Lesweek 3

Leidinggeven
Als leidinggevende ben je: (mede) verantwoordelijk voor de begroting            
van de financiën.

Je houd in de gaten of budgetten niet worden overschreden en je zoekt naar manieren om de opbrengsten waar nodig te verhogen.

Studenten leren daarom op basis van opbrengsten- en kostenberekeningen een begroting te maken en deze te bewaken.



1 / 13
next
Slide 1: Slide
BedrijfseconomieMBOStudiejaar 1

This lesson contains 13 slides, with text slides.

Items in this lesson

Leidinggeven
Als leidinggevende ben je: (mede) verantwoordelijk voor de begroting            
van de financiën.

Je houd in de gaten of budgetten niet worden overschreden en je zoekt naar manieren om de opbrengsten waar nodig te verhogen.

Studenten leren daarom op basis van opbrengsten- en kostenberekeningen een begroting te maken en deze te bewaken.



Slide 1 - Slide

Terugblik: Resultaat van verkregen vermogen?
REV--> Rentabiliteit van het eigen vermogen.  
Dit geeft aan in hoeverre de investering rendement oplevert.
RTV/ RVW--> Rentabiliteit van het (totale) werkzame vermogen.  
Dit geeft aan wat de winstgevendheid is van de totale onderneming
RVV--> Rentabiliteit van het vreemde vermogen.  
Dit geeft aan wat het rendement de geldschieters halen. 
Stel je voor totale vermogen een rentabiliteit van 11%.
Over het vreemd vermogen hoef je maar 9% "interest" te betalen. 
Dan komt die 2 % ten goede van de opbrengst bij het eigen vermogen. Dus positief!

Slide 2 - Slide

Solvabiliteitskengetallen

Er zijn 3 manieren om de solvabiliteit te beoordelen:
- Verhouding tussen het eigen vermogen en het totaal vermogen.
- Verhouding tussen het eigen vermogen en het vreemd vermogen.
- Verhouding tussen het vreemd vermogen en het totaal vermogen (debt ratio)
Leerdoelen: Wat is solvabiliteit en welke 3 soorten kan je berekenen?

Solvabiliteit
is de mate waarin een bedrijf aan haar lopende betalingsverplichtingen kan voldoen wanneer hij het bedrijf stopt.

Slide 3 - Slide

Wat is mijn solvabiliteitsratio?
(eigen vermogen/totale vermogen)

Slide 4 - Slide

Wat is mijn solvabiliteitsratio?
(eigen vermogen/totale vermogen)
Eigen vermogen/ totale vermogen

412.000 / (412.000+100.000+33500+12000) =

412.000/ 557500 = 0,739 = 74 %

Slide 5 - Slide

Wat is mijn solvabiliteitsratio?
(eigen vermogen/vreemde vermogen)

Slide 6 - Slide

Wat is mijn solvabiliteitsratio?
(eigen vermogen/vreemde vermogen)
Eigen vermogen/ vreemde vermogen

412.000 / (100.000+33500+12000) =

412.000/ 145500 = 2,83 %

Slide 7 - Slide

Wat is mijn verhouding van vreemd
vermogen t.o.v. totaal vermogen?
(eigen vermogen/vreemde vermogen)

Slide 8 - Slide

Wat is mijn verhouding van vreemd
vermogen t.o.v. totaal vermogen?
(eigen vermogen/vreemde vermogen)
Vreemd vermogen/ totaal vermogen

(100.000+33500+12000) /  557500 = 0,26

Dat is 26 % en positief!

 

Slide 9 - Slide

Wat is mijn solvabiliteitsratio?
(eigen vermogen/vreemde vermogen)
Eigen vermogen/ vreemde vermogen

412.000 / (100.000+33500+12000) =

412.000/ 145500 = 2,83 %

Slide 10 - Slide

Budgetten verdelen en bewaken
Een budget van het ondernemingsplan bestaat uit vier begrotingen.
  • Exploitatiebegroting
  • Investeringsbegroting
  • Liquiditeitsbegroting
  • Financieringsbegroting

Slide 11 - Slide

Kengetallen
Er worden in het boek 3 liquiditeitskengetallen genoemd
- Current ratio
- Quick ratio
- Nettowerkkaptitaal

Graag krijg ik op de mail naar ardk@hoornbeeck.nl wat deze liquiditeitskengetallen inhouden en wat je er mee kan. 
De liquiditeit van een bedrijf laat zien in welke mate een onderneming aan haar lopende betalingsverplichtingen kan voldoen (korte schulden).

Slide 12 - Slide


Opdracht 4 t/m 9 af.
 
Mailen naar ardk@hoornbeeck.nl wat je met de verschillende liquiditeitskengetallen kan en wat het betekend. 
 
Leidinggeven
Leerdoel gehaald?

  • Wat is solvabiliteit?
  • Welke 3 soorten kan je berekenen?

Slide 13 - Slide