Les 3 veelvouden, delers, priemgetallen en priemfactoren

Hoe voel jij je vandaag?
😒🙁😐🙂😃
1 / 34
next
Slide 1: Poll
WiskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes, text slide and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Hoe voel jij je vandaag?
😒🙁😐🙂😃

Slide 1 - Poll

Wil je verder nog wat kwijt?

Slide 2 - Open question

11

Slide 3 - Video

02:28
Geef het natuurlijk getal aan
timer
0:20
A
43
B
52
C
0.75
D
1

Slide 4 - Quiz

03:41
13c) Schrijf alle delers op van 20. Je hoeft geen rekening te houden met spaties in je antwoord. Scheid je antwoorden met komma's.
timer
2:00

Slide 5 - Open question

05:06
14a) Schrijf alle veelvouden op van 5 die tussen 40 en 60 liggen.
timer
1:00

Slide 6 - Open question

10:07
Schrijf 45 als priemfactor. Schrijf dit eerst uit in je schrift en geen je antwoord hieronder

Slide 7 - Open question

03:41
13a) Schrijf alle delers op van 12.
Je hoeft geen rekening te houden met spaties in je antwoord. Scheid je antwoorden met een komma.
timer
1:00

Slide 8 - Open question

03:41
Wat is een deler van 24?
timer
0:20
A
7
B
5
C
6
D
9

Slide 9 - Quiz

05:06
Wat is een veelvoud van 11
timer
1:00
A
43
B
54
C
119
D
121

Slide 10 - Quiz

07:53
Probeer in je eigen woorden uit te leggen wat factoren zijn.

Slide 11 - Open question

10:07
20b) Schrijf 18 als een product van priemfactoren.
Schrijf je uitwerking in je schrift. Vul je antwoord hier in. Gebruik voor het keer teken "*"

Slide 12 - Open question

10:07
20a) Schrijf 12 als een product van priemfactoren.
Schrijf je uitwerking in je schrift. Vul je antwoord hier in. Gebruik voor het keer teken "*"

Slide 13 - Open question

02:28
Geef het natuurlijk getal aan
timer
0:20
A
-4
B
2,5
C
4
D
-2,5

Slide 14 - Quiz

Slide 15 - Slide

13c) Schrijf alle delers op van 23.
Je hoeft geen rekening te houden met spaties in je antwoord. Scheid je antwoorden met een komma.

Slide 16 - Open question

13d) Schrijf alle delers op van 48.
Je hoeft geen rekening te houden met spaties in je antwoord. Scheid je antwoorden met een komma.

Slide 17 - Open question

14b) Schrijf alle veelvouden op van 3 die tussen 45 en 65 liggen.

Slide 18 - Open question

14c) Schrijf alle veelvouden op van 6 die tussen 80 en 100 liggen.

Slide 19 - Open question

15a) Geef aan met een getallen voorbeeld waarom de bewering waar/niet waar is.
217 is een veelvoud van 7
A
Waar
B
Niet waar

Slide 20 - Quiz

15b) Geef aan met een getallen voorbeeld waarom de bewering waar/niet waar is.
8 is een deler van 44
A
Waar
B
Niet waar

Slide 21 - Quiz

15c) Geef aan met een getallen voorbeeld waarom de bewering waar/niet waar is.
9 is een deler van 189
A
Waar
B
Niet waar

Slide 22 - Quiz

15d) Geef aan met een getallen voorbeeld waarom de bewering waar/niet waar is.
41 heeft precies twee delers
A
Waar
B
Niet waar

Slide 23 - Quiz

15e) Geef aan met een getallen voorbeeld waarom de bewering waar/niet waar is.
5 heeft precies tien veelvouden
A
Waar
B
Niet waar

Slide 24 - Quiz

15f) Geef aan met een getallen voorbeeld waarom de bewering waar/niet waar is.
1 is een deler van elk natuurlijk getal
A
Waar
B
Niet waar

Slide 25 - Quiz

15g) Geef aan met een getallen voorbeeld waarom de bewering waar/niet waar is.
Elk veelvoud van 6 is ook een veelvoud van 3
A
Waar
B
Niet waar

Slide 26 - Quiz

15h) Geef aan met een getallen voorbeeld waarom de bewering waar/niet waar is.
Elk veelvoud van 3 is ook een veelvoud van 6
A
Waar
B
Niet waar

Slide 27 - Quiz

17) Onderzoek welke van de volgende getallen priemgetallen zijn.
Priemgetal
Geen priemgetal
32
59
97
143
159
1001

Slide 28 - Drag question

20c) Schrijf 72 als een product van priemfactoren.
Schrijf je uitwerking in je schrift. Vul je antwoord hier in. Gebruik voor het keer teken "*"

Slide 29 - Open question

20d) Schrijf 150 als een product van priemfactoren.
Schrijf je uitwerking in je schrift. Vul je antwoord hier in. Gebruik voor het keer teken "*"

Slide 30 - Open question

20e) Schrijf 405 als een product van priemfactoren.
Schrijf je uitwerking in je schrift. Vul je antwoord hier in. Gebruik voor het keer teken "*"

Slide 31 - Open question

Wat vind je van deze les?

😒🙁😐🙂😃

Slide 32 - Poll

Exit ticket:
Wat wil je nog leren of oefenen?

Slide 33 - Open question

Exit ticket! Noem drie begrippen die je nog weet van deze les.

Slide 34 - Open question