TaalCompleet A2 4.1

Programma
- Starter: zinnen verbeteren
- 4.1: Mijn werkdag
- KNM: Thema 3: Gezondheid

1 / 33
next
Slide 1: Slide
NT2ISK

This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Programma
- Starter: zinnen verbeteren
- 4.1: Mijn werkdag
- KNM: Thema 3: Gezondheid

Slide 1 - Slide

TaalCompleet A2 4.1
Mijn werkdag

Je kan vragen beantwoorden over je dagelijks leven.
Je kan beschrijven hoe een (werk)dag eruit ziet.

Slide 2 - Slide

Bespreek samen

Welke dingen doe je elke dag? Noem 3 dingen. 
Welke dingen doe je alleen in het weekend?

Slide 3 - Slide

Nieuwe woorden
Beschrijft (beschrijven)             beantwoord (beantwoorden)
de werkdag, de werkdagen      nergens
wakker                                                Wijs ... aan (aanwijzen)
sta ... op (opstaan)                        de vergadering
trek ... aan (aantrekken)              de baas
zoek ... uit (uitzoeken)                  lossen ... op (oplossen)
de klant, de klanten                       het beroep

Slide 4 - Slide

Opdracht 2. 
We luisteren naar tekst 4.1 

Je hoort Iza. Ze beschrijft haar dag.

Slide 5 - Slide

Opdrachten
Maak zelf:
5, 6, 7, 8, 11, 12
Klassikaal:
9
Praat samen:
10, 13, 15
timer
15:00

Slide 6 - Slide

Opdracht 7. Schrijf het hele werkwoord op.
2. beantwoordt

Slide 7 - Open question

Opdracht 7. Schrijf het hele werkwoord op.
3. beschrijf

Slide 8 - Open question

Opdracht 7. Schrijf het hele werkwoord op.
4. Los ... op

Slide 9 - Open question

Opdracht 7. Schrijf het hele werkwoord op.
5. zoek ... uit

Slide 10 - Open question

Opdracht 7. Schrijf het hele werkwoord op.
6. trek ... aan

Slide 11 - Open question

Opdracht 7. Schrijf het hele werkwoord op.
7. sta ... op

Slide 12 - Open question

Opdracht 10.
Maak een zin: aantrekken

Slide 13 - Mind map

Maak een zin: beschrijven

Slide 14 - Mind map

Maak een zin: oplossen

Slide 15 - Mind map

Maak een zin: werkdag

Slide 16 - Mind map

tijd beschrijven
om ... 
eerst
daarna
's middags
s avonds
dan
vervolgens

Slide 17 - Slide

Opdracht 15. Praat samen ** 
Cursist A. Vertel over je dag. Welke dingen doe jij elke dag?
Cursist B. Luister naar cursist A. Schrijf op wat cursist A elke dag doet. 

Schrijf dit op in je boek. Blz. 139.

Slide 18 - Slide

Huiswerk: praktijkopdracht
Praat met iemand die goed Nederlands spreekt. 

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

Programma
- Starter: zinnendictee
- 4.1: Mijn werkdag: Spreekopdrachten
- Toetsen maken
- KNM: Thema 3: Gezondheid

Slide 21 - Slide

Dictee 1.
timer
2:00

Slide 22 - Open question

Dictee 2.
timer
2:00

Slide 23 - Open question

Dictee 3.
timer
2:00

Slide 24 - Open question

Dictee 4.
timer
2:00

Slide 25 - Open question

Dictee 5.
timer
2:00

Slide 26 - Open question

Dictee 6.
timer
2:00

Slide 27 - Open question

Dictee 7.
timer
2:00

Slide 28 - Open question

Dictee 8.
timer
2:00

Slide 29 - Open question

Opdracht 13. Praat samen **
1. Hoe laat sta jij op?
2. Wanneer zoek jij je kleding uit?
3. Hoe laat ga je naar school?
4. Wat vind jij het leukst op school?
5. Wat vind je niet leuk op school?
6. Hoe lang duurt de pauze?
timer
4:00

Slide 30 - Slide

Opdracht 13. Praat samen **
7. Wat doe je in de pauze?
8. Wie past er op jouw kinderen?
9. Hoe laat kom je thuis?
10. Hoe laat maak je eten klaar?
11. Wat doe je om 21.00 uur?
12. Hoe laat ga je meestal naar bed?
timer
4:00

Slide 31 - Slide

Lesidee 4.1b 

Slide 32 - Slide

Lesidee 4.1b 

Slide 33 - Slide