Voorbereiding T3 PWW Herfst

Voorbereiding PWW Herfst
1 / 20
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Voorbereiding PWW Herfst

Slide 1 - Slide

Signaalwoorden
In het proefwerk moeten jullie in zeven zinnen de signaalwoorden aangeven en het daarbij behorende (8!) tekstverband kunnen noemen. 
- Zie het schema op pagina 103: leer dit uit je hoofd! -
- Zie ook de Powerpoint presentatie in Classroom

Slide 2 - Slide

De 8 tekstverbanden
1. Opsomming (ten eerste, ten tweede, bovendien, tot slot...)
2. Tegenstelling (maar, echter, toch, enerzijds/anderzijds...)
3. Reden (omdat, want, daarom, immers...)
4. Voorbeeld (zo, zoals, bijvoorbeeld, als voorbeeld...)
5. Oorzaak-gevolg (daardoor, hierdoor, doordat...)
6. Middel-doel (zodat, om, door middel van, met als doel om...)
7. Voorwaarde (als, indien, wanneer, op voorwaarde dat...)
8. Conclusie (dus, al met al, kortom, concluderend...)

Slide 3 - Slide

Noem het signaalwoord en het tekstverband?

'Vorig jaar werkte ik drie avonden in de week, maar daar heb ik nu geen tijd meer voor.'
A
Vorig jaar, opsomming
B
Maar, tegenstelling
C
Daar, middel-doel
D
Nu, reden

Slide 4 - Quiz

Noem het signaalwoord en het tekstverband?

'Omdat ik niet zo goed ben in lezen, hoef ik in de klas nooit voor te lezen.'
A
Hoef, oorzaak-gevolg
B
Nooit, tegenstelling
C
Omdat, reden
D
In de klas, voorbeeld

Slide 5 - Quiz

Noem het signaalwoord en het tekstverband?

'Mijn broer kan heel goed tekenen. Bovendien is hij een groot talent in voetballen.'
A
Heel goed, voorwaarde
B
Bovendien, opsomming
C
Een groot talent, voorbeeld
D
Bovendien, oorzaak-gevolg

Slide 6 - Quiz

Noem het signaalwoord en het tekstverband?

'Ik doe goed mijn best op school, zodat ik later kan gaan doen wat ik wil.'
A
Zodat, voorwaarde
B
Een groot talent , opsomming
C
Een groot talent, voorbeeld
D
Zodat, middel-doel

Slide 7 - Quiz

Noem het signaalwoord en het tekstverband?

'De leerlingen mogen eerder gaan, mits zij zich goed gedragen in het museum.'
A
Zich, reden
B
Mits, reden
C
Mits, voorwaarde
D
Zich, voorwaarde

Slide 8 - Quiz

Voorbereiding PWW Herfst

Slide 9 - Slide

Objectief/Subjectief
In het proefwerk moeten jullie van zes argumenten aangeven of deze objectief of subjectief zijn. 
- Zie Powerpoint presentatie in Classroom en geel tekstvlak op pagina 152 

Slide 10 - Slide

Tijdens een bezoek aan Amsterdam kun je naar het Rijksmuseum gaan en een rondvaart maken door de grachten.
A
Objectief
B
Subjectief

Slide 11 - Quiz

Als Freek en Suzan naar het Eurovisie Songfestival zouden gaan, zouden wij waarschijnlijk winnen: hij zingt fantastisch!
A
Objectief
B
Subjectief

Slide 12 - Quiz

De minister van Cultuur is van mening dat iedere jongere minimaal drie keer per jaar een bezoek moet brengen aan het theater.
A
Objectief
B
Subjectief

Slide 13 - Quiz

Uit onderzoek van de Universiteit Nijmegen is gebleken dat het lezen van boeken bijdraagt aan het begrijpen van de wereld om ons heen.
A
Objectief
B
Subjectief

Slide 14 - Quiz

Het lezen van veel boeken zorgt ervoor dat je het leven beter begrijpt.
A
Objectief
B
Subjectief

Slide 15 - Quiz

Voorbereiding PWW Herfst

Slide 16 - Slide

Leesvaardigheid
In het proefwerk krijg je een tekst met daarbij 15 vragen. De volgende begrippen moet je hiervoor kennen:
Schrijf/tekstdoel, feit/mening, de manieren om een inleiding/slot te schrijven, hoofdgedachte, kernzin, hoofdzaak/bijzaak, tekstverbanden, verwijswoorden, publiek
 

Slide 17 - Slide

Ter voorbereiding op het pww
Je kunt het volgende doen om je goed voor te bereiden op het proefwerk: 

- Bestudeer de Powerpoint presentaties in Classroom én de gele theorieblokken uit het boek zorgvuldig!
- Maak gebruik van de Quizlet in Classroom! Leer de begrippen!
- Leer het schema met de tekstverbanden uit je hoofd (pagina 103)!!
- Oefen een keer een tekst uit het boek (Opdr. 5, pagina 107, is de beste voorbereiding)

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide