Les 7: Leefstijlprogramma

Les 7: 
Deel 1
45 minuten
1 / 30
next
Slide 1: Slide
VerzorgingMBOStudiejaar 1

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

Les 7: 
Deel 1
45 minuten

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Aanwezigheidsregistratie
Aanwezigheid zal door de docent geregistreerd worden. Aanwezigheid kan meerdere malen tijdens de les worden gedaan. Bij vroegtijdig verlaten van de les, zonder geldige reden, zal je op 'ongeoorloofd afwezig' staan.



Ben je te laat? Geef dit dan door aan het einde van de les aan de docent. Dit is jouw verantwoordelijkheid.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Programma
Activiteit 
Tijd in minuten 
Intro, AWR en lesdoelen
10
Terugblik vorige les 
5
Theorie + opdrachten 
30
Intro les 2
5
Theorie + opdrachten 
30
Evaluatie en afsluiten les 
10

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Lesdoelen
Aan het einde van de les:
- Kunnen de studenten de relevante wetten omtrent medicatie herkennen. (O)
- Kunnen de studenten uitleggen waarom een medicatiebeleid voor een organisatie van belang is. (B)

Relevantie: 
Medicatie heeft invloed op je lichaam, denken en voelen. Als MZ'ers hebben we de taak om hier dus secuur mee om te gaan. Op je stage ga je zien wat de invloed is van medicatie op de levens van je cliënten. In deze les krijg je kennis om zo het gesprek je cliënt over medicatie aan te kunnen gaan. 









Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Om tot een diagnose te komen doet de arts of ggz-psycholoog onderzoek.
Hoe heet dit vraaggesprek met de cliënt?
A
MDO
B
anamnese
C
Consult
D
classificatie

Slide 6 - Quiz

This item has no instructions

Wat zijn hoofdtaken van een psychiater?
A
Geeft therapie en gaat in gesprek over trauma's
B
Behandelt ernstige psychische stoornissen en schijft behandelplannen.
C
Behandelt ernstigere aandoeningen en mag medicatie voorschrijven.
D
Voert gesprekken met de cliënt en regelt de administratie

Slide 7 - Quiz

This item has no instructions

Begeleidingsactiviteiten zijn alle handelingen die gericht zijn op het ondersteunen van de cliënt bij...
A
Zelfzorg, wonen en participatie.
B
Wonen, schoonmaken en lichamelijke verzorging.
C
Participatie, zelfredzaamheid en motivatie.
D
Participatie, eigenaarschap en wonen.

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

Les over medicatie

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Aan het einde van de les:
Kunnen de studenten de relevante wetten omtrent medicatie herkennen. (O)
Als begeleider mag je niet zomaar medicijnen verstrekken, adviseren of toedienen. 
Je hebt rekening te houden met de geldende wetgeving en de afspraken die gelden binnen de instelling. Deze afspraken zijn vastgelegd in het medicatiebeleid van de organisatie.
In het medicatiebeleid is ook te vinden wanneer je bevoegd en bekwaam bent om medicatie te verstrekken. 

Iedereen die iets doet met medicatie moet zich hieraan houden aan deze wetten:
  • Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG)
  • Geneesmiddelenwet
  • Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz).

In de komende slides bespreken we deze wetten. 


Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Wet beroepen in de gezondheidszorg

BIG is de afkorting van Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg. 

De wet is gericht op individuele beroepsbeoefenaren. Bijvoorbeeld: verpleegkundigen, artsen, apotheek en fysiotherapeut. 
Het gaat in deze wet voornamelijk om beroepen in de gezondheidszorg. 
Welzijnsberoepen, zoals begeleider in de maatschappelijke zorg, worden niet genoemd.

Mantelzorgers zijn geen beroepsbeoefenaren en vallen daarom niet onder deze wet. 


Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Geneesmiddelenwet
In deze wet wordt aangegeven welke middelen als geneesmiddel mogen worden aangemerkt. De wet gaat ook in op de rol van de arts en de apotheker, en op de vraag welke geneesmiddelen door bijvoorbeeld een drogist verkocht mogen worden. 

Voedingssupplementen, zoals vitaminen en mineralen, zijn geen geneesmiddelen volgens deze wet. De verkoop daarvan is daarom aan minder strenge regels gebonden.

Slide 12 - Slide

In de Geneesmiddelenwet is vastgelegd voor welke medicijnen een recept nodig is.
Hierin zijn vier categorieën te onderscheiden:
Medicijnen die alleen onder toezicht van een bekwaam beroepsbeoefenaar gebruikt mogen worden, door de verhoogde kans op bijwerkingen.
Medicijnen waarbij verslaving kan optreden.
Medicijnen die nog niet lang op de markt zijn. Deze medicijnen worden onder toezicht geplaatst omdat de precieze werking en de mogelijke bijwerkingen nog niet bekend zijn.
Medicijnen die via een injectie toegediend moeten worden.
Kan je melatonine bij een drogist kopen of moet je dan naar de apotheek?
A
Drogist
B
Apotheek

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions

Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz)
Organisaties moeten kwalitatief goede zorg leveren in een veilige omgeving voor de cliënt. Deze zorg moet verleend worden door zorgverleners die deskundig zijn. Dit wordt geregeld in de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg. 

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Medicatiebeleid instelling
Het medicatiebeleid van een organisatie omvat alle regelingen en protocollen op het gebied van medicatie. Hierin staan de verantwoordelijkheden en taken van artsen, apothekers en andere beroepsbeoefenaren (BIG). Ook de  procedures voor bestellen, bewaren, distributie en toedienen van medicijnen staat hierin. Daarbij de procedures voor het melden van medicatie-incidenten. 

Verstrekken van medicatie
Om medicatie te verstrekken moet je bekwaam zijn, dan moet je kennis hebben over: 

  • het medicatiebeleid van de organisatie
  • de werking en bijwerkingen van de meest gebruikte medicijnen
  • bewaarcondities
  • de verschillende toedieningsvormen en toedieningswijzen
  • het distributiesysteem
  • protocollen over medicatiebeleid, vooral de melding van medicatie-incidenten.
Kunnen de studenten uitleggen waarom een medicatiebeleid voor een organisatie van belang is. (B)

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Kunnen de studenten uitleggen waarom een medicatiebeleid voor een organisatie van belang is. (B)
5 J's: veilig medicatie verstrekken (checklist tijdens verstrekken van medicatie). 

  1. Juiste medicijn
  2. Juiste cliënt
  3. Juiste tijdstip
  4. Juiste manier van toedienen
  5. Juiste dosis

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Klassikaal: waar vind je op deze afbeelding de 5j's? 
  1. Juiste medicijn
  2. Juiste cliënt
  3. Juiste tijdstip
  4. Juiste manier van toedienen
  5. Juiste dosis.

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Praktijksituatie 
De situatie: Een cliënt met medicatieverslaving komt bij jou zijn slaapmedicatie ophalen. Waar let jij op dat jij de medicatie veilig verstrekt? 

Tijd: Max. 10 minuten 
Hoe: In een groepje van 3/4 studenten bespreek je waar jullie op letten. 1 student schijft mee. 
Hulp: Elkaar, denk aan de 5J's en internet/AI
Uitkomst: Jullie hebben van elkaar geleerd hoe je een cliënt in deze situatie begeleid. 
Klaar: Ga verder met je eindopdracht 
Wat: Als groepje bespreek je waar je op moet letten als je medicatie geeft aan iemand met een verslaving voor dit middel. Let erop dat de cliënt de medicatie inneemt. 


Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Nabespreken opdracht
Je let op de 5 J's!
Je let erop dat de medicatie wordt ingenomen:
  • De client kan medicatie onder zijn tong/of in de mond verstoppen en zo medicatie opsparen. 
  • De cliënt kan de medicatie aannemen en in zijn mouw verstoppen. 
  • De cliënt kan medicatie in zijn sok/schoen verstoppen. 

Belangrijk is dus dat je de juiste dosering geeft aan deze cliënt en erop let dat zij daadwerkelijk de medicatie doorslikken. 
Soms kan het zelf protocol zijn dat de cliënt na het innemen van medicatie zijn mond open doet en zijn tong uitsteekt. 

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Lesdoelen check 
Aan het einde van de les:
- Kunnen de studenten de relevante wetten omtrent medicatie herkennen. (O)
- Kunnen de studenten uitleggen waarom een medicatiebeleid voor een organisatie van belang is. (B)

1. Schrijf de 3 wetten op die tijdens deze les zijn besproken.
2. Mag je na het behalen van je MZ-diploma medicatie geven? Waarom denk je van wel/niet?


Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Les 7: 
Deel 2

45 minuten

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Lesdoelen 
Aan het einde van de les: 
- Kunnen de studenten beschrijven hoe ze op de juiste wijze medicatie toedienen. (O)
- Kunnen de studenten herkennen welke soort medicatie bij welk psychisch probleem wordt toegepast en wat de werking is. (O)

Relevantie:
Medicatie heeft invloed op je lichaam, denken en voelen. Als MZ'ers hebben we de taak om hier dus secuur mee om te gaan. Op je stage ga je zien wat de invloed is van medicatie op de levens van je cliënten. In deze les krijg je kennis om zo het gesprek je cliënt over medicatie aan te kunnen gaan. 

Slide 22 - Slide

Je kunt de studenten laten dobbelen met een dobbelsteen of de studenten een nummer laten trekken.

Kunnen de studenten beschrijven hoe ze op de juiste wijze medicatie toedienen. (O)


Medicatie komt in verschillende vormen: tablet, dragee, capsule, drankje, poeder enz.
Dit komt omdat medicatie op verschillende manieren kan worden toegediend: via neus, mond, oor, anaal, oog, huid enz.

De reden van toedienen kan anders zijn omdat de medicatie op een bepaalde plek in het lichaam een bepaald probleem moet oplossen. 

Om meer te leren over welke toetsingsvormen er zijn en hoe die gebruikt moeten worden gaan we een puzzel maken... 


Slide 23 - Slide

12.2. Onderverdeling van medicijnen
Medicijnen kun je op verschillende manieren onderverdelen:
Indeling op basis van gebruik: met welk doel wordt het medicijn gebruikt? Preventief, genezend, symptoombestrijding, herstellend of aanvullende van tekorten.
Indeling op basis van werkingsgebied: op welke manier en waar in het lichaam werkt het medicijn?(pijnstillers, antibiotica, orgaanspecifieke medicijnen, psychofarmaca, hormonen, slaapmiddleen)
Kunnen de studenten beschrijven hoe ze op de juiste wijze medicatie toedienen. (O)
Tijd: Max. 10 minuten
Hoe: In hetzelfde groepje als de opdracht van de vorige les maak je de puzzel. 
Hulp: Elkaar, tip: begin bij degene die al wel weet. 
Uitkomst: Jullie weten welke toedieningsvorm er bij welke toedieningsweg past. 
Klaar? Ga je kort werken aan de eindopdracht. 
Wat: als groepje verdeel je de speelkaartjes op tafel. Rood: Toedieningswegen 
en Blauw: Toedieningsvormen. Je gaat de juiste vorm bij de juiste weg leggen. Als je klaar bent laat je de kaartjes zo liggen en gaan we de opdracht klassikaal bespreken. 
timer
10:00

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Kunnen de studenten herkennen welke soort medicatie bij welk psychisch probleem wordt toegepast en wat de werking is. (O)
Psychofarmaca is de overkoepelende naam voor medicatie bij psychische problematiek. 
De medicatie beïnvloed het: denken, voelen en handelen. 
Deze medicijnen mogen alleen worden voorgeschreven door een arts of psychiater.


Er zijn vier hoofdgroepen:
  • kalmerende medicijnen
  • stimulerende medicijnen
  • medicijnen die de stemming beïnvloeden
  • antipsychotische medicijnen.

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Kunnen de studenten herkennen welke soort medicatie bij welk psychisch probleem wordt toegepast. (O)
Soort medicijn
Voorgeschreven bij:
Kalmerende medicijnen
Angststoornissen en 
slaapstoornissen.
Stimulerende medicijnen
ADHD en 
narcolepsie.
Antidepressiva en
stemmingsstabilisatoren.
Depressie, 
angststoornissen en 
bipolaire stemmingsstoornis
Antipsychotica
Psychose: wanen, hallucinaties en denkstoornissen. Schizofrenie

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Lesdoelen check 
Aan het einde van de les: 
- Kunnen de studenten beschrijven hoe ze op de juiste wijze medicatie toedienen. (O)
- Kunnen de studenten herkennen welke soort medicatie bij welk psychisch probleem wordt toegepast. (O)

Controle vragen: 
- Benoem 3 manieren hoe je medicatie kan innemen en 3 vormen van toediening.
- Benoem de 4 hoofdgroepen psychofarmaca.  

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Vragen??

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Lesweek 3: voedingsallergie/intolerantie en Eetstoornissen, blz 397 uit Mensen
Les 4: voedingsstoornissen en Slaap en waakstoornissen, thema 17 uit Mensen
Les 5: Randvoorwaarden bij begeleidingsactiviteiten? thema 13 Methodisch begeleiden?
Les 6: Thema 6, Mensen; Aandoeningen diagnosticeren en classificeren?
Les 7 en 8: Medicatie, thema 11, 12 en 19 uit Mensen
Les 9: Psycho-educatie/voorlichting en advies geven, thema 8 uit communicatie en gedrag
Les 10: Afronding en eventueel toets

Slide 30 - Slide

This item has no instructions