• De zon is een grote, hete bol, vele malen groter dan de aarde.
• De sterren lijken rond de aarde te draaien, maar in werkelijkheid wordt deze draaiing veroorzaakt doordat de aarde rond de aardas draait.
• De aarde draait in 24 uur rond haar as.
• De aarde draait in een cirkelvormige baan rond de zon. De tijd van één ronde (de omlooptijd) is gelijk aan één jaar.
• De aardas staat schuin op het vlak waarin de aarde om de zon draait.
– Hierdoor krijgt de ene helft van het jaar het noordelijke deel van de aarde meer zon. Het is daar dan zomer en de dagen zijn langer.
– De andere helft van het jaar krijgt het zuidelijke deel meer zon. Dan is het daar zomer, met lange dagen. In Nederland is het dan winter.
• De maan draait in een baan rond de aarde. De maan geeft zelf geen licht. Je ziet de maan omdat deze het zonlicht terugkaatst.
• Afhankelijk van waar de maan staat ten opzichte van de aarde, zie je meer of minder van de verlichte kant. Zo ontstaan de schijngestalten van de maan: nieuwe maan, eerste kwartier, volle maan en laatste kwartier.