22RS/MR Retailmarketing en -landschap P4 week 2: H1 Winkelformule

22RS/MR Retailmarketing en -landschap
1 / 22
next
Slide 1: Slide
RetailMBOStudiejaar 1,4

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

22RS/MR Retailmarketing en -landschap

Slide 1 - Slide

In de retail gaat het om...
A
B2C
B
B2B

Slide 2 - Quiz

Wat is het maximum aantal personeelsleden in een MKB bedrijf?

Slide 3 - Open question

Omgeving
  • Bedrijfskolom: leveranciers en voorgaande schakels. 

  • Branche: bedrijven die een vergelijkbaar aanbod hebben.

  • Concurrentie: vergelijkbare bedrijven met een vergelijkbaar aanbod in je verzorgingsgebied.

Slide 4 - Slide

Structuur: type bedrijf
Bedrijven in de detailhandel kun je indelen naar:
  • Soort bedrijf.
  • Branches.
  • Plaats in bedrijfskolom.
Maar ook:
  • Bedrijfsgrootte.

Slide 5 - Slide

Week 2: Retaillandschap
Directe omgeving:
  • Winkelformule.
  • Distributievormen.
  • Winkelvormen.
  • Verkoopkanalen.
  • Channeling strategie.

Slide 6 - Slide

Winkelformule (winkelconcept)
Identiteit van het bedrijf:

  • Doelgroepen.
  • Marktpositie.
  • Retailmix (Product, Prijs, Plaats, Promotie, Presentatie, Personeel). Dit zijn je marketinginstrumenten.

Slide 7 - Slide

Winkelformule (winkelconcept)
Identiteit van het bedrijf:

  • Doelgroep.
  • Marktpositie.
  • Retailmix.
  • (Verkoopsysteem)

Slide 8 - Slide

Marktpositie
Welke concurrentiepositie?  
Basisvormen: Prijsdistributie of servicedistributie.

Slide 9 - Slide

Retailmix
Wat ga je aanbieden?  Nadruk op Product: Assortiment van goederen en/of diensten.

Andere onderdelen zoals Plaats, Personeel, etc., afhankelijk van Product, Marktpositie en Doelgroep(en).




Slide 10 - Slide

Positioneringsmatrix

Slide 11 - Slide

Doelgroep
Aan wie gaan we verkopen?
Doelgroep: Groep mensen met specifieke kenmerken.

Slide 12 - Slide

Verkoopsystemen
  • Zelfbediening.
  • Bediening.
  • Zelfkeuze.
  • Semizelfbediening.
  • BUZ.
  • Onlineshopping.
  • Etc.

Slide 13 - Slide

Winkelformule
Product, marktpositie, doelgroep, verkoopsysteem en andere onderdelen van de retailmix zijn allemaal afhankelijk van elkaar.

Slide 14 - Slide

Winkelformule: Propositie
  • Klantaanbod in één krachtige zin.
  • Onderscheiden van je concurrenten.


Aansluitend op:
  • Unique selling point (USP).
  • Exclusief verkoopargument (EVA).

Slide 15 - Slide

Structuur: verkoopkanalen
Ook wel: distributiekanalen.

De manieren waarop winkels producten aan de klanten verkopen.

Slide 16 - Slide

Verkoopkanalen

Slide 17 - Mind map

Channeling strategie

Slide 18 - Slide

Winkelvorm verkoopkanaal:

  • Supermarkt.
  • Speciaalzaak.
  • Warenhuis.
  • Klein warenhuis.
  • Varietystore.
Niet-winkelvorm verkoopkanaal:
  • Webshop.
  • Ambulante handel.
  • Colportage.

Slide 19 - Slide

Opdracht (in de les)
  • 10/15 minuten, gebruik internet/boek/etc. indien nodig. In duo’s.
    Maak voor beide leerbedrijven (of een bedrijf naar keuze).

  • Deel het bedrijf in naar grootte en branche.
  • Benoem de winkelvorm ( benoem ook of er sprake is van franchising of een coöperatie).
  • Omschrijf alle verkoopkanalen & channeling strategie.
  • Benoem het verkoopsysteem in het hoofdkanaal.
  • Benoem de belangrijkste doelgroep(en).

Slide 20 - Slide

Week 2: Samenvatting
  • Een winkel moet allerlei keuzes maken, de start van deze keuzes is de winkelformule.
  • Op basis van de winkelformule kun je passende distributievorm, verkoopkanalen, channeling strategie en winkelvorm kiezen.
  • Deze zaken samen geven je een duidelijk positie in de ogen van consument ten opzichte van je concurrentie.

Slide 21 - Slide

Opdracht:
Maak opdrachten bij hoofdstuk 1.6 t/m 1.9, opdrachten 9 t/m 17.


Slide 22 - Slide