Taalbewustzijn & taalfamilies

Taalfamilies
1 / 34
next
Slide 1: Slide
TaalMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Taalfamilies

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Video

Slide 3 - Video

Slide 4 - Link

Vragen

Slide 5 - Mind map

Slide 6 - Link

Inleiding
  • Welke talen spreek jij al of wil je nog spreken?
  • Wat weet je al over de meest gesproken talen ter wereld, en welke verschillen/overeenkomsten zijn er tussen talen?
  • Hoe leer je eigenlijk een vreemde taal?
  • Welke rol speelt jouw motivatie bij het leren van een vreemde taal?
  • Wat zijn taalfamilies?
  • Welke talen herken je sneller, en hoe komt dat?

Slide 7 - Slide

Wat gebeurt er...
  • Wat gebeurt er met jou als je wordt aangesproken in een vreemde taal? 

(voorbeeld: een Spaans/Duits persoon vraagt jou in het Spaans/Duits waar het station is)

  • En hoe komt dat?

Slide 8 - Slide

Brainstorm
  • Welke talen spreek ik?
  • Welke talen begrijp ik?
  • Welke talen worden in mijn gezin/familie gesproken?
  • Welke talen ken ik van vakantie?
  • Welke talen wil ik graag leren en hoezo?
  • Welke talen vind ik mooi, grappig, raar…?
timer
5:00

Slide 9 - Slide

Taalportret
  • Wat is een taalportret?

Slide 10 - Slide

Taalportret
Bedenk welke talen/dialecten jij met je familie, vrienden, buren, leerkrachten, etc. spreekt en welke talen je leuk vindt of misschien nog zou willen leren. 
Welke kleuren vind je bij deze talen passen? 

Bijvoorbeeld: de taal voor liefde is rood en zit in je hart, de Engelse taal is
blauw en zit in je arm

Kleur het poppetje zo in dat al jouw talen erin voorkomen. In de legenda naast het poppetje geef je aan welke kleur voor welke taal staat. In de regels bij ‘toelichting’ kun je meer uitleg geven over je talen en kleuren.
timer
15:00

Slide 11 - Slide

Taalportret
  1. Leg je taalportret op tafel
  2. Loop (2 min.) rond en bekijk de taalportretten van al je klasgenoten
  3. Schrijf op een vel papier de namen van 5 klasgenoten van wie je graag meer informatie zou willen hebben over het taalportret. 
  4. Klaar? Terug op je plek, we gaan stemmen.....


timer
2:00

Slide 12 - Slide

Taalportret
Nummer 1: ____________________
Nummer 2: ____________________
Nummer 3: ____________________
Nummer 4: ____________________
Nummer 5: ____________________

Waarom denk je dat klasgenoten nieuwsgierig zijn naar
jouw taalportret?

  • Wat betekenen de verschillende talen voor jou?
  • Welke taal zit er in jouw hart en waarom?

Slide 13 - Slide

Welke taal/talen of dialect(en) spreek jij?

Slide 14 - Mind map

Talen algemeen
Algemene talen quiz (Lesson Up)

Let op!
  • Timer 20-30 sec. bij meerkeuzevragen.


Slide 15 - Slide

Hoeveel talen worden er op de wereld gesproken?
A
Tussen de 1000 en 2000
B
Ongeveer 1 miljoen
C
Tussen de 7000 en 8000
D
Ongeveer 10 miljoen

Slide 16 - Quiz

Talen algemeen
1. Hoeveel talen worden er op de wereld gesproken?
  • Tussen de 7000 en 8000 talen
  • Hangt er vanaf (definitie 'taal', reken je 'dialecten' mee?)
  • Regelmatig nieuwe talen ontdekt én talen sterven uit

Slide 17 - Slide

Top 3 van de meest gesproken talen (als moedertaal).
A
Chinees, Spaans en Engels.
B
Frans, Spaans en Engels.
C
Spaans, Duits en Engels
D
Chinees, Frans en Spaans.

Slide 18 - Quiz

Top 3 van de meest gesproken talen ter wereld.
A
Engels, Chinees en Hindi.
B
Chinees, Engels en Frans.
C
Frans, Chinees en Hindi.
D
Spaans, Chinees en Hindi.

Slide 19 - Quiz

Wat is het verschil tussen een taal en een dialect?

Geef een voorbeeld.
timer
1:00

Slide 20 - Open question

Talen algemeen
3. Het verschil is niet makkelijk aan te geven, volgens het Van Dale woordenboek is een dialect een “in een bepaalde streek gesproken taal, afwijkend van de standaardtaal”.

Maar Fries wordt beschouwd als een taal, omdat het een gestandaardiseerde grammatica en woordenschat heeft. 

Dialecten bij ons in de buurt:
  • Fries
  • Aalsmeers
  • Jordanees 

Slide 21 - Slide

4. Sleep de taal (blauw) naar het juiste schrift (rood).
Grieks
Russisch
Chinees
Latijn
Hebreeuws
Arabisch

Slide 22 - Drag question

Talen leren
Opdracht: Leer in 5 minuten zoveel mogelijk* van de onderstaande maanden van het jaar.

*Route 1: Kies de bovenste 5 maanden en leer deze.
**Route 2: Probeer álle maanden te leren. 

Klaar? Vul opdracht 1 in (boekje)
timer
5:00

Slide 23 - Slide

Taalfamilies

Slide 24 - Mind map

Taalfamilies
De Indo-Europese taalfamilie

Slide 25 - Slide

Slide 26 - Slide

Taalfamilies

Slide 27 - Slide

Taalfamilies

Slide 28 - Slide

Taalfamilies
Zoek aan de hand van de getallen 1-10 de talen die op elkaar lijken (opdr. 2).

A. Schrijf de naam op van de Indo-Europese
taalfamilie. Kies uit: Germaans, Romaans,
Slavisch en Indo-Iraans.

B. Schrijf de naam van de talen op.
Kies uit: Frans, Urdu, Perzisch, Duits, Engels,
Pools, Spaans, Dothraki, Tsjechisch, Klingon,
Koerdisch, Kroatisch, Nederlands en Roemeens.
LET OP! Er blijven 2 over ('rest').

timer
5:00

Slide 29 - Slide

Taalfamilies
Ik voel een voet
1. ________
2. ________
3. ________
4. ________
5. ________
6. ________
7. ________
8. ________

Kies uit: Duits, Frans, Nederlands, Portugees, Turks, Bulgaars, Chinees, Ijslands

Slide 30 - Slide

Taalfamilies
Ik voel een voet (antwoorden)

1    Nederlands
2    Duits
3    Turks
4    Portugees
5    Frans
6    IJslands
7    Bulgaars
8    Chinees



Slide 31 - Slide

Taalfamilies
Woeste Willem
1. ________
2. ________
3. ________
4. ________
5. ________
6. ________

Kies uit: Macedonisch - Engels - Papiaments (Taal ABC-eilanden) - Drents - Frans - Tigrinya (Taal uit Ethiopië)

Slide 32 - Slide

Taalfamilies
Woeste Willem (antwoorden)

1    Tigrinya
2    Papiaments
3    Engels
4    Drents
5    Frans
6    Macedonisch



Slide 33 - Slide

Taalfamilies (opdracht)
  • Je werkt in tweetallen.
  • Je krijgt een blad met een woord 'water', deze staat in verschillende talen op het papier.
  • Verdeel de woorden onder de juiste taalfamilies. 


Slide 34 - Slide