What is LessonUp
Search
Channels
AI tools
Log in
Register
‹
Return to search
NT2 TC A2 4.4 hij het ze
A2 4.4 en 4.5
Vrijdag 6 februari
1 / 21
next
Slide 1:
Slide
Nederlands
Beroepsopleiding
This lesson contains
21 slides
, with
interactive quizzes
,
text slides
and
2 videos
.
Lesson duration is:
17 min
Start lesson
Save
Share
Print lesson
Items in this lesson
A2 4.4 en 4.5
Vrijdag 6 februari
Slide 1 - Slide
Doel
Ik leer:
hij, zij en het goed gebruiken;
hoe ik goed kan luisteren.
Slide 2 - Slide
Programma
Video: online kopen en terugsturen
Vragen + discussie
Uitleg + vragen
Folder
Lied
Spel
Slide 3 - Slide
Slide 4 - Video
Wie koopt een aantal producten per keer?
Soms
Vaak
Nooit
Slide 5 - Poll
Gratis producten retour sturen is een groot probleem?
Eens
Oneens
Slide 6 - Poll
Waarom is het een probleem
Slide 7 - Open question
Discussie
A2: Bedenk samen een oplossing voor alle spullen die niet meer verkocht kunnen worden.
Hoe kunnen we dit voorkomen?
B1: Wat is de oorzaak van het probleem? Wat zijn de gevolgen?
Moet er maatregels getroffen worden?
Wat vind je van de adviezen?
Slide 8 - Slide
Uitleg
Mensen kopen veel producten die
ZE
weer terugsturen.
Praten over mensen:
HIJ: de man
ZE: de vrouw
ZE: meervoud
Slide 9 - Slide
Uitleg
Ik koop nieuwe schoenen.
ZE
worden morgen bezorgd.
Praten over dingen:
HIJ: de-woorden
HET: het-woorden
ZE: meervoud
Slide 10 - Slide
Johan heeft een nieuwe broek.
................. was heel duur.
Slide 11 - Open question
Onze auto staat naast de weg.
.......... is kapot.
Slide 12 - Open question
Ruud pakt geld.
................... zit in zijn zak.
Slide 13 - Open question
Ik zoek de pillen.
................... zitten in een doosje.
Slide 14 - Open question
De nieuwe jas is rood.
................... kost 85 euro.
Slide 15 - Open question
Ozan zoekt een boek voor zijn school. ........................ heet Taalcompleet A2.
Slide 16 - Open question
De cursus duurt 4 jaar.
................ start in september.
Slide 17 - Open question
Folder
A2: Praat samen over de
aanbiedingen. Gebruik:
HIJ, ZE, HET
B1: Kies een product.
Vertel waarvoor je het gebruikt.
Gebruik 'om te' + hij, zij, het.
Slide 18 - Slide
Slide 19 - Video
1. 6 ons kaas
2. pond radijs
3. 10 vanille ijs
4. 3 keer tong
5. 5 kroppen sla
6. 10 repen chocola
7. tube mayonais
8. grof brood
9. 16 maggieblokjes
10. botervloot
11. kwart liter slagroom
12. flesje vla
13. 7 kilo aardappels
14. kropje sla
15. kauwgom
16. biefstuk
17. bloemkool
18. de nieuwe Asterix
19. 1 pak hagelslag
STILTE EN VERDER NIKS
Slide 20 - Slide
Hoeveel woorden kun je maken van:
WEGWERPMAATSCHAPPIJ
timer
3:00
Slide 21 - Slide
More lessons like this
See Think Wonder - Augusta Curiel
August 2024
-
6 slides
Culturele en kunstzinnige vorming
Nationaal Archief
+4
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-6
Nationaal Archief
leerlingen voorbereidingsquiz Berlijn
November 2019
-
14 slides
Duits
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-6
Dé Schoolreisgids
Parijs voorbereidingsquiz leerlingen
January 2022
-
19 slides
Frans
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-6
Dé Schoolreisgids
Uitleg: The Underground
February 2019
-
3 slides
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-6
Dé Schoolreisgids
Ouderavond Parijs
September 2021
-
22 slides
Aardrijkskunde
Middelbare school
vmbo t, mavo
Leerjaar 4
Dé Schoolreisgids
Barcelona leerlingen voorbereidingsquiz
November 2020
-
20 slides
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-6
Dé Schoolreisgids
Leerlingenquiz voorbereiding Praag
November 2019
-
19 slides
Culturele en kunstzinnige vorming
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-6
Dé Schoolreisgids
Londen voorbereidingsquiz leerlingen
June 2024
-
17 slides
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-6
Dé Schoolreisgids