Anatomie LJ1 - Bewegingsstelsel LJ1 - Herhaling en oefenvragen

Anatomie - Bewegingsstelsel

Herhaling & oefenvragen

1 / 40
next
Slide 1: Slide
New lesson editorVerpleging en verzorgingMBOStudiejaar 1

This lesson contains 40 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Items in this lesson

Anatomie - Bewegingsstelsel

Herhaling & oefenvragen

Hoe veel botten heeft een volwassene?

A

180

B

116

C

206

D

270

Welke functie hoor NIET bij het skelet

A

Bescherming van organen

B

Opslag van mineralen

C

Produceren van bloedcellen

D

Produceren van hormonen

Welke Latijnse naam hoort bij het bovenbeen?

A

Humerus

B

Sternum

C

Femur

D

Scapula

Wat is een scapula?

A

Sleutelbeen

B

Schouderblad

C

Borstbeen

D

Heupbeen

Een pijpbeen is:

A

Breder dan lang

B

Even lang als breed

C

Altijd langer dan breed

D

Alleen aanwezig in het been

Wat bevindt zich in de mergholte?

A

Synovia

B

Geel beenmerg

C

Kraakbeen

D

Bloedplasma

Waarvoor zorgen collagene vezels?

A

Hardheid van het bot

B

Gewrichtsvloeistof

C

Groei van spieren

D

Elasticiteit van het bot

Waarvoor zorgen calciumzouten?

A

Hardheid van het bot

B

Buigzaamheid

C

Elasticiteit

D

Contractie van spieren

Waarom hebben baby`s meer botten dan volwassenen?

Mw. Jansen valt en haar been ligt verkort en naar buiten gedraaid. Welke breuk vermoed je?

A

Clavicula

B

Radius

C

Humerus

D

Femur

Ouderen hebben meer kans op botbreuken doordat:

A

Meer kraakbeen

B

Minder beweging

C

Minder stevige botten (Osteoporose)

D

Groeischijven openstaan

Wat is een gewricht?

A

Verbinding tussen spier en bot

B

Verbinding tussen twee botten

C

Verbinding tussen pees en bot

D

Verbinding tussen zenuwen

Welke 3 onderdelen horen bij een gewricht?

A

Gewrichtsvloeistof

B

Gewrichtskapsel

C

Gewrichtskraakbeen

D

Gewrichtsvlies

Wat is de functie van synovia

A

Schokdemper

B

Verbinden van spieren

C

Botaanmaak

D

Smeren en voeden

Welk soort gewricht zit in de schouder?

A

Schanier

B

Zadel

C

Kogel

D

Rol

Welk gewricht zit in de duim?

A

Kogel

B

Scharnier

C

Rol

D

Zadel

Waar zit een meniscus?

A

Knie

B

Elleboog

C

Schouder

D

Pols

Een spier kan:

A

Trekken en duwen

B

Alleen duwen

C

Alleen trekken

D

Niet verkorten

Wat betekent contractie?

A

Ontspanning

B

Groei

C

Uittrekking

D

Samentrekking

Wat is de juiste volgorde van de bouw van een spier?

A

Actine-spier-spiervezel

B

Myofibril-myosine-actine-contractie-zenuw

C

Spier-spierbundel-spiervezel-myofibril-actine/myosine

D

Spierbundel-myofibril-pees-actine-spier

Wie is de antagonist bij het buigen van de arm?

A

Biceps

B

Deltoideus

C

Triceps

D

Quadriceps

Leg uit hoe een spiercontractie ontstaat.

Hoeveel halswervels (cervicaal) heeft een mens?

A

5

B

12

C

7

D

24

Wat is de functie van tussenwervelschijven?

A

Schokdemping

B

Verbinden van spieren

C

Aanmaak van bloedcellen

D

Opslag van vet

Wat is de Latijnse naam van het borstbeen?

A

Sacrum

B

Femur

C

Sternum

D

Humerus

Wat is de belangrijkste functie van de thorax?

A

Voortbewegen

B

Bescherming van organen en ademhaling

C

Productie van bloedcellen

D

Vetopslag

Welke structuur ligt aan de voorkant tussen beide bekkenhelften?

A

Meniscus

B

Sacrum

C

Symfyse

D

Scapula

In welke spier zet je een intramusculaire injectie in de bovenarm?

A

M. Deltoideus (deltaspier)

B

M. Quadriceps femoris (vierhoofdige dijbeenspier)

C

M. Pectoralis major (grote borstspier)

D

Diafragma (middenrif)

Welke kromming hoort NIET bij de wervelkolom?

A

Cervicaal

B

Thoracaal

C

Humeraal

D

Lumbaal

Welke onderdelen horen bij een pijpbeen? (meerdere antwoorden mogelijk)

A

Mergholte

B

Gewrichtskraakbeen

C

Pees

D

Beenvlies

Sleepvraag

Scapula

Humerus

Clavicula

Femur

Schouderblad

Sleutelbeen

Bovenbeen

Bovenarm

Welk gewricht heeft de meeste bewegingsvrijheid

A

Scharnier

B

Vlak

C

Rol

D

Kogel

Wat gebeurt er bij een spiercontractie

A

Spier wordt langer

B

Spier verplaatst zich

C

Spier wordt korter

D

Spier wordt dikker en langer

Waarom zit er kraakbeen in een gewricht?

Wat is een antagonist

A

Een bot

B

Een gewricht

C

Een spier die de tegenovergestelde beweging maakt

D

Een pees

Welke spieren vormen een antagonistenpaar bij het buigen en strekken van de arm?

A

Quadriceps en hamstrings

B

Biceps en triceps

C

Deltoideus en trapezius

D

Gluteus en gastrocnemius

Wanneer de biceps aanspant:

A

Spant de triceps ook aan

B

Ontspant de tricpes

C

Verkort de triceps

D

Gebeurt er niets met de triceps

Een patiënt kan moeilijk opstaan uit een stoel. Welke spiergroep speelt hierbij een belangrijke rol?

A

Gluteusgroep

B

Borstspieren

C

Kuitspieren

D

Deltaspier

Welke structuur vangt de schokken tussen de wervels op?

A

Meniscus

B

Synovia

C

Tussenwervelschijf

D

Gewrichtsband