Les 2: bestuur van de republiek/kunst


De Gouden Eeuw in Nederland
Les 2: bestuur van de republiek / kunst




KGT 2 - Hst 1
Pak je spullen + zitten op de eigen plek
timer
3:00
1 / 69
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 2

This lesson contains 69 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min
Report this lesson

Items in this lesson


De Gouden Eeuw in Nederland
Les 2: bestuur van de republiek / kunst




KGT 2 - Hst 1
Pak je spullen + zitten op de eigen plek
timer
3:00

Slide 1 - Slide

Les 1: Gouden Handel/Amsterdam

De Gouden Eeuw in Nederland
Les 2: bestuur van de Republiek / kunst



KGT 2 - Hst 1

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Titel
Met afbeelding rechts
  • Opsomming
  • Opsomming
  • Opsomming
  • Opsomming

Slide 3 - Slide

Ik krijg vaak de vraag van leraren: moeten scholen streng zijn of een plek waar leerlingen zich geaccepteerd voelen? De PISA-cijfers geven ons duidelijk antwoord: het gaat niet om kiezen tussen strengheid óf verbondenheid, maar om volledige inzet voor beide. Enkel leerlingen die zowel een strenge discipline ervaren als zich thuis voelen, presteren significant beter - zowel op taal als rekenen. Belangrijk daarom om de nadruk op deze warm-strenge aanpak te leggen. Scholen die hierop inzetten, doen dit door zowel strenge schooldiscipline te handhaven als het bevorderen van verbondenheid en het thuisvoelen van leerlingen, ondersteund door gedeelde afspraken en een doordacht schoolcurriculum. Een essentieel aspect hierbij is de erkenning en waardering van culturele, talige, religieuze en genderdiversiteit.
Startopdracht
timer
2:00
Begrip
Betekenis
A. Compagnie
1. Verenigde Oost-Indische Compagnie, voer naar Zuidoost-Azië voor specerijen.
B. VOC
2. Naam van Nederland tussen 1588-1795, toen ons land een republiek was. 
C. WIC 
3. Handelsvereniging.
D. Stapelmarkt
4. West Indische Compagnie, voer naar Afrika en Amerika voor driehoekshandel (o.a. slavernij).
E. Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
5. Plek waar producten tijdelijk worden opgeslagen om daarna te worden doorverkocht. 
Werk alleen. 
Maak de juiste combinaties tussen het begrip (At/m E) en de betekenis (1 t/m 5). Schrijf alleen de letters en cijfers op.

Slide 4 - Slide

Startopdracht met herhaling vorige les. 
Startopdracht
Werk alleen. Vul de onderstaande tekst in. 
Kies uit: droogmakerij - rijk - handelaren - Antwerpen - handel - Schelde - schip - Amsterdam - grachtengordel
Ons land werd in de zeventiende eeuw enorm ...(1)... door de ...(2)... met Indië. De Republiek sloot de rivier de ...(3)... af. Geen ...(4)... kon meer bij ...(5)... komen. ...(6)... werd hierdoor de belangrijkste haven. Veel ...(7)... uit Antwerpen gingen in Amsterdam wonen. Hierdoor werd de ...(8)... gebouwd en kwamen er ...(9)... om voor meer voedsel te zorgen.
timer
2:00

Slide 5 - Slide

Startopdracht met herhaling vorige les. 
Startopdracht
Antwoord:
Ons land werd in de zeventiende eeuw enorm rijk door de handel met Indië. De Republiek sloot de rivier de Schelde af. Geen schip kon meer bij Antwerpen komen. Amsterdam werd hierdoor de belangrijkste haven. Veel handelaren uit Antwerpen gingen in Amsterdam wonen. Hierdoor werd de grachtengordel gebouwd en kwamen er droogmakerijen om voor meer voedsel te zorgen.

Slide 6 - Slide

Klassikaal herhalen en woorden laten opnoemen door bliksembeurten.
Leerdoelen
Aan het eind van deze les...
...kan je de begrippen uitleggen: republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, Staten, Staten-Generaal, regent en stadhouder. (R)
...kan je de twee taken van de stadhouder benoemen. (T1)
...kan je in de stappen van stad naar land uitleggen hoe de Republiek werd bestuurd.
...kan je het verschil in bestuur uitleggen tussen de Staten en de Staten-Generaal. (T1)
...kan je een vergelijking maken met het bestuur van toen en nu. (T2)

Slide 7 - Slide

Leerdoelen benoemen.
Deelvraag
Hoe werd de Republiek bestuurd?

Slide 8 - Slide

Nieuwe paragraaf:
Hst 1.3 Regenten en stadhouders
Deelvraag: Hoe werd de Republiek bestuurd?
De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden was een land zonder koning.
De verschillende gewesten waren de baas en vergaderden in de Staten vergaderingen. 
Staten
Het bestuur van een gewest (provincie).
Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
Naam van Nederland vanaf 1588 na de onafhankelijkheid van Spanje. 

Slide 9 - Slide

Instructie Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Klassikaal opzeggen naam van Nederland toen. 

Misvatting: de naam van de Republiek. 
CVB vragen:
- Wat betekend het woord 'republiek'? 
- Wat is de naam van Nederland tussen 1588-1795?
- Waarom zijn er Zeven?

Indien:
+2/3 goede antwoorden: leerlingen aan elkaar laten uitleggen.
+1/2 goede antwoorden: aantal leerlingen herhalen het goede antwoord. Daarna nog een controlevraag stellen.
-1/2 goede antwoorden: uitleg herhalen, daarna nog een controlevraag. 

Hiermee controleer ik of de misvatting van de naam van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden is verholpen. 
De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
Alleen voor zaken die voor alle gewesten belangrijk waren vergaderden ze samen. Dit noemen we de Staten-Generaal. 
  • Buitenlandse zaken
  • Leger
Staten-Generaal
Hoogste bestuur van de Republiek. Vergadering van de vertegenwoordigers van alle gewestelijke staten samen. 

Slide 10 - Slide

CVB vragen:
- Over welke twee zaken gaan de Staten-Generaal?
- Wat zijn buitenlandse zaken?
- Wat bedoelen we met het 'leger'? Wat voor oorlog was er aan de hand in de Republiek?

Indien:
+2/3 goede antwoorden: leerlingen leggen het antwoord aan elkaar uit.
+1/2 goede antwoorden: klassikaal herhalen goede antwoord, daarna nog een CVB vraag.
-1/2 goede antwoorden: uitleg herhalen, daarna nog een CVB vraag. 
Hier zitten de vertegenwoordigers van de gewesten. De afgevaardigden die met elkaar vergaderen over verschillende buitenlandse zaken of de oorlogsvoering.
Hier zitten de personen met wie de vertegenwoordiger (van het gewest die in het midden zit) overlegd over bepaalde besluiten, voordat deze genomen worden. 
Deze vlaggen zijn van de verslagen vijanden van de Republiek. Het diende als troffee van de gewonnen veldslag of zeeslag.

Slide 11 - Slide

Vertel de leerlingen over de Ridderzaal en dat daar de Staten-Generaal bijeen kwamen om te vergaderen over buitenlandse zaken en oorlogvoering. 

De spreuk op het wapenschild: In het Latijn luidt de spreuk ‘Eendracht maakt macht’ Concordia res parvae crescunt. Letterlijk vertaalt betekent dit: ‘Eendracht doet het kleine groeien’, maar in het Nederlands klinkt het rijmende ‘Eendracht maakt macht’ een stuk beter. 

CVB vragen:
- Hoe heet deze zaal?
- Welke vergadering zit hier?
- Hoe heeft deze zaal nu?

Indien:
+2/3 goede antwoorden: leerlingen aan elkaar laten uitleggen.
+1/2 goede antwoorden: goede antwoorden herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.;
-1/2 goede antwoorden: nog eens herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Schrijf over in je schrift
Bestuur Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 
Staten-Generaal
Staten
Holland
Zeeland
Gelre (=Gelderland)
Groningen (en ommelanden)
Friesland
Utrecht
Overijssel
Steden
afgevaardigden
afgevaardigden
burgemeester

Slide 13 - Slide

Leerlingen schrijven de schematische aantekening over in hun schrift. 

CVB vragen:
- Waaruit bestaat de Staten-Generaal?
- Wat zijn de Staten?
- Was de baan van burgemeester eerlijk gekozen? Leg uit waarom wel/niet.
- Wat is de naam van Nederland tussen 1588-1795?

Indien:
+2/3 goede antwoorden: leerlingen aan elkaar laten uitleggen.
+1/2 goede antwoorden: goede antwoorden herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.;
-1/2 goede antwoorden: nog eens herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.
Wat is de Staten-Generaal (toen)?
A
Een vergadering met de Eerste en Tweede Kamer.
B
Een vergadering met alle gewesten samen.

Slide 14 - Quiz

Herhaling thuis/hw
Hoe heette Nederland toen het een republiek was?
A
Republiek der Nederlanden.
B
Koninkrijk der Nederlanden.
C
Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.
D
Republiek der Zeventien Verenigde Nederlanden.

Slide 15 - Quiz

Herhaling thuis/hw
Wat is een republiek?
A
Een land met een koning
B
Een land zonder koning
C
Een land met een keizer
D
Een land met een tsaar

Slide 16 - Quiz

Herhaling thuis/hw
Stadhouder vs. Raadspensionaris
In de Republiek waren twee belangrijke mensen: de stadhouder en de raadspensionaris. 
De stadhouder wilde zich graag bewijzen in een oorlog. Want dan kon je laten zien hoe goed je was. In tijden van vrede had hij weinig te doen. De stadhouder en de raadspensionaris hadden nog wel eens ruzie.

Slide 17 - Slide

Instructie stadhouder en raadspensionaris. Verschil hiertussen benoemen.

Misvatting: 
Het door elkaar halen van de taak van de stadhouder en de taak van de raadspensionaris.
Schrijf over in je schrift
Bestuur Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 
Staten-Generaal
Staten
Holland
Zeeland
Gelre (=Gelderland)
Groningen (en ommelanden)
Friesland
Utrecht
Overijssel
Steden
afgevaardigden
afgevaardigden
Stadhouder
Raadspensionaris
leider leger
Van Oranje
leider SG en
Buitenlandse Zaken
burgemeester

Slide 18 - Slide

CVB vragen:
- Welke taak had de stadhouder?
- Uit welke familie kwam de stadhouder?
- Welke taak had de raadspensionaris?
- Uit welke familie kwam de raadspensionaris?

Indien:
+2/3 goede antwoorden: leerlingen aan elkaar laten uitleggen.
+1/2 goede antwoorden: goede antwoorden herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.;
-1/2 goede antwoorden: nog eens herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.
Bron: Schrilderij uit 1629. Je ziet Maurits van Oranje met zijn leger. Na de dood van zijn vader werd hij de nieuwe stadhouder.
Maurits van Oranje
Maurits was de tweede zoon van Willem van Oranje. Omdat de oudste zoon was overleden voor hun vader, nam Maurits de titel Stadhouder van zijn vader over.&nbsp;<div>Maurits was erg goed in het aanvoeren van het leger. Hij bedacht allerlei tactieken om zijn lerger zo snel mogelijk te verplaatsen.&nbsp; Zo bedacht hij bijvoorbeeld dat het handig was om onder de wielen van kanonnen houten planken te leggen. Zo kwamen deze niet vast te zitten in de modder.&nbsp;</div>

Slide 19 - Slide

Herhalen beeldbron analyseren met stappen (leerjaar 1).
Regenten
In de gewesten hadden de regenten het voor het zeggen. Dat waren rijke bestuurders. Zoals burgemeesters of wethouders in een stad.
Voor zo'n baan hoefde je alleen uit de goede familie te komen. 
rergent
Bestuurder van een gewest (provincie).
gewest
provincie

Slide 20 - Slide

Instructie:
Regenten en gewesten.

CVB vragen:
- Wie waren regenten?
- Noem een voorbeeld van een regent uit de Gouden Eeuw.
- Vind je het eerlijk hoe hij zijn baan kreeg?

Indien:
+2/3 goede antwoorden: leerlingen aan elkaar laten uitleggen.
+1/2 goede antwoorden: goede antwoorden herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.;
-1/2 goede antwoorden: nog eens herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.
         Bevolking van de Republiek
Hele rijke mensen                                    Regenten
Rijke mensen                                                Handelaren, advocaten                                                                                          en notarissen
                                                                                      Ambachtslieden ,                                                                                                    met eigen winkel

Armen                                                                                 Ongeschoold
Teken de piramide in je schrift

Slide 21 - Slide

Tegelijkertijd met de leerlingen opdracht 6a invullen op blz. 14 van het werkboek (KGT) en blz. 19 (BK).

Daarna volgende dia laten overschrijven.

         Bevolking van de Republiek
Hele rijke mensen                                    Regenten
Rijke mensen                                                Handelaren, advocaten                                                                                          en notarissen
                                                                                      Ambachtslieden ,                                                                                                    met eigen winkel

Armen                                                                                 Ongeschoold
Teken de piramide in je schrift

Slide 22 - Slide

Over laten nemen in het schrift. 
CVB vragen:
- Leg het schema aan elkaar uit. 
- Welke mensen zijn de meest rijke mensen van de Republiek?
- Welke mensen hebben het het slechtst in de Republiek?

Indien:
+2/3 goede antwoorden: het antwoord aan elkaar uitleggen.
+1/2 goede antwoorden: laten herhalen door verschillende leerlingen, nog een CVB vraag stellen.
-1/2 goede antwoorden: nogmaals uitleggen, daarna nog CVB vraag stellen.
Een bron analyseren...
In 5 stappen:
1. Wat zie je op de afbeelding?
2. Wat weet je over de maker, zoals uit welk land hij komt of bij welke groep hij hoort?
3. Wanneer is de afbeelding gemaakt? Was de maker er zelf bij?
4. Heeft de maker iets overdreven of symbolen gebruikt?
5. Heeft de afbeelding een titel of bijschrijft?
Zie blz. 114

Slide 23 - Slide

Herhaling van het analyseren van een bron. Tekst is terug te vinden op blz. 114 in het leerboek KGT 2. 
Adolf en Catharina
  • Stap 1:
    Wat zie je op de afbeelding?
  • Stap 2:
    Welke personen zie je? 
  • Stap 3:
    Andere dingen die je ziet? 
  • Stap 4:
    Conclusie?

Slide 24 - Slide

Herhaling stappen beeldbron analyseren (leerjaar 1).

Slide 25 - Link

Indien er tijd is, kan deze aflevering bekeken worden. 
HW: bekijk de aflevering van "welkom in de Gouden Eeuw: arm en rijk"
Waarover gaat de afleving?
A
Over rijke mensen
B
Over arme mensen
C
Over stinkende mensen
D
Over rijke en arme mensen

Slide 26 - Quiz

Herhaling thuis/hw
Wat aten de rijke mensen in die tijd?
A
Zalm
B
Tonijn
C
Zwaan
D
Rijger

Slide 27 - Quiz

Herhaling thuis/hw
Wat aten de arme mensen in die tijd?
A
Zalm
B
Tonijn
C
Zwaan
D
Rijger

Slide 28 - Quiz

Herhaling thuis/hw
Waar verdienden de rijke mensen heel veel geld mee?
A
Met de handel in graan.
B
Met de handel in specerijen.
C
Met de handel in kaarten.
D
Met de handel in tanden.

Slide 29 - Quiz

Herhaling thuis/hw
Hielden de Nederlanders rekening met de mensen die in Indië woonden?
A
Ja, anders ben je geen mens.
B
Ja, maar niet zo veel.
C
Nee, want waarom zou je.
D
Nee, want die mensen hadden geen leven.

Slide 30 - Quiz

Verdieping voor thuis/hw
Eens of oneens?
Vind je dat de Nederlanders de mensen in Indië goed hebben behandeld?

Slide 31 - Open question

Herhaling mening vormen en argumenteren leerjaar 1
Hoe duur was het poppenhuis van de rijke mevrouw?
A
10.000 gulden
B
15.000 gulden
C
20.000 gulden
D
30.000 gulden

Slide 32 - Quiz

Herhaling thuis/hw
Het poppenhuis van de rijke mevrouw is net zo duur als...
A
Een buitenhuis
B
Een grachtenpand
C
Een kerk
D
Een telefoon

Slide 33 - Quiz

Herhaling thuis/hw
Hoe heette de politie in de Gouden Eeuw?
A
De kikkers
B
De rakkers
C
De kevers
D
De schepenen

Slide 34 - Quiz

Herhaling thuis/hw
- herhaling ME leerjaar 1
Wie was Johan de Witt?
A
Hij was een rakker
B
Hij was een rijke burger
C
Hij was een politicus
D
Hij was een schipper

Slide 35 - Quiz

Verdieping naam van de school.
HW
Wat gebeurde er met Johan de Witt?
A
Hij werd vrijgelaten uit de gevangenis.
B
Hij werd vermoord door burgers.
C
Hij werd gestoken met een mes, maar overleefde de aanval.
D
Hij trouwde met zijn vrouw.

Slide 36 - Quiz

Verdieping naam van de school.
HW
Waren prins Frederik Hendrik en zijn vrouw rijk of arm in de Gouden Eeuw?
A
Zij waren rijk.
B
Zij waren arm.

Slide 37 - Quiz

Herhaling thuis/hw
Schrijf over in je schrift
Bestuur Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 
Bestuur Nederland (nu)
Staten-Generaal
Staten
Holland
Zeeland
Gelre (=Gelderland)
Groningen (en ommelanden)
Friesland
Utrecht
Overijssel
Steden
afgevaardigden
afgevaardigden
Stadhouder
Raadspensionaris
leider leger
Van Oranje
leider SG en
Buitenlandse Zaken
burgemeester
Staten-Generaal
Koning
Eerste Kamer
Tweede Kamer
75 leden
150 leden
Minister-president/kabinet

Slide 38 - Slide

Koppeling leggen met termen van nu.
Verschillen en overeenkomsten benoemen.

CVB vragen:
- Wie is nu het hoofd van Nederland?
- Met wie kan je (nu) de raadspensionaris vergelijken?
- Met wie kan je (nu) de rol van stadhouder vergelijken?
- Hoeveel leden telt de Staten-Generaal?
- Hoe kwam toen een regent aan een baan?
- Hoe komt iemand nu aan een baan?

Indien:
+2/3 goede antwoorden: leerlingen aan elkaar laten uitleggen.
+1/2 goede antwoorden: goede antwoorden herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.;
-1/2 goede antwoorden: nog eens herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.
Aantekening
Hst 1.3
Bestuur Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 
Bestuur Nederland (nu)
Staten-Generaal
Staten
Holland
Zeeland
Gelre (=Gelderland)
Groningen (en ommelanden)
Friesland
Utrecht
Overijssel
Steden
afgevaardigden
afgevaardigden
Stadhouder
Raadspensionaris
leider leger
Van Oranje
leider SG en
Buitenlandse Zaken
burgemeester
Staten-Generaal
Koning
Eerste Kamer
Tweede Kamer
75 leden
150 leden
Minister-president/kabinet

Slide 39 - Slide

Koppeling leggen met termen van nu.
Verschillen en overeenkomsten benoemen.

CVB vragen:
- Wie is nu het hoofd van Nederland?
- Met wie kan je (nu) de raadspensionaris vergelijken?
- Met wie kan je (nu) de rol van stadhouder vergelijken?
- Hoeveel leden telt de Staten-Generaal?
- Hoe kwam toen een regent aan een baan?
- Hoe komt iemand nu aan een baan?

Indien:
+2/3 goede antwoorden: leerlingen aan elkaar laten uitleggen.
+1/2 goede antwoorden: goede antwoorden herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.;
-1/2 goede antwoorden: nog eens herhalen, daarna nog een CVB vraag stellen.
Deelvraag
Hoe werd de Republiek bestuurd?
Vanaf 1588 gingen zeven gewesten verder als republiek. Zij noemden zichzelf De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Elk gewest had een apart bestuur. De afgevaardigden van elk gewest kwamen regelmatig bij elkaar in de Staten-Generaal, te Den Haag (Binnenhof). De voorzitter van deze vergadering was de raadspensionaris. Daar besloten ze over buitenlandse politiek, oorlog en een nieuwe versie van de Bijbel. Daarnaast had de Republiek een stadhouder. Hij had de leiding over het leger en was altijd familie van Willem van Oranje. De stadhouder en de raadspensionaris hadden vaak ruzie.Naast het landelijke bestuur waren burgemeesters en andere regenten belangrijk in de steden. Deze banen bleven ook vaak binnen één familie. Maar niet iedereen had het even goed in de Republiek. Je had een smalle rijke bovenlaag (regenten), daaronder de handelaren, advocaten en dokters. De onderste laag werd gevormd door ongeschoolde mensen en bedelaars.

Slide 40 - Slide

Neem de leerlingen mee in het beantwoorden van de deelvraag. 
- Leerdoelen laten terugkomen.
Deelvraag
Waarom vinden we schilderijen uit de Gouden Eeuw nog steeds mooi?

Slide 41 - Slide

Hst 1.1 deelvraag.
Leerlingen schrijven het volgende op in hun schrift. (antwoord deelvraag aan eind paragraaf)
Hoofdstuk 1 De Gouden Eeuw
Hst 1.1 Gouden handel
Deelvraag: Waarom werden de VOC en WIC opgericht?
Wat valt op aan deze kunst? 

Slide 42 - Slide

Kunst in de Gouden Eeuw (v.l.n.r.)
Boven: Meisje met de Parel - Vermeer / De anatomieles - dr. Nicolaes Tulp / De tandentrekker - Jan Steen
Onder: Stilleven met kazen - Clara Peeters / De vrolijke Toper - Frans Hals / Nachtwacht - Rembrandt van Rijn
Wat valt op aan deze kunst? 
Heronimus Bosch
Tuin der Lusten
Leonardo Da Vinci
Het laatste avondmaal

Slide 43 - Slide

Kunst vóór de Gouden Eeuw (v.l.n.r.)
Boven: Tuin der Lusten - Heronimus Bosch
Onder: Het laatste avondmaal - Leonardo da Vinci
Schrijf over in je schrift
Kunst in de Gouden Eeuw
Tot ong. 1600
Opdrachten van de kerk
- Bijbelse verhalen
- heiligen

Slide 44 - Slide

This item has no instructions

Johannes Vermeer
Het meisje met de parel.&nbsp;
Dr. Nicolaes Tulp
De Anatomieles
Jan Steen
De tandentrekker
Clara Peeters
Stilleven met Kazen
Frans Hals
De vrolijke Toper
Rembrandt van Rijn
De Nachtwacht

Slide 45 - Slide

Kunst in de Gouden Eeuw (v.l.n.r.)
Boven: Meisje met de Parel - Vermeer / De anatomieles - dr. Nicolaes Tulp / De tandentrekker - Jan Steen
Onder: Stilleven met kazen - Clara Peeters / De vrolijke Toper - Frans Hals / Nachtwacht - Rembrandt van Rijn
Johannes Vermeer
Het meisje met de parel.&nbsp;
Dr. Nicolaes Tulp
De Anatomieles
Jan Steen
De tandentrekker
Clara Peeters
Stilleven met Kazen
Frans Hals
De vrolijke Toper
Rembrandt van Rijn
De Nachtwacht

Slide 46 - Slide

Kunst in de Gouden Eeuw (v.l.n.r.)
Boven: Meisje met de Parel - Vermeer / De anatomieles - dr. Nicolaes Tulp / De tandentrekker - Jan Steen
Onder: Stilleven met kazen - Clara Peeters / De vrolijke Toper - Frans Hals / Nachtwacht - Rembrandt van Rijn
Schrijf over in je schrift
Kunst in de Gouden Eeuw
Tot ong. 1600
Opdrachten van de kerk
- Bijbelse verhalen
- heiligen
Na ong. 1600
Opdrachten van rijke kooplieden en regenten
- landschappen
- portretten
- stillevens (voorwerpen)
- zeegezichten

Slide 47 - Slide

This item has no instructions

Gebonden aan tijd en plaats
De tijd waarin je leeft en de plaats waarin je woont heeft invloed op hoe jij (of anderen denken). 

Gevolg: mensen kunnen over dezelfde gebeurtenis verschillende meningen hebben, ook al leven zij in dezelfde tijd en op dezelfde plaats.

Slide 48 - Slide

This item has no instructions

Schrijf over in je schrift
Kunst in de Gouden Eeuw
Tot ong. 1600
Opdrachten van de kerk
- Bijbelse verhalen
- heiligen
Na ong. 1600
Opdrachten van rijke kooplieden en regenten
- landschappen
- portretten
- stillevens (voorwerpen)
- zeegezichten
Vaardigheid: de tijd waarin je leeft en de plaats waarin je woont heeft invloed op hoe jij denkt 
> gebonden aan tijd en plaats

Slide 49 - Slide

This item has no instructions

Aantekening hst 1.4
Kunst in de Gouden Eeuw
Tot ong. 1600
Opdrachten van de kerk
- Bijbelse verhalen
- heiligen
Na ong. 1600
Opdrachten van rijke kooplieden en regenten
- landschappen
- portretten
- stillevens (voorwerpen)
- zeegezichten
Vaardigheid: de tijd waarin je leeft en de plaats waarin je woont heeft invloed op hoe jij denkt 
> gebonden aan tijd en plaats

Slide 50 - Slide

This item has no instructions

Deelvraag
Waarom vinden we schilderijen uit de Gouden Eeuw nog steeds mooi?

Het ontwerp van schilderijen veranderde tijdens de Gouden Eeuw van kunst in opdracht van de kerk naar kunst in opdracht van regenten en rijke kooplieden. De onderwerpen veranderden ook: landschappen, zeegezichten, portretten en stillevens. 
We vinden dit nog steeds mooi/interessant, omdat het over alledaagse dingen ging en mensen niet stijf poseerden voor een portret. 

Slide 51 - Slide

This item has no instructions

Begrippen uit deze les
Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
Staten
Staten-Generaal (toen/nu)
 Stadhouder
Regent
Eerste Kamer
Tweede Kamer

Slide 52 - Slide

Leerlingen schrijven deze begrippen over aan het eind van hun schrift. (Dubbelgevouwen over de lengte.) Daarna de betekenissen van begrippen herhalen.
Jaartallen uit deze les
1588-1795: Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
1533-1584: Willem van Oranje
1567-1625: Maurits van Oranje

Slide 53 - Slide

Leerlingen schrijven de jaartallen bij op hun tijdlijn.
Herhaling hst 1.3 en 1.4
herhaling leerdoelen en begrippen

Slide 54 - Slide

This item has no instructions

Wat is de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden?
A
De naam van Nederland vanaf 1588.
B
De naam van Nederland vanaf 1500.
C
De naam van Nederland vanaf 1600.
D
De naam van Nederland vanaf 1795.

Slide 55 - Quiz

This item has no instructions

Wat zijn de Staten?
A
Dat zijn de vergaderingen van alle gewesten samen.
B
Dat is de vergadering van een gewest.
C
Dat is een vergadering van een stad.
D
Dat is een vergadering van een dorp.

Slide 56 - Quiz

This item has no instructions

Wat zijn de Staten?
A
Dat zijn de vergaderingen van alle gewesten samen.
B
Dat is de vergadering van een gewest.
C
Dat is een vergadering van een stad.
D
Dat is een vergadering van een dorp.

Slide 57 - Quiz

This item has no instructions

Welke taak heeft een stadhouder?
A
Hij heeft de leiding over de Staten-Generaal.
B
Hij heeft de leiding over een gewest.
C
Hij heeft de leiding over het leger.
D
Hij heeft de leiding over een stad.

Slide 58 - Quiz

This item has no instructions

Wat is een regent?
A
Dat is een rijke burger.
B
Dat is een arme burger.
C
Dat is een hamburger.
D
Dat is iemand die regeert.

Slide 59 - Quiz

This item has no instructions

Leg uit hoe de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden werd bestuurd.

Slide 60 - Open question

This item has no instructions

Welke overeenkomst is er tussen het bestuur van de Republiek en het bestuur van Nederland nu?

Slide 61 - Open question

This item has no instructions

Zijn er verschillen tussen het bestuur van de Republiek en het bestuur van Nederland nu? Welke?

Slide 62 - Open question

This item has no instructions

Welke taak had de stadhouder?
Uit welke familie kwam deze?

Slide 63 - Open question

This item has no instructions

Welke taak had een regent?

Slide 64 - Open question

This item has no instructions

Wat waren de verschillen tussen arme en rijke mensen in de zeventiende eeuw in Nederland?

Slide 65 - Open question

This item has no instructions

Op welke manier veranderde de kunst in de Gouden Eeuw?

Slide 66 - Open question

This item has no instructions

Bekijk in je leerboek bron 7, 8, 10, 11, 12, 13, 14, 15 en 16.

Welk van deze schilderijen vind jij het mooist? Is het een landschap, zeegezicht, portret of stilleven? Noem minimaal 2 dingen waarom je dit schilderij mooi vindt.

Slide 67 - Open question

This item has no instructions

Leg uit dat hoe iemand denkt gebonden is aan de tijd waarin iemand leeft en plaats waar iemand woont.


Slide 68 - Open question

This item has no instructions

Verwerking van lesstof
Lees in je leerboek hst 1.3 en bekijk de bronnen.
Maak alle vragen van hst 1.3 in je werkboek. 

Lees in je leerboek hst 1.4 en bekijk de bronnen.
Maak alle vragen van hst 1.4 in je werkboek. 

Bekijk in LessonUp nog een keer deze les en maak als extra oefening daar de opdrachten. 

Slide 69 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen