OP3_Blok 3_werkgroep 1_Samen doen_2023-2024 versie 2

1 / 26
next
Slide 1: Slide
VerpleegkundeHBOStudiejaar 1

This lesson contains 26 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 100 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Slide 2 - Slide

Deze werkgroep staat in het teken van zelfstandig blijven mbv anderen, een sociaal netwerk onderhouden, je weg weten naar de juiste instanties zoals gemeente en dergelijke. ‘Meekomen’ met en in deze tijd.
Verderop in de PPT kom je tegen dat je alvast kunt klaarzetten:
- een mentimeter
- een padletmuur
- een aantal prints van het ecogram

The blue zones Buettner (2008)
  • Kritiek van Dorly Deeg (hoogleraar Epidemiologie van de veroudering)
  • trekt het onderzoek in twijfel , data vervuiling 
  • worden verkeerde adviezen gegeven (alcohol) 
  • wel belangrijk: doelen stellen en inkomen is inderdaad van belang (sorry...)
  • CBS: Zeeuwse Kapelle heeft relatief veel 100 -jarigen

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Slide 4 - Link

This item has no instructions

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Welke van deze uitdagingen kom jij tegen in jouw directe omgeving bij ouderen (opa, oma)?
powerful aging
investeren in sociaal kapitaal
woonsituatie

Slide 8 - Poll

This item has no instructions

Slide 9 - Slide

Sociale steun -> Investeren in een sociaal netwerk (of beter nog, in het sociaal kapitaal), want de familie, een vriendenclub, een vereniging van oud-collega’s, enzovoorts, kunnen later voordelen hebben, en helpen om de uitdagingen in de derde en vierde levensfase het hoofd te bieden (Poldermans, 2008).
Powerful aging -> bewegen en vitaal blijven Woonsituatie sociale integratie Dia 10
Zelfzorg: activiteiten die jij doet bij incidentele gezondheidsproblemen bv een paracetamol bij hoofdpijn
Zelfredzaamheid: is het vermogen van mensen om zichzelf te redden met zo min mogelijk professionele ondersteuning en zorg (ADL)
Zelfmanagement: een stem hebben in de ondersteuning die jij nodig hebt voor het leven met een chronische aandoening. 
Specifieke aandachtspunten bij ouderen met een verhoogde kwetsbaarheid: – Gevoel van veiligheid Op het moment dat ouderen thuis niet langer het gevoel hebben dat zij zich op een veilige en vertrouwde plek bevinden, is dit een belangrijke factor in de afweging of het thuis wonen nog houdbaar is. Dat gevoel van veiligheid kan met de omgeving te maken hebben: een verloederende buurt, maar ook met simpele dingen als slechte of gladde trottoirs of obstakels op de weg naar de winkels of andere voorzieningen. Ook factoren achter de voordeur spelen mee: niet langer het gevoel hebben dat je in staat bent om snel hulp in te roepen in noodsituaties, moeite hebben met je dag te structuren en voor jezelf te zorgen, en gevoelens van isolement en aan je lot overgelaten te zijn, maken extra angstig.
De andere term is zelfmanagement, die is – volgens de visie die we in Rotterdam hanteren – echt voorbehouden aan mensen met een chronische aandoening. Mensen met een chronische aandoening hebben met andere opgaven / taken te maken dan iemand die maar kort in zorg is. . Dit noemen we adaptieve opgaven of aanpassingstaken.  Je kunt die taken verdelen in drie vormen van zelfmanagement.  
!!!!!! Echter generaliseren we deze gegevens over zelfmanagement in leerjaar 1 naar de mens in de fase van late volwassenheid.  in jaar 1 de theorie toepassen op de late levensfase, omdat een aantal adaptieve opgaven juist in deze levensfase ook mooi naar voren komt. 
 
Dia 12
 
 Verschil zelfredzaamheid en zelfmanagement: 
Wat is zelfredzaamheid? 
Waarom kan het van belang zijn om de zelfredzaamheidsradar  samen met je patient in te vullen? 
In hoeverre draagt dit bij aan zelfmanagement?-> bespreek deze vragen met de studenten. 
 
 Dia 13
Hier zie je een schematische weergave van wat zelfmanagement inhoudt. Neem de verschillende bolletjes door met de studenten. 
Je ziet dat zelfmanagement en zelfmanagementondersteuning niet alleen in de late levensfase terugkomt. Het hoort thuis in alle levensfasen. 
Bovenstaande afbeelding is gelijk een tool die gebruikt kan worden om zelfmanagement van de (in dit geval) oudere in kaart te brengen. De oudere vult zelf in wat op hem/ haar van toepassing is. Hier kunnen bepaalde risico’s uit voort komen (-> relatie met risicosignalering en geriatric giants) 
 
Definitie zelfmanagement: Zelfmanagement gaat om omgaan met de lichamelijke, psychische en sociale uitdagingen die de aandoening (of levensfase) stelt; 
Het gaat om het inpassen in het dagelijkse leven; 
De zorgvrager voert eigen regie over het zorgproces; 
Streven is het optimale kwaliteit van leven. 
 
Je ziet dat hierbij geschreven wordt vanuit de mens met een gezondheidsprobleem, vaak chronisch. In het geval van de oudere en vooral ook de kwetsbare oudere kan het zinvol zijn het zelfmanagement te ondersteunen zodat de oudere zo lang mogelijk zelfstandig kan blijven leven/ wonen of zo zelfstandig mogelijk 
 
Termen als eigen regie, zelfredzaamheid zijn hierin belangrijk: ze maken deel uit van het zelfmanagement, zijn een onderdeel van.  
Persoonsgerichte zorg 
 
Wederkerigheid :
Vraagverlegenheid : je weet niet hoe je de vraag moet stellen zonder dat de ander daar verlegen van wordt. Dat kan aan beide kanten voorkomen. Er wordt niet helder verwoord waar er eigenlijk behoefte aan is en aan de andere kant zeg je toe iets voor iemand te doen maar eigenlijk komt het je helemaal niet 

Slide 10 - Slide

Een ecogram kan worden gebruikt als een persoon bijvoorbeeld van woonsituatie verandert: hij/ zij gaat in een woonvorm voor ouderen wonen bijvoorbeeld. Maar ook voor de semi zelfstandige thuiswoner kun je deze tool gebruiken. Het geeft naast het sociale netwerk ook een beeld over zelfredzaamheid en eigen regie, en dus het zelfmanagement van de persoon.
Uitleg ecogram:
Met een ecogram brengen we de belangrijke sociale contacten van de oudere in kaart. Het ecogram houdt rekening met verschillende leefgebieden. Het is als een röntgenfoto van het sociaal netwerk. Een ecogram is een schema van het sociaal netwerk van de bewoner. Bij een ecogram gaat het niet alleen om familie, maar ook om niet-familieleden waarmee de bewoner een belangrijke persoonlijke verbinding heeft zoals vrienden, medebewoners, oude kennissen en collega’s, geestelijk raadslieden. In een ecogram zijn ook meer ‘zakelijke’ contacten opgenomen zoals artsen, de fysiotherapeut, huishoudelijke of verzorgende medewerkers of de activiteitenbegeleidster. Een ecogram laat in één oogopslag de omvang en de kwaliteit van het netwerk van de bewoner zien.
De letters (bijvoorbeeld G,E,A) laten de wijze van verbondenheid zien. In de werkgroepopdracht van de studenten zit een uitgebreide uitleg over de wijze van invullen.

Slide 11 - Slide

Een ecogram kan worden gebruikt als een persoon bijvoorbeeld van woonsituatie verandert: hij/ zij gaat in een woonvorm voor ouderen wonen bijvoorbeeld. Maar ook voor de semi zelfstandige thuiswoner kun je deze tool gebruiken. Het geeft naast het sociale netwerk ook een beeld over zelfredzaamheid en eigen regie, en dus het zelfmanagement van de persoon.
Uitleg ecogram:
Met een ecogram brengen we de belangrijke sociale contacten van de oudere in kaart. Het ecogram houdt rekening met verschillende leefgebieden. Het is als een röntgenfoto van het sociaal netwerk. Een ecogram is een schema van het sociaal netwerk van de bewoner. Bij een ecogram gaat het niet alleen om familie, maar ook om niet-familieleden waarmee de bewoner een belangrijke persoonlijke verbinding heeft zoals vrienden, medebewoners, oude kennissen en collega’s, geestelijk raadslieden. In een ecogram zijn ook meer ‘zakelijke’ contacten opgenomen zoals artsen, de fysiotherapeut, huishoudelijke of verzorgende medewerkers of de activiteitenbegeleidster. Een ecogram laat in één oogopslag de omvang en de kwaliteit van het netwerk van de bewoner zien.
De letters (bijvoorbeeld G,E,A) laten de wijze van verbondenheid zien. In de werkgroepopdracht van de studenten zit een uitgebreide uitleg over de wijze van invullen.

Slide 12 - Slide

Dia uit het e-college
Noteer meerdere belangrijke aspecten m.b.t. de term:
sociaal netwerk late volwassenheid

Slide 13 - Open question

This item has no instructions

Slide 14 - Slide

Bespreek met de studenten of je dat op ouderwordende leeftijd zomaar doet, een eigen sociaal netwerk hebben, onderhouden, versterken, inzetten.
Als je kijkt naar het ecogram dat je gemaakt hebt en de versterking die je je voor kunt stellen, vraag je dan ‘s af:
Wat helpt daarbij (denk bijv. aan belangstelling, nieuwsgierig zijn, actief kunnen zijn, iets ánders kunnen voorstellen waardoor iedereen het toch ook leuk kan hebben, participeren in online communities, gevarieerde vrienden/kennissengroep waarin ook jongere mensen zitten etc.)
Wat is bedreigend? (sneller vermoeid raken, achteruitgang gehoor en gezichtsvermogen, mensen in je omgeving vallen weg of kunnen minder deelnemen, kleine kring hebben van alleen ouderen die dus kwetsbaar worden, veeleisend zijn in contact)
Welke aanbevelingen zou je dan doen, gezien jouw ecogram?
Let op: over eenzaamheid en sociaal isolement gaat het in werkgroep 1 van kennisweek 3.

Slide 15 - Slide

Het hebben van sociale contacten en er “iet aan hebben” hangt samen met sociale competenties.
We hebben dit soort competenties eerder voorbij zien komen, nl. in OP1 bij socialisering.
Hoe gedraag je je in het onderlinge contact, en wat is de betekenis van het onderlinge contact.
Op de ouder wordende leeftijd “zit je” met hoe je gesocialiseerd bent. Dat verander je niet 1-2-3, want zó heb je je hele leven gedaan.
Socialisering leidt ertoe dat je sociale competenties ontwikkelt.
Simpel gezegd gaat het dan om:
Normen en waarden irt. sociaal contact (bijv. iemand vragen om hulp mag zéker geen zeuren of zielig gedrag zijn, of, de vrouw zorgt voor de man, waardoor de echtgenoot soms niet ziet dat ze dat echt niet meer kan, of onaardig zijn is not done) (of als je geinternaliseerd hebt “jij bent niets waard”)
Meer praktisch: hoe uit je je en hoe gedraag je je in sociaal contact. Als je om hulp vraagt, zeg je dan eerst zoveel excuses en “ach het gaat wel”, dat niet meer helder is dat het je ernst is. Of ben je juist bazig en te direct (misschien omdat je altijd leidinggevende bent geweest en dit heel normaal bent gaan vinden)

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Hanna’s vader eet twee keer per week bij zijn dochter. Hij krijgt dan ook maaltijden mee om de volgende dag in de magnetron thuis op te warmen. Op de dagen dat hij komt eten helpt hij zijn kleindochter met het repareren van haar fietslamp. Ook overhoort hij engelse woorden bij zijn kleinzoon. En hij neemt de kat op schoot.....

A
assertiviteit
B
wederkerigheid
C
vraagverlegenheid
D
samenredzaamheid

Slide 17 - Quiz

This item has no instructions

Mohammeds vader van 70 kan eigenlijk niet goed meer fietsen, toch gaat hij graag regelmatig naar de moskee maar deze staat te ver bij zijn huis vandaan. Hij praat hierover indirect met zijn kleizoon en klaagt dan vooral over de toren hoge taxikosten ....
A
assertiviteit
B
samenredzaamheid
C
vraagverlegenheid
D
compensatie

Slide 18 - Quiz

C = juist maar antwoord D is ook leuk om samen over te spreken SOC
mijn ouders maakten vroeger eerst zelf een afspraak met het ziekenhuis en zeiden dan pas een week van te voren dat ze vervoer (van mij) nodig hadden.

Dan moest ik mijn agenda op z’n kop zetten, ze leken helemaal niet aan mij te denken.
Nu doen we dit anders.

Wanneer ze een afspraak kunnen gaan maken voor bijv. corona-vaccinatie, bespreken we eerst met elkaar wat handige momenten zijn, dan pas maken zij de afspraak met de GGD en dan komt in de regel alles mooi uit.
A
assertiviteit
B
selectie
C
samenredzaamheid
D
optimalisatie

Slide 19 - Quiz

antwoord c is juist - maar ook leuk gesprek over antwoord D -> SOC

Slide 20 - Slide

Bestudeer (het gaat er alleen al om dat je ziet wat je allemaal kunt vinden in het werk van de nanda-noc-nic)
Gezondheidspatronen
Rollen en relaties

NANDA diagnostisch label: Inadequate sociale interactie

NOC 
Persoonlijk gedrag dat effectieve relaties bevorderd (kijk ‘s naar alle indicatoren, welke vind je relevant bij jouw ecogram?)
Sociale betrokkenheid (kijk ‘s naar alle indicatoren, welke vind je relevant bij jouw ecogram?)
Sociale steun
Sociale vaardigheden

NIC 
gedragsmodificatie: sociale vaardigheden
Bevordering socialisatie
Bevordering eigenwaarde
Assertiviteitstraining (deze vond ik door te starten in het gele vlak, en assertief als zoekterm in te voeren)

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Slide 22 - Slide

Sheet uit e-college

Slide 23 - Slide

sheet uit e-college

Slide 24 - Slide

aangepaste sheet uit e-college

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Slide 26 - Slide

This item has no instructions