als je dit doet, is er sprake van een samentrekking. 

Slide 3 - Slide

Voorwaarden voor samentrekking
Om een deel van een woord, woord of zinsdeel weg te mogen laten, moet aan een aantal vereisten voldaan worden. Om een woord weg te mogen laten, moeten: 

- beide woorden moeten dezelfde functie hebben; 
- beide woorden dezelfde betekenis hebben; 
- beide woorden in hetzelfde getal staan. 

Als aan deze drie voorwaarden is voldaan, mag je een deel van een woord, een woord  of een zinsdeel weglaten. 

Slide 4 - Slide

Hoe verbeteren we foutieve samentrekkingen?
- Noteer eerst de woorden die in het tweede deel van de zin zijn weggelaten. 
- Bepaal welke functie, welk getal en welke betekenis het 'overgebleven' zinsdeel heeft.
- Bepaal welke functie, welk getal en welke betekenis het weggelaten zinsdeel heeft.
- Stel vast of de samentrekking correct is of fout (komen functie, betekenis en getal overeen?)

Wanneer een weggelaten zinsdeel niet aan alle drie de voorwaarden voldoet, moet het zinsdeel alsnog in het tweede deel van de zin komen te staan. 

Slide 5 - Slide

Piet is een natuurliefhebber en dan ook vaak in het bos.
A
Juist
B
Onjuist, functie komt niet overeen
C
Onjuist, getal komt niet overeen
D
Onjuist, betekenis komt niet overeen

Slide 6 - Quiz

Wij ontvingen de brief, maar had lang op zich laten wachten
A
Juist
B
Onjuist, functie komt niet overeen
C
Onjuist, getal komt niet overeen
D
Onjuist, betekenis komt niet overeen

Slide 7 - Quiz

De clown trok zijn kleren uit en zich niets van zijn publiek aan.
A
Juist
B
Onjuist, functie komt niet overeen
C
Onjuist, getal komt niet overeen
D
Onjuist, betekenis komt niet overeen

Slide 8 - Quiz

In onze straat wordt een verkeersdrempel aangelegd en huizen gebouwd.
A
Juist
B
Onjuist, functie komt niet overeen
C
Onjuist, getal komt niet overeen
D
Onjuist, betekenis komt niet overeen

Slide 9 - Quiz

Aan de slag
We gaan nu aan het werk! Maak opdracht 2 en 3 van formuleren hoofdstuk 2 op pagina 80 van je boek. 

Slide 10 - Slide