VSO Gouden Weken - Deel 2: Wie is het?

Slabakken een spel waarbij je moet omschrijven, uitbeelden en 1 woord.

Wie raad de meeste woorden?

1 / 7
next
Slide 1: Slide
New lesson editorMentorlesBurgerschapskundeSpeciaal Onderwijs

This lesson contains 7 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 20 min

Introduction

Met deze drie lesdelen ga je aan de slag met groepsdynamica; hoe goed kennen jullie elkaar eigenlijk? En hoe maak je van je klas een groep die op een prettige manier met elkaar omgaat? Maak tijdens de gouden weken een goede start van het jaar met jouw klas! Deze les bestaat uit drie onderdelen die je verspreid kunt geven tijdens de eerste week (of weken) van school. We blikken terug op de vakantie, ontdekken hoe goed we elkaar eigenlijk kennen en maken (nieuwe) klassenafspraken om het jaar goed mee te beginnen! Veel plezier!

Instructions

de Gouden Weken
De eerste weken van het schooljaar – de Gouden Weken – zijn bepalend voor het creëren van een fijne, veilige sfeer in de groep. Leerlingen verkennen elkaar, de docent en de regels. In deze periode worden de normen en waarden van een groep bepaald. De docent speelt in deze fase een belangrijke rol. Hoe maak je nu samen met kinderen een goede start van het schooljaar? En hoe stimuleer je een positieve groepsvorming waar je een jaar lang plezier van hebt?

We hebben drie lessen ontwikkeld binnen de drie eerste fases van groepsdynamica. Op deze drie lessen volgt de Week tegen Pesten. Lees hier meer over groepsdynamica. Hoe de mechanismes werken, hoe je groepsdynamica kunt sturen en de groepsvorming een positieve wending geeft.

Doel van de lessen       
Deel 1: Terugblikken op de zomer
Deel 2: elkaar (weer) beter leren kennen en
Deel 3: klassenafspraken maken over hoe we het samen willen doen dit jaar. 
Deze drie delen dragen samen bij aan een positieve en groepsdynamische start maken van het schooljaar.

Werkvormen
Klassikale introductie, interview, presenteren, ‘wie is het?’, stemmen, dialoogvoering, overleg, afspraken maken.


Benodigdheden / voorbereiding
•    Pen en papier voor iedere leerling

Kennis:
De leerlingen...

… leert terugblikken op de vakantie
… leert wat een ander heeft meegemaakt tijdens de zomervakantie
… leert zijn klasgenoten beter kennen
… leert het verschil tussen regels en afspraken
… maakt kennis met de regels van de school
… leert wat hij zelf belangrijk vindt in de klas m.b.t. omgangsvormen
… leert wat anderen belangrijk vinden in de klas m.b.t. omgangsvormen


Vaardigheden:

… reflecteren op de zomervakantie
… oefenen met het delen van ervaringen
… oefenen met het interviewen van de ander
… oefenen met een mening vormen
… oefent met mening onderbouwen
… oefent met samen afspraken maken

Houding:
Reflectief, respectvol, nieuwsgierig, actief en open.

Burgerschap
Met deze les werk je aan de actuele burgerschapskerndoelen: 
  • 18A: de school stimuleert sociale en maatschappelijke competenties van leerlingen
  • 19B: De leerling verkent en reflecteert op hoe die kan omgaan met diversiteit in de samenleving.
  • 20A De leerling verkent en reflecteert op mogelijkheden om democratisch te handelen.
  • 20B: De leerling verkent en reflecteert op mogelijkheden om bij te dragen aan de samenleving.

Items in this lesson

Slabakken een spel waarbij je moet omschrijven, uitbeelden en 1 woord.

Wie raad de meeste woorden?

Deel 2: Wie is het?!

In deze oefening kijken we hoe goed we elkaar eigenlijk kennen. Want… bekend maakt bemind!

Je krijgt drie briefjes.

Noteer 3 woorden die bij jou passen.

  1. Zelfstandig naamwoord (bv: Ineke, Burgerschap, auto, horeca)

  2. Een werkwoord (bv: gamen, slapen, fietsen, voetballen)

  3. Een idool/persoon (Messi, Max Verstappen, Donald Duck)

Geef iedere leerling de opdracht om drie dingen van zichzelf op te schrijven die ze bijzonder vinden. Wie heeft er een bijzonder talent? Wie is er bijvoorbeeld heel goed in koken?

Schrijf deze drie dingen op en hou ze nog geheim.

Loop als leerkracht rond en help waar nodig.

Vouw de briefjes 2x en doe ze in de pot/slabak.

Hussel ze door elkaar.

Neem de briefjes in, kijk of het bij iedereen gelukt is!

Maak teams, misschien samen met een collega de les geven.

Stel je hebt een team van drie personen, team 1. Team 1 begint en zij hebben 30 seconden de tijd.
Ronde 1: Het woord omschrijven. Het woord op het briefje ga je omschrijven aan je team. Als je het goed hebt, houd je het briefje. Na de 30 seconden start team 2 met deze ronde. Je gaat door tot alle briefjes uit de pot/slabak zijn. Dan is ronde 1 klaar, je noteert de aantal briefjes per team voor ronde 1.

Ronde 2: Nu ga je het woord op het briefje uitbeelden. Je hebt weer 30 seconden en team 1 start. Je gaat door tot alle briefjes zijn gespeeld.

Ronde 3: In deze ronde mag je maar 1 woord gebruiken om het woord te omschrijven.

This item has no instructions

Welke briefjes horen bij wie?

Zijn jullie daar achter gekomen met elkaar?

Ra ra… wie is het?

De leerkracht leest een aantal briefjes voor en de leerlingen proberen te raden om wie het gaat. De leerling wiens kaartje wordt voorgelezen, moet natuurlijk zorgen dat hij niet geraden wordt en doet actief mee met het spel. Na een paar minuten discussie wordt er gestemd. De meeste stemmen gelden. De docent vraagt aan de gekozen leerling of het inderdaad zijn/haar kaartje is. Nu moet hij/zij eerlijk antwoorden. Is hij/zij inderdaad de leerling op de kaart, dan schrijft de leerkracht de naam op het briefje en prikt dat op een prikbord. Is er niet goed geraden, dan gaat het briefje terug in de doos voor een volgende ronde!

Tip: schrijf als leerkracht zelf van te voren ook een briefje en stop die ertussen!


Challenge: Puzzelen maar!

Welke 2 leerlingen kunnen samen het snelst

deze 4 puzzels in elkaar zetten?


Tijdens mentorlessen mag je dit proberen.

Tijd en foto noteren in de Mota app.



Succes!!

This item has no instructions

Nu hebben jullie terug geblikt op de vakantie in deel 1, vervolgens hebben we elkaar (weer) wat beter leren kennen.

Nu is het tijd om de diepte in te gaan en te kijken hoe wij het liefst met elkaar omgaan dit jaar en ons fijn voelen. Wat kunnen we daarover afspreken samen?

Ga snel door naar deel 3!