Oefentoets Tweede Wereldoorlog

Oefentoets Tweede Wereldoorlog
1 / 16
next
Slide 1: Slide
Mens & MaatschappijMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

This lesson contains 16 slides, with interactive quizzes and text slide.

Items in this lesson

Oefentoets Tweede Wereldoorlog

Slide 1 - Slide

Wat betekent nationalisme?
A
Beweging voor de afschaffing van slavernij
B
Machtsuitbreiding door gebiedsuitbreiding
C
Trots zijn op eigen land, soms iets te trots
D
Beweging voor het koningschap

Slide 2 - Quiz

Welk begrip past het beste bij de beschrijving?

"Overleg tussen staten".
A
Blitzkrieg
B
Diplomatie
C
Holocaust
D
Invasie

Slide 3 - Quiz

Waar vond D-day plaats?
A
Noord-Afrika
B
Pearl Harbor
C
Stalingrad
D
Normandië

Slide 4 - Quiz

Vul het correcte antwoord in:

In Duitsland bestonden voor de oorlog [...] vooroordelen over Joden.
A
Veel
B
Weinig

Slide 5 - Quiz

Wat betekent antisemitisme?
A
Afschaffing van de slavernij
B
Jodenhaat
C
Vernietiging van de Joden
D
Dat is een militaire aanval ter zee

Slide 6 - Quiz

Wat betekent Blitzkrieg?
A
Jodenhaat
B
Snelle oorlogsvoering
C
Het bombarderen van steden
D
Reclame door de overheid

Slide 7 - Quiz

Wat betekent collaboratie?
A
Bangmakerij
B
Onderduiker
C
Samenwerking
D
Vijandige inval

Slide 8 - Quiz

In 1945 werd de Benelux opgericht. Wat wilden de landen hiermee bereiken?
A
Een gezamenlijke regering van België, Nederland en Luxemburg
B
Een goede samenwerking van de kolenmijnen en staalfabrieken in deze landen
C
Het vervoeren van goederen tussen deze landen zonder grenscontroles
D
Het vormen van een gezamenlijk leger van deze drie landen

Slide 9 - Quiz

In 1952 werd de EGKS opgericht. Voor welke industrie was deze industrie belangrijk?
A
De auto-industrie
B
De oorlogsindustrie
C
De textielindustrie
D
De voedingsindustrie

Slide 10 - Quiz

Wat was de reden voor Europese landen van de EEG om de EU op te richten?
A
Om het gezamenlijke geld eerlijker te verdelen
B
Om samen te werken op het gebied van grenscontroles
C
Om meer afspraken te kunnen maken op allerlei gebieden
D
Om meer democratie in het Europese parlement te krijgen

Slide 11 - Quiz

Wat is de naam van het verdrag waarin de belangrijkste mensenrechten van de VN zijn vastgelegd?
A
De universele verklaring voor de rechten van de mens
B
De Europese verklaring voor de rechten van de mens
C
De universele grondwet
D
De Nederlandse grondwet

Slide 12 - Quiz

Wat is de naam van de organisatie binnen de VN die erop gericht is om oorlogen te voorkomen?
A
De ministerraad
B
De oorlogsraad
C
De veiligheidsraad
D
de vredesraad

Slide 13 - Quiz

Waarom is 4 mei een belangrijke dag in Nederland?
A
Op 4 mei worden de slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog herdacht
B
Op 4 mei worden de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog herdacht
C
Op 4 mei wordt de 80 jarige oorlog herdacht
D
4 mei is geen belangrijke dag maar 5 mei wel

Slide 14 - Quiz

Wat is de belangrijkste reden om de bevrijdingsfestivals te organiseren?
A
in de oorlog werd er soms ook gefeest
B
Om aandacht voor de mensenrechten te vragen
C
Om vrijheid te vieren
D
Om muziek te kunnen maken

Slide 15 - Quiz

Welke twee grond principes hebben we overgehouden aan de twee Wereldoorlogen?
A
Discriminatie is slecht
B
Denk om anderen
C
Oorlog is soms nuttig
D
Nooit meer oorlog, nooit meer Auschwitz

Slide 16 - Quiz