naar school
werkboek
2.3.
naar school
werkboek
2.3.
de kast
de klok
de prullenbak
het bureau
de kruk
de gang
de la / het laatje
het eten
(het broodje)
het drinken
de fles
eten
drinken
de jas
opruimen
de stoel
vragen
de trap
samenwerken
leren
sporten
lezen
rennen
luisteren
luisteren
praten
rekenen
zitten