4.2/6.3 Migratie naar Nederland

Basis: Hoofdstuk 4
Kader: Hoofdstuk 6



PLURIFORME SAMENLEVING
1 / 14
next
Slide 1: Slide
MaatschappijleerMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

This lesson contains 14 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Basis: Hoofdstuk 4
Kader: Hoofdstuk 6



PLURIFORME SAMENLEVING

Slide 1 - Slide

B: § 4.2 Verhuizen naar een ander land
K: § 6.3 Migratie naar Nederland


Slide 2 - Slide

PLURIFORM =
VEELVORMIG/VEELKLEURIG

"Een samenleving waar verschillende groepen mensen met elkaar samenleven."

Slide 3 - Slide

Terugblik § 4.4/6.2 Hoe kijk je tegen anderen aan?
PLURIFORME SAMENLEVING
STEREOTYPE
VOOROORDEEL
DISCRIMINATIE
RACISME

Slide 4 - Slide

Wat is discriminatie?

Slide 5 - Open question

Racisme is een vorm van discriminatie, maar discriminatie is niet altijd racisme.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 6 - Quiz

Is het een vooroordeel of discriminatie?
Vooroordeel
Discriminatie
De uitsmijter van een club laat jongens met een kleurtje niet binnen.
Alle meisjes met een hoofddoek worden onderdrukt door hun vader en broers.
Een werkgever nodigt sollicitanten met een Arabische achternaam niet uit.
Vrouwen kunnen niet autorijden.

Slide 7 - Drag question

B: § 4.2 Verhuizen naar een ander land
K: § 6.3 Migratie naar Nederland


Slide 8 - Slide

LEERDOELEN

  • Aan het einde van de les moet je in eigen woorden uit kunnen leggen wat migratie is.
  •     Aan het einde van de les moet je vier redenen kunnen geven waarom mensen naar Nederland zijn geëmigreerd.

Slide 9 - Slide

Immigranten
Nederland is pluriform, door de komst van het aantal immigranten.
Immigranten brachten hun eigen waarden, normen en gewoontes mee --> cultuur.

Slide 10 - Slide

Waarom komen
mensen naar Nederland?

Slide 11 - Mind map

Redenen voor emigratie
  • Veiligheid (oorlog, geweld)
  • Werk
  • Onafhankelijkheid van koloniën
  • Gezin (gezinshereniging/gezinsvorming)

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Video

Aan de slag!
KADER § 6.3
1. Ga naar blz. 112 van je werkboek
2. Maak de opdrachten 1, 2, 4, 7, 8 en 10
3. Gebruik blz. 92/93 van je online tekstboek.
4. Klaar? Laat je antwoorden controleren door de docent.
BASIS § 4.2
1. Ga naar blz. 95 van je werkboek
2. Maak de opdrachten 1, 2, 3, 5, 6, 7  en 8.
3. Klaar? Laat je antwoorden controleren door de docent.

Slide 14 - Slide