Les 4

Les 4
1 / 37
next
Slide 1: Slide
ProjectBasisschoolGroep 6-8

This lesson contains 37 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

Les 4

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Uitdaging van de dag
Tekenen!
We maken groepjes van 3 (met de juf erbij).
Je krijgt ducttape en jullie pakken een pen en papier. 

                                                                                                                                          

Het mooiste 
huis wint!
De bedoeling is dat jullie samen 1 tekening
maken. 
Teken samen een huis. 
SAMENWERKEN!

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Schoolopdrachten
vorige week
*  Tijdvak 4
Schrijf de belangrijkste informatie op over het tijdvak steden en staten. Doe dit weer in kernwoorden en schrijf in je schrift.

We hebben het nog niet over steden en staten gehad, dus doe goed onderzoek naar dit tijdvak.


Slide 3 - Slide

This item has no instructions

De 10 tijdvakken uit les 1
Wie was de baas in ons land?
Jagers en boeren – tot 3000 v. Chr. ~ ?
Grieken en Romeinen – 3000 v. Chr. – 500 n. Chr. ~ de Romeinen (v.a. 50 v Chr.)
Monniken en ridders – 500-1000 ~ rond 800 Karel de Grote
------------------------------
Steden en staten – 1000-1500
Ontdekkers en hervormers – 1500-1600
Regenten en vorsten 1600-1700
Pruiken en revoluties 1700-1800
Burgers en stoommachines 1800-1900
Wereldoorlogen 1900-1950. 
Televisie en computer 1950 – …

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Tijdvak 4: Steden en staten
Steeds meer mensen wilden in steden wonen. Daar kon je een ambacht leren, zoals timmerman of smid. En je kon er goed handelen. Er ontstonden ook  staten, dat waren zelfstandige gebieden met een eigen leider.
Deze tijd wordt ook de hoge en late middeleeuwen genoemd.

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

De pest
De pest, ook wel de Zwarte Dood genoemd 
was een infectieziekte die van 1346 tot 1353 
in Europa heeeeeeel veel slachtoffers maakte.

Meer dan de helft van de Europeanen overleed aan de Pest! 
In de hele wereld waren dat wel meer dan 75 miljoen doden.
Waarom kregen boeren en burgers het beter na de pest?

De bacterie die de pest veroorzaakte, werd overgedragen door vlooien en hoesten.
Er waren 2 soorten: builenpest en longpest 

Slide 6 - Slide

Na de pest waren er zo veel mensen gestorven dat er een arbeidstekort ontstond. Hierdoor hadden grondbezitters vaak niet genoeg boeren om te oogsten of om de dieren te verzorgen.
-Er was ook een gebrek aan personeel en ambachtslieden.
-Maar vooral de boeren waren belangrijk – zij waren de motor van de middeleeuwse economie. De vraag naar boeren nam toe, en dus kregen ze meer keuzevrijheid.
-Als ze zich slecht behandeld voelden door hun landeigenaar, vertrokken ze gewoon naar een andere. De grondbezitters die het hoogste loon en de beste huizen aanboden, redden zich, terwijl minder rijke grondbezitters failliet gingen.
De Middeleeuwen zijn van ... tot ....

Slide 7 - Open question

This item has no instructions


Wat is geen kenmerk van de tijd van Steden en Staten?
A
De opkomst van steden
B
Het ontstaan van meer regels en wetten
C
De toename van het aantal boeren
D
De opkomst van staten

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

De tijd van steden en staten
is van ..... tot......?
A
500 n. Chr. - 1.000 n.Chr.
B
500 n. Chr. - 1.500 n. Chr.
C
1.000 n. Chr. - 1.500 n. Chr.
D
500 v. Chr. - 1000 n. Chr.

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

tijd van steden en staten
A
landbouwsamenleving
B
landbouwstedelijke samenleving

Slide 10 - Quiz

This item has no instructions

Waar ontstonden de eerste steden?
A
Langs de rivier.
B
In de buurt van het kasteel of klooster.
C
Bij drukke kruispunten van wegen.
D
Alle antwoorden zijn goed.

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Een andere naam voor het tijdvak "steden en staten" is..
A
Prehistorie
B
Oudheid
C
Middeleeuwen
D
Moderne tijd

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

Jagers en Boeren
Grieken en Romeinen
Monniken en Ridders
Steden en Staten

Slide 13 - Drag question

This item has no instructions

Ridders en monniken 
Jagers en boeren  
Grieken en Romeinen  
Steden en staten   

Slide 14 - Drag question

This item has no instructions


Een stad kon stadsrechten krijgen. 
Wat is GEEN stadsrecht?
A
De stad mocht zelf rechtszaken houden
B
De stad mocht zelf belasting ophalen
C
De stad mocht stadsmuren bouwen
D
De stad hoefde de landheer niks meer te betalen

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

Een geldeconomie is wanneer je spullen ruilt voor andere spullen
A
Juist
B
Onjuist

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

Wat is de Hanze?
A
Samenwerking tussen handelssteden.
B
Een middeleeuwse stad
C
Samenwerking tussen heren.
D
Vaarroute

Slide 17 - Quiz

This item has no instructions

Welke ziekte stond in de Middeleeuwen bekend als de zwarte dood?
A
De Griep
B
De Pokken
C
De Mazelen
D
De Pest

Slide 18 - Quiz

This item has no instructions

Wat is een Gilde?
A
een handelaarsvereniging in de stad
B
een boerenvereniging op het platteland
C
een knutselvereniging op het platteland
D
een beroepsvereniging in de stad

Slide 19 - Quiz

This item has no instructions

Het gilde controleert de kwaliteit en de prijs van de producten die de gildeleden maken.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 20 - Quiz

This item has no instructions


Als een gildelid ziek is, zorgen de andere leden voor hem en zijn gezin.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions

Als je goed genoeg was, moest je de ......
afleggen. Dat was een soort examen. Als je slaagde, mocht je lid worden van het gilde.

Welk woord moet er op de vraagtekens staan?
A
gilde
B
meester
C
meesterproef
D
leerling

Slide 22 - Quiz

This item has no instructions


Een timmerman is een ambachtsman
A
Waar
B
Niet waar

Slide 23 - Quiz

This item has no instructions

Waarom woonden mensen in de
Tijd van steden en staten zo graag in een stad?
Kies het juiste antwoord.
A
In de stad was het schoner dan buiten de stad.
B
In de stad was het rustiger dan buiten de stad.
C
In de stad was veel te doen. Zo waren er vaak feesten en markten.
D
In de stad kwamen minder vaak ziektes voor dan buiten de stad.

Slide 24 - Quiz

This item has no instructions

Wat zijn stadsrechten?
A
Steden mochten zelf rechtspreken, daarom dat het stadsrechten heten.
B
Steden mogen zichzelf gaan besturen, rechtspreken, een eigen munt slaan en een kasteel bouwen.
C
Steden mochten zichzelf besturen, maar moesten elk jaar nog wel de heer betalen hiervoor.
D
Steden mochten zichzelf gaan besturen, rechtspreken, een eigen munt slaan en stadsmuren bouwen.

Slide 25 - Quiz

This item has no instructions

Werk je aantekeningen over 
tijdvak 4 bij.

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

In deze periode maakten mensen lange reizen over zee om nieuwe landen te ontdekken. 
Men ontdekte steeds meer over de wereld, bijvoorbeeld dat de aarde om de zon draait. Mensen gingen daardoor op een ander manier denken. Deze tijd heet daarom ook wel de renaissance (re= opnieuw en naissance= geboren).
Tijdvak 5: Ontdekkers en hervormers

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Maak ondertussen aantekeningen 
over tijdvak 5.

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Hervormers
In de kerk ontstaat een groep die zich af willen scheiden. Zij vinden dat het in deze tijd alleen nog gaat om geld en macht en niet over het geloof. 
Zij worden de Protestanten genoemd. De Protestanten splitsen zich af van de christelijke kerk in West-Europa. Deze periode wordt de reformatie genoemd.

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

Spanje
Vanaf 1556 was Spanje aan de macht en begon de geschiedenis van de Spaanse Nederlanden. (Dit duurde tot 1714.)
Links:Vlag van de Habsburgse of Spaanse Nederlanden
Rechts: Kaart van de Spaanse Nederlanden 
Filips II (RK) was  aan de macht

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Willem van Oranje

Hij is één van de belangrijke figuren uit de Nederlandse geschiedenis: Willem van Oranje (de vader des vaderlands). 
Zijn verzet tegen Filips II vormt het begin van de Tachtigjarige Oorlog en leidt tot het ontstaan van de Republiek der Nederlanden.

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

De Tachtigjarige Oorlog
De Tachtigjarige Oorlog was een oorlog tussen Nederland en Spanje. Mensen kwamen in opstand tegen de Spaanse koning Filips II.
Hij verhoogde de belastingen, probeerde meer macht naar zich toe te trekken en trad streng op tegen protestanten.

Het duurde van 1568 tot 1648.
(Van 1609 tot 1621 werd er niet gevochten, dus eigenlijk is het de 68 jarige oorlog.)
De Beeldenstorm in 1566 leidde indirect tot de 80-jarige oorlog.
Protestanten vernielden Rooms-Katholieke heiligdommen.

Slide 35 - Slide

This item has no instructions

Slide 36 - Video

This item has no instructions

Schoolopdrachten 
* Tijdvak 5 afmaken
We zijn hier tijdens de les mee begonnen, als dit nog niet af is, maak je het tijdvak 5 over de Ontdekkers en hervormers af.

* Tijdvak 6
Schrijf de belangrijkste informatie op over het tijdvak Regenten en vorsten. Doe dit weer in kernwoorden en schrijf in je schrift.





Slide 37 - Slide

This item has no instructions