spelling H5volt. en onvolt. dw. les 1 24 mei

24 mei
  • vandaag spelling H4 werkwoorden (vd en odw) uitleg
  • morgen boekbespreking Ties en Reyan
  • huiswerk 25 mei: maken spelling H4 (vd en od)
    tm opdracht 3
1 / 14
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

This lesson contains 14 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

24 mei
  • vandaag spelling H4 werkwoorden (vd en odw) uitleg
  • morgen boekbespreking Ties en Reyan
  • huiswerk 25 mei: maken spelling H4 (vd en od)
    tm opdracht 3

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

  • Herhaling: Voltooid deelwoord.
  • Hoe je een voltooid deelwoord herkent.
  • Hoe je een voltooid deelwoord schrijft.
  • Wat is een onvoltooid deelwoord.
  • Hoe je een onvoltooid deelwoord herkent.
  • Hoe je een onvoltooid deelwoord schrijft.

Wat leren we?

Slide 3 - Slide


Goed of fout? Hij heeft het kind geredt.
A
Goed
B
Fout

Slide 4 - Quiz


Als er staat: Situatie gewijzigd. Welke werkwoordsvorm heeft het woord GEWIJZIGD dan?
A
persoonsvorm
B
hele werkwoord
C
voltooid deelwoord

Slide 5 - Quiz


Is de persoonsvorm hieronder goed of fout geschreven?
Dat geld voor de hele buurt.
A
Goed
B
Fout

Slide 6 - Quiz


Wat is de beste manier om een persoonsvorm in een zin te vinden?
A
De zin in een andere tijd te zetten.
B
De zin vragend te maken.

Slide 7 - Quiz


Welke voltooid deelwoorden staan in deze zin:
Hij is fietsend naar huis gegaan.
A
fietsend
B
gegaan
C
fietsend/ gegaan

Slide 8 - Quiz


Waarop eindigt het voltooid deelwoord in de zin: De docent heeft de toetsen gecorrigeer.....
A
D
B
T
C
DT

Slide 9 - Quiz

Maak het VD langer
afgebrand-afgebrande, dus D
verdeeld-verdeelde, dus D
Of zo:
Neem hele werkwoord-EN
Kijk naar laatste letter
verdelen - verdeel
VerdeeL
Staat die in xtc koffieshop of  t (x) kofschip?
Nee
Nee
dan D- verdeeld
Ja 
dan T
bijv Ontsnappen=ontsnapt
Schrijf een voltooid deelwoord foutloos!

Slide 10 - Slide

 
  • Werkwoorden met stam Z
  • Verhuizen
  • Stam          verhuiz
  • Z niet in  t kofschip.
  • Dus            D erachter.
  • Maak ik-vorm: verhuis
  • Zet D erachter.
  •                    verhuisd
 
  • Werkwoorden met stam V
  • Erven
  • Stam              erv
  • V niet in t kofschip
  • Dus                D erachter.
  • Maak ik-vorm: erf
  • Zet D erachter.
  •                        geërfd


Net even anders

Slide 11 - Slide

  • Er gebeurt iets op dit moment.
  • Hele werkwoord                 D erachter.
  • Je kunt het onvoltooid deelwoord ook voor een zelfstandig naamwoord zetten. Soms moet je er dan een E achter zetten.
  • Lopen                   lopend
Onvoltooid deelwoord

Slide 12 - Slide

Voltooid deelwoord
Onvoltooid deelwoord
Sleep de onderstaande woorden naar het juiste rode vak
slapend
huilend
kijkend
troostend
gapend
gemaakt
beleefd
gestampt
gekocht
geleefd

Slide 13 - Drag question

En nu....
  • morgen boekbespreking Ties en Reyan
  • huiswerk 25 mei: Maken spelling H4 (vd en od)
    tm opdracht 3 digitaal

Slide 14 - Slide