E-mail.pptx

E-mail

1 / 19
next
Slide 1: Slide
New lesson editorNederlandsVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 3

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

E-mail

Opdracht:
Schrijf een bericht naar je ouders/verzorgers dat je vrijdag vrij wilt, omdat je theorie-examen moet doen.

Opdracht:
Schrijf een bericht naar je ouders/verzorgers dat je vrijdag vrij wilt, omdat je theorie-examen moet doen.

Opdracht:
Herschrijf het bericht, maar nu naar je teamleider dat je vrijdag vrij wilt, omdat je theorie-examen moet doen.


Herschrijf het bericht, maar nu naar je teamleider

Adressen

  • Aan:

  • Cc

  • Bcc:

Wat zet je neer bij AAN:?

Wanneer gebruik je CC?

Waneer gebruik je Bcc:?

Onderwerp

  • Kort maar krachtig. Waar gaat je mail over?

Aanhef,

  • Denk aan de komma

  • Geachte heer/mevrouw,

  • Geachte heer Jansen,

  • Geachte heer Van den Berg,

  • Geachte mevrouw Ter Heide,


Inleiding

  • Hier komt altijd de aanleiding van de brief.

  • Vaak zijn dat de eerste twee streepjes van de inhoud

Stel jezelf voor met naam, klas en school

Kern

  • Maak goede alinea’s

  • Een alinea gaat over hetzelfde onderwerp


Slot

  • Vaak het laatste streepje van de inhoud


  • Blijf vooral netjes

Slotgroet,

  • Denk aan de komma


  • Hoogachtend,


  • Met vriendelijke groet,


Naam

  • De naam komt na een witregel onder de slotgroet.

Taalgebruik

  • Geen je/jij/jullie gebruiken

  • Een alinea maak je door twee keer op ‘enter’ te drukken zodat je een witregel krijgt.

  • Elke tekst die je schrijft voor Nederlands heeft minimaal 3 alinea’s.