Proefles Latijn

Proef les klassieke talen 


1 / 17
next
Slide 1: Slide
LatijnMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Proef les klassieke talen 


Slide 1 - Slide

waarom zou je klassieke talen leren?
Beter inzicht in talen. 
Je leert sneller andere talen
Je wordt slimmer
Je leert analytisch denken (probleem oplossend)
Je leert leren en je hebt een voorsprong als je wil studeren
Het staat goed op je CV
Kennismaking met de Oudheid, mythes en spannende verhalen.
Universele thema’s over liefde, oorlog en samenleving.
Je leert de wereld en jezelf beter kennen via de kennis van de klassieke Oudheid en door het vergelijken.
Et cetera….

Slide 2 - Slide

waarom zou je klassieke talen leren?
Kennismaking met een andere cultuur en tijd, mythes en spannende verhalen.
Universele thema’s over liefde, oorlog, verandering
Je leert de wereld en jezelf beter kennen via de kennis van de klassieke Oudheid 
Het staat goed op je CV
Kennismaking met de Oudheid, mythes en spannende verhalen.
Universele thema’s over liefde, oorlog en samenleving.
Je leert de wereld en jezelf beter kennen via de kennis van de klassieke Oudheid en door het vergelijken.
Et cetera….

Slide 3 - Slide

1. Waarom is het belangrijk?
Invloed op onze taal en cultuur is enorm. 
kerk, politiek, rechtssysteem, kunst en literatuur, filosofie, geneeskunde (ook veel Griekse termen… kijk maar in je biologie boek).

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

1. Hoe lang was Latijn de taal van de wetenschap?
A
200 jaar
B
700 jaar
C
500 jaar
D
meer dan 1000 jaar

Slide 7 - Quiz

Noem minimaal 10 landen waar de Romeinen de baas zijn geweest

Slide 8 - Mind map

Wat voor soort gebouwen herken je?

Slide 9 - Open question

Waar zaten de rijke toeschouwers? in het midden of aan de zijkanten?
A
midden
B
zijkanten

Slide 10 - Quiz

2. Rome is gebouwd op zeven heuvels en bij de rivier de Tiber.
Waarom zou dat handig zijn?

Slide 11 - Open question

Latijn, de taal van de Romeinen
Hieronder zie je 3 Latijnse woordjes:
Medicus = dokter                            I. Medicus puellam salutat.
Puella = meisje                                II. Puella medicum salutat. 
Salutat = (hij/zij) groet.                III. Medicus salutat puellam. 

Slide 12 - Slide

welke 3 dingen vallen op bij het vertalen?

Slide 13 - Open question

Latijn, de taal van de Romeinen
*Geen lidwoorden.
*Geen vaste woordvolgorde.
*De letter ‘m’ geeft het lijdend voorwerp aan.

Slide 14 - Slide

Voco = ik roep Vocamus = wij roepen
Vocas = jij roept Vocatis = jullie roepen
Vocat = hij/zij roept Vocant = zij roepen
Durven jullie de volgende twee zinnen te vertalen?
1. Puellam vocamus. 2. Medicum vocas.

Slide 15 - Open question

Leerlingen die Latijn volgen halen ook betere cijfers voor andere vakken
ja
nee

Slide 16 - Poll

Klassieke talen gaat alleen over de westerse cultuur
ja
nee

Slide 17 - Poll