Hacer:- preparar para la prueba
Aprender:
- de tegenwoordige tijd van ser en tener, página 26 (TB) + aantekeningen (HERHALING)
- de ontkenning, página 26 (TB) + aantekeningen (HERHALING)
- de vragend voornaamwoorden, página 26 (TB) + aantekeningen
- regelmatige werkwoorden in de tegenwoordige tijd (el presente), página 40 (TB) + aantekeningen (HERHALING)
- de tijd (la hora), página 72 (TB) + aantekeningen
- werkwoorden met een klinkerwisseling (cambios vocales), página 73 (TB) + aantekeningen
- het werkwoord ir in de tegenwoordige tijd, página 73 (TB) + aantekeningen
- los números hasta 100, página 103 (TB) + aantekeningen
- los meses (de maanden), página 29 (TB) + aantekeningen
- los días (de dagen), página 75 (TB) + aantekeningen
- woordenlijst Reporteros 1 – unidad 4 NL/SP & SP/NL