What is LessonUp
Lesson library
Channels
AI tools
Log in
Start for free
‹
Return to search
Oefentoets Inleiding in de biologie
Oefentoets Inleiding in de biologie
1 / 41
next
Slide 1:
Slide
Biologie
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
This lesson contains
41 slides
, with
interactive quizzes
and
text slide
.
Lesson duration is:
45 min
Start lesson
Save
Share
Print lesson
Items in this lesson
Oefentoets Inleiding in de biologie
Slide 1 - Slide
Welke plastiden vind je in het midden van een plantenwortel?
A
Chloroplasten en leukoplasten
B
Chloroplasten en chromoplasten
C
Chloroplasten, chromoplasten en leukoplasten
D
Leukoplasten
Slide 2 - Quiz
Waardoor is een celmembraan selectief permeabel?
A
In water oplosbare stoffen diffunderen via eiwitten
B
In water oplosbare stoffen diffunderen via fosfolipiden
C
In water oplosbare stoffen worden met osmose getransporteerd
D
In vet oplosbare stoffen worden met osmose getransporteerd
Slide 3 - Quiz
Een plantencel heeft maximale turgor. Wat kan je zeggen over de osmotische waarde?
A
Buiten cel gelijk aan binnen
B
Buiten cel kleiner dan binnen
C
Buiten cel groter dan binnen
Slide 4 - Quiz
Passief transport...
A
kost geen energie, van hoge naar lage concentratie
B
kost geen energie, van lage naar hoge concentratie
C
kost energie, van hoge naar lage concentratie
D
kost energie, van lage naar hoge concentratie
Slide 5 - Quiz
Hoe komt zuurstof bij mitochondriën?
A
Osmose
B
Transportenzymen
C
Diffusie
D
Actief transport
Slide 6 - Quiz
Waarvoor wordt in mitochondrium zuurstof gebruikt?
A
Vrijmaken stoffen voor processen in cel
B
Vrijmaken energie voor processen in cel
C
Vastleggen stoffen voor processen in cel
D
Vastleggen energie voor processen in cel
Slide 7 - Quiz
Welk organel is niet betrokken bij eiwitsynthese?
A
Celkern
B
Endoplasmatisch reticulum
C
Ribosoom
D
Lysosoom
Slide 8 - Quiz
In welke plastiden vindt fotosynthese plaats?
A
Chloroplasten
B
Chromoplasten
C
Leukoplasten
D
Zetmeelkorrels
Slide 9 - Quiz
Waaraan is de osmotische waarde van een celwand van een plant gelijk?
A
Cytoplasma
B
Extern milieu
C
Vacuole
Slide 10 - Quiz
Wat is een voorbeeld van een populatie?
A
Alle konijnen op Schiermonnikoog
B
Beplanting van een naaldbos
C
Alle organismen in een vijver
D
Leeuwin met haar welpen op de savanne
Slide 11 - Quiz
Wanneer je het skelet van een kip bestudeert, doe je dat op het niveau van het...
A
Molecuul
B
Orgaan
C
Weefsel
D
Organenstelsel
Slide 12 - Quiz
Een begrensd gebied waarbinnen abiotische en biotische factoren een geheel vormen heet
A
Levensgemeenschap
B
Ecosysteem
C
Populatie
D
Biosfeer
Slide 13 - Quiz
Stelling: Een steen is dood.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 14 - Quiz
Stelling: Een zoute haring is levenloos.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 15 - Quiz
Welk organisatieniveau is 1 niveau hoger dan het orgaanstelselniveau?
Slide 16 - Open question
Stelling: Oude onvruchtbare dieren zijn geen onderdeel meer van de levenscyclus.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 17 - Quiz
Op elk hoger organisatieniveau verschijnen nieuwe eigenschappen die ........................... eigenschappen worden genoemd.
Slide 18 - Open question
Welke organisatieniveaus zijn lager dan het celniveau?
Sleep de hogere niveaus hier heen
Orgaanniveau
Organelniveau
Weefselniveau
Molecuulniveau
Slide 19 - Drag question
Welk woord ontbreekt in het rijtje?
Molecuul - organel - cel - weefsel - orgaan - orgaanstelsel - organisme - populatie - levensgemeenschap - biosfeer
Slide 20 - Open question
Stelling: Een onderzoek moet bestaan uit een experimentgroep en een controlegroep.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 21 - Quiz
Stelling: In een onderzoek moet elke groep bestaan uit meerdere organismen.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 22 - Quiz
Stelling: Tijdens het onderzoek moeten er meerdere variabelen (invloeden) tegelijk onderzocht worden.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 23 - Quiz
Welk type onderzoek is:
Gedrag eenden in vijver
A
Modelleren
B
Experiment
C
Literatuuronderzoek
D
Observatie
Slide 24 - Quiz
Welk type onderzoek is:
Medicijnen uittesten
A
Modelleren
B
Experiment
C
Literatuuronderzoek
D
Observatie
Slide 25 - Quiz
Welk type onderzoek is:
Nabootsen van processen op computer
A
Modelleren
B
Experiment
C
Literatuuronderzoek
D
Observatie
Slide 26 - Quiz
Is dit rijtje compleet?
observatie - probleemstelling - experiment - resultaten - conclusie - discussie
A
Juist
B
Onjuist
Slide 27 - Quiz
........... onderzoek betekent dat de resultaten van het onderzoek zo min mogelijk systematische fouten bevat.
Slide 28 - Open question
Antoni van Leeuwenhoek bestudeerde organismen onder zijn microscopen. Is hier sprake van hypothese-toetsend onderzoek of van beschrijvend onderzoek?
Slide 29 - Open question
Wat stelt het
plaatje voor?
A
Levensloop
B
Levenscyclus
Slide 30 - Quiz
Wat is de juiste volgorde?
A
biosfeer - organisme - populatie - ecosysteem
B
ecosysteem - biosfeer - organisme - populatie
C
populatie - organisme - biosfeer - ecosysteem
D
organisme - populatie - ecosysteem - biosfeer
Slide 31 - Quiz
Tot welk orgaanstelsel hoort de alvleesklier?
A
Verteringsstelsel
B
Beenderstelsel
C
Ademhalingsstelsel
D
Uitscheidingsstelsel
Slide 32 - Quiz
Weefsels bestaan uit cellen met dezelfde.....
A
Ligging & Functie
B
Ligging & Vorm
C
Functie & Productie
D
Vorm & Functie
Slide 33 - Quiz
Welke onderdelen komen niet in een dierlijke cel voor?
(meerdere antwoorden mogelijk)
A
Vacuole
B
Celwand
C
Celmembraan
D
Ribosomen
Slide 34 - Quiz
Wat is onderdeel 3 en met
welk onderdeel stel je scherp?
A
oculair, 5
B
objectief, 10
C
revolver, 10
D
diafragma, 5
Slide 35 - Quiz
Zet in de juiste volgorde van klein (1) naar groot (5)
DNA
2
3
4
5
1
celkern
chromosoom
niercel
nier
Slide 36 - Drag question
FUNCTIE?
A
Genereren van energie
B
Maken van eiwitten
C
Transport van eiwitten
D
Enzymatische afbraak
Slide 37 - Quiz
Ayoub kijkt door de microscoop met een oculair van 10x en objectief van 40x. Wat is de vergroting?
A
100x
B
50x
C
40x
D
400x
Slide 38 - Quiz
Isotoon
Hypertoon
Hypotoon
Slide 39 - Drag question
Water kan niet via de celmembraan de cel in. Hoe komt water de cel in en hoe noem je dat proces?
A
Porie-eiwit, passief transport
B
Transporteiwit, passief transport
C
Transporteiwit, actief transport
D
Porie-eiwit, actief transport
Slide 40 - Quiz
A
Exocytose
B
Pericytose
C
Fagocytose
D
Endocytose
Slide 41 - Quiz
More lessons like this
4H 2.1 Menselijke en dierlijke cellen
July 2025
-
24 slides
Biologie
Middelbare school
havo
Leerjaar 4
Nectar 2.1 cel+organisatieniveau's
July 2025
-
16 slides
Biologie
Middelbare school
havo
Leerjaar 4
2.1 Menselijke en dierlijke cellen klassikaal
July 2025
-
29 slides
Biologie
Middelbare school
havo
Leerjaar 4
2.1 Menselijke en dierlijke cellen ll
July 2025
-
18 slides
Biologie
Middelbare school
havo
Leerjaar 4
4V 2.2 Cellen dl2
June 2022
-
24 slides
Biologie
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
4H 1.1 + 1.2 + 1.3 cellen
July 2025
-
28 slides
Biologie
Middelbare school
havo
Leerjaar 4
2.1 Cellen leven samen 4V ll
July 2025
-
31 slides
Biologie
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
2.1 Cellen leven samen 4V intro
September 2025
-
31 slides
Biologie
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4