Kwantummechanica - Tunneling

Kwantummechanica
Tunneling
1 / 25
next
Slide 1: Slide
NatuurkundeMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 5,6

This lesson contains 25 slides, with text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Kwantummechanica
Tunneling

Slide 1 - Slide

Hoofdstuk Kwantummechanica
Kwantummechanica - Tunneling

Kwantummechanica - Deeltjesverschijnselen
Kwantummechanica - Golfverschijnselen
Kwantummechanica - Deeltje in een doos
Kwantummechanica - Het atoommodel
Kwantummechanica - Onzekerheid



Slide 2 - Slide

Leerdoelen
Aan het eind van de les kun je...

... 

Slide 3 - Slide

Barrière overwinnen

Slide 4 - Slide

Barrière overwinnen

Slide 5 - Slide

Barrière overwinnen

Slide 6 - Slide

Barrière overwinnen

Slide 7 - Slide

Barrière overwinnen

Slide 8 - Slide

dHet Het deeltje 
Barrière overwinnen

Slide 9 - Slide

Voorwaarden voor tunneling

Slide 10 - Slide












Hoofdvoorwaarde: als de grootte van de kansgolf in de buurt begint te komen van de grootte van de barrière, dan begint dit effect merkbaar te worden.
Voorwaarden voor tunneling

Slide 11 - Slide

Voorwaarden voor tunneling
De energie-barrière wordt kleiner

Slide 12 - Slide

Voorwaarden voor tunneling
De energie-barrière wordt kleiner
De energie-barrière wordt dunner

Slide 13 - Slide

Voorwaarden voor tunneling
De energie-barrière wordt kleiner
De energie-barrière wordt dunner
De energie van het deeltje wordt groter

Slide 14 - Slide

Voorwaarden voor tunneling
En=8mL2h2n2
De energie-barrière wordt kleiner
De energie-barrière wordt dunner
De energie van het deeltje wordt groter
De massa van het deeltje wordt kleiner

Slide 15 - Slide

Voorbeeld: alfa-straling

Slide 16 - Slide

Voorbeeld: alfa-straling

Slide 17 - Slide

Voorbeeld: alfa-straling

Slide 18 - Slide

Voorbeeld: kernfusie (in de Zon)

Slide 19 - Slide

Voorbeeld: kernfusie (in de Zon)

Slide 20 - Slide

Voorbeeld: kernfusie (in de Zon)

Slide 21 - Slide

Voorbeeld: Scanning Tunneling microscope

Slide 22 - Slide










Hoe dichter de naald bij een atoom komt, hoe kleiner de barrièrre tussen het elektron en de naald en hoe groter de kans is dat het elektron naar de naald tunnelt. Deze tunnelende elektronen zorgen voor een meetbaar stroompje. Hoe groter deze stroom is, hoe dichter het atoom zich bij de naald bevindt. Door de naald over de atomen te trekken, dan zo een beeld worden gemaakt van de atomen.
Voorbeeld: Scanning Tunneling microscope

Slide 23 - Slide

Slide 24 - Video

Maken opgaven 1 t/m 10 van WS



Opgaven

Slide 25 - Slide