NT2 8 oktober

NT2 8 oktober
1 / 17
next
Slide 1: Slide
NT2PraktijkonderwijsLeerjaar 5

This lesson contains 17 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

NT2 8 oktober

Slide 1 - Slide

NT2 vandaag
  • We starten samen met de klassikale les.
  • Verder oefenen met spreken.
  • We luisteren naar elkaar en we geven positieve feedback.
  • Iedereen heeft een ander niveau en dat is prima. 
  • Herhaling spreekopdracht + invuloefening over materialen. 
  • Quang -Minh > oefenen met keukenwoorden. 

Slide 2 - Slide

Samen spreken
  • Je krijgt een blaadje waarop je zinnen gaat schrijven. 
  • Links hoe je het gesprek voert als de werknemer van een bedrijf.
  • Rechts hoe je het gesprek voert als een "klant". 
  • De situatie is hetzelfde als vorige week > een sportschool (Bodyfit), een medewerker en een klant die iets kwijt is. 

Slide 3 - Slide

Werknemer Bodyfit
Wat zeg je als je de telefoon opneemt? 
Hoe groet je? Welke vorm van taalgebruik?
Schrijf dit op.

Slide 4 - Slide

Klant
Je hebt vanmiddag gesport bij sportschool Bodyfit en je bent je ......kwijt.
Je belt naar de sportsportschool.
De medewerker neemt op: Goedemiddag met .....van Bodyfit, waar kan ik u mee helpen?
Jij antwoordt met?
Schrijf dit op

Slide 5 - Slide

medewerker Bodyfit
Een klant belt en hij/zij vertelt dit:
"Goedemiddag, u spreekt met ..........Ik heb vandaag bij jullie gesport. Ik ben mijn.....kwijt. Ik denk dat ik dit in de sportschool ben vergeten. Hebben jullie iets gevonden?
Hoe antwoord jij nu?
Schrijf dit op. 

Slide 6 - Slide

Klant
De medewerker van de sportschool gaat bij de gevonden voorwerpen kijken. Hij/zij vraagt of je het voorwerp dat je kwijt bent, kunt omschrijven.
Wat zeg je? 

Slide 7 - Slide

Omschrijven
Het is een sleutelbos met ......sleutels.
Het zijn ......sleutels en één zwarte sleutel. 
Er zit ook een bonuskaartje van Albert Heijn aan. 

Slide 8 - Slide

Omschrijven

Slide 9 - Slide

Omschrijven

Slide 10 - Slide

De medewerker
Wat kan de medewerker vragen?

Slide 11 - Slide

De medewerker
Hoeveel sleutels zitten er aan de sleutelbos?
Welke kleur hebben de sleutels?
Hangt er nog iets aan de sleutelbos?

Slide 12 - Slide

Omschrijven

Slide 13 - Slide

Omschrijven

Slide 14 - Slide

De medewerker
Wat kan de medewerker vragen?

Slide 15 - Slide

De medewerker
Wat voor soort tas is het?
Wat voor kleur heeft de tas?
Wat is de inhoud van de tas?
Heeft de tas een bijzonderheid?
Van welk materiaal is de tas gemaakt?

Slide 16 - Slide

Omschrijven

Slide 17 - Slide