My house

My house

1 / 12
next
Slide 1: Slide
New lesson editorEngelsBasisschoolSpeciaal OnderwijsLeerroute 5Groep 6

This lesson contains 12 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min
Report this lesson

Items in this lesson

My house

Downstairs: beneden

keuken: kitchen

eetkamer: diningroom

woonkamer: livingroom

hal: hall

garage: gagage

tuin: garden

de tuin noemen we een

A

gerdan

B

garden

C

gordon

D

gedren

koken doen we in de

A

keuken

B

garden

C

garage

D

kitchen

downstairs

Upstairs: boven

badkamer: bathroom

toilet: toilet

slaapkamer: bedroom

studeerkamer: study

als ik ga slapen doe ik dat in de

A

bathroom

B

kitchen

C

upstairs

D

bedroom

ik ga naar boven met de

A

strap

B

elevator

C

stairs

D


Welk Engelse woord past bij de badkamer?

A

bathroom

B

window

C

table

D

school

Wat betekent "bathroom" in het Nederlands?

A

de keuken

B

de tuin

C

de badkamer

D

de stoel

badkamer

slaapkamer

keuken

trap

studeerkamer

bathroom

stairs

study

kitchen

bedroom

Opdracht:

Draw your own house and put the words on the wright place in the drawing.


Teken je eigen huis en zet de woorden op de juiste plaats in de tekening.