Les 1: Blessures

Sporten en blessures
Les 1 
1 / 29
next
Slide 1: Slide
Zorg en WelzijnMiddelbare schoolvmboLeerjaar 4

This lesson contains 29 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 120 min

Items in this lesson

Sporten en blessures
Les 1 

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Wat gaan we doen vandaag?
- Hoeveel moeten we sporten in de week
- welke sport blessures zijn er?
- Wat kunnen we doen tegen die sportblessures
- Warming-up en Cooling down 

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Hoe tevreden ben je over hoeveel je sport/beweegt per week?
-1100

Slide 3 - Poll

This item has no instructions

Welke sport doe jij dan?

Slide 4 - Open question

This item has no instructions

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Sporten en bewegen
  • Betere conditie = meer uithoudingsvermogen 
  • Spieren worden groter en sterker
  • Motorische ontwikkeling gaat vooruit (betere coördinatie)

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Welke kenmerken moet je hebben in de sector sport en bewegen

Slide 7 - Open question

This item has no instructions

Wat doet een sportinstructeur denk je?

Slide 8 - Open question

This item has no instructions

Slide 9 - Video

https://www.youtube.com/watch?v=bT_g3b8MkUo&t=17s
Wat is een blessure?

Slide 10 - Mind map

This item has no instructions

Hoe krijg je een blessure?
Blessure is een beschadiging aan een bot, spier of gewricht.

Ontstaan door valpartij of door lang achter elkaar dezelfde beweging maken= overbelasting

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Blessures
een beschadiging aan een bot, gewricht of spier

Overbelasting
een grotere belasting dan de normale spanning spieren en gewrichten moeten te lang hard werk
Ontwrichting= de gewrichtsknobbel schiet uit de gewrichtskom
Verstuiking= het gewrichtskapsel rekt te ver uit of scheurt in

Botbreuk= je botten zijn gebroken.

Zetten= de arts zet de botstukken weer goed tegen elkaar. Daarna komt er gips omheen


Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Blessures

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Noem een blessure van een lichaamsdeel van het plaatje

Slide 14 - Mind map

This item has no instructions

Welke spierblessures zijn er?
  • Spierpijn: veel afvalstoffen die in je spier achterblijven
  • Spierkneuzing: er zijn spiervezels en bloedvaatjes stukgegaan
  • Spierkramp: wanneer je spieren overbelast zijn
  • Spierscheuring: binnen in de spier zit een scheurtje
  • Zweepslag: plotselinge spierscheuring

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

spierblessures
als spieren moe worden, gaan ze trillen of stoppen ermee. Er ontstaan afvalstoffen.
teveel afvalstoffen in de spieren achterblijven dan krijg je spierpijn.

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

spierkramp
• als een spier zich plotseling samentrekt tijdens intensief sporten, krijg je spierkramp
• spierkramp: spier is hard en pijnlijk
• spier is overbelast
• stoppen met de beweging waar je mee bezig bent, anders spierscheuring

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

spierscheuring
• binnenin de spier een scheurtje in de vliezen rond de spierbundels
• kan ook plotseling optreden: plotseling hevige pijn
• spierscheuring heet dan zweepslag
• koelen en rust nemen
• geneest meestal vanzelf

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

spierkneuzing
• Een flinke botsing of val tijdens sporten kan een spierkneuzing veroorzaken.
• spierkneuzing: spiervezels en bloedvaatjes in de spier gaan stuk.
• kapotte bloedvaatjes: blauwe plek(bloeduitstorting)
• koelen:vermindert de pijn en zwelling

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Blessures botten en gewrichten
  • Een botbreuk ontstaat vaak na een val.
  • Wanneer de gewrichtsknobbel uit de gewrichtskom schiet heb je een ontwrichting ( bv arm uit de kom)
  • Verstuiking: Wanneer het gewrichtskapsel van te ver uitrekt of in scheurt .

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Slide 21 - Video

This item has no instructions

Hoe voorkom je blessures?
  • lichaam voorbereiden: warming up
  • warming up: spieren laten bewegen, er stroomt dan bloed door de spieren en je spieren worden warm
  • warme spier trekt makkelijk samen en raakt minder snel overbelast
  • warming up voorkomt blessures aan je gewrichten(verstuiking,ontwrichting)
  • bescherming (goede schoenen, scheenbeschermers, enz)
  • intapen 

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

cooling down
• om spierpijn te voorkomen
• rek- en strekoefeningen
• rustig rondjes lopen
• er stroomt dan voldoende bloed door de spieren om alle afvalstoffen af te voeren

Slide 23 - Slide

This item has no instructions


Bij het sporten komen de meeste blessures voor aan de benen

timer
0:30
A
waar
B
niet waar

Slide 24 - Quiz

This item has no instructions

Waardoor kun je een blessure op lopen?
timer
0:30
A
Slecht dempende sportschoenen
B
Geen opbouwend hardloopschema
C
oude sportkleding
D
Veel trainen zonder rust

Slide 25 - Quiz

This item has no instructions

Hoe noem je een blessure aan een gewricht:
timer
0:30
A
kneuzing
B
ontwrichting
C
bloeduitstorting
D
blauwe plek

Slide 26 - Quiz

This item has no instructions

Wat is geen effect van een goede warming-up?
timer
0:30
A
De hartslag gaat omhoog
B
De kans op blessures wordt kleiner
C
De spieren worden opgewarmd
D
Je verbrand de meeste calorieën

Slide 27 - Quiz

This item has no instructions

wat is verzwikt
timer
0:30
A
als je arm uit de kom is
B
als je plotseling pijn krijgt
C
als je door je enkel gaat
D
als je hoofdpijn krijgt

Slide 28 - Quiz

This item has no instructions

Aan de slag!
In classroom staat bij portfolio jullie 1e portfolio opdracht (voor punt).
In deze les ga je beginnen om deze in twee tallen te maken. 
Je gaat de warming-up en cooling down voorbereiden. Zorg ervoor dat je dit serieus maakt want deze ga je uitvoeren in de gymles van 1e jaarsleerlingen.
Mevrouw van Rhee gaat met jullie een planning maken! 

Slide 29 - Slide

This item has no instructions