Opdracht:
Schrijf een bericht naar je ouders/verzorgers dat je vrijdag vrij wilt, omdat je theorie-examen moet doen.
Opdracht:
Schrijf een bericht naar je ouders/verzorgers dat je vrijdag vrij wilt, omdat je theorie-examen moet doen.
Opdracht:
Herschrijf het bericht, maar nu naar je teamleider dat je vrijdag vrij wilt, omdat je theorie-examen moet doen.
Herschrijf het bericht, maar nu naar je teamleider
Adressen
Aan:
Cc
Bcc:
Wat zet je neer bij AAN:?
Wanneer gebruik je CC?
Waneer gebruik je Bcc:?
Onderwerp
Kort maar krachtig. Waar gaat je mail over?
Aanhef,
Denk aan de komma
Geachte heer/mevrouw,
Geachte heer Jansen,
Geachte heer Van den Berg,
Geachte mevrouw Ter Heide,
Inleiding
Hier komt altijd de aanleiding van de brief.
Vaak zijn dat de eerste twee streepjes van de inhoud
Stel jezelf voor met naam, klas en school
Kern
Maak goede alinea’s
Een alinea gaat over hetzelfde onderwerp
Slot
Vaak het laatste streepje van de inhoud
Blijf vooral netjes
Slotgroet,
Denk aan de komma
Hoogachtend,
Met vriendelijke groet,
Naam
De naam komt na een witregel onder de slotgroet.
Taalgebruik
Geen je/jij/jullie gebruiken
Een alinea maak je door twee keer op ‘enter’ te drukken zodat je een witregel krijgt.
Elke tekst die je schrijft voor Nederlands heeft minimaal 3 alinea’s.