In de ruimte: dag en nacht
In de ruimte: dag en nacht
Open rustig en herkenbaar. Koppel aan wat leerlingen al kennen: overdag is het licht, 's nachts is het donker.
Wat zagen we al eerder?
Overdag zien we de zon.
In de nacht zien we de maan en de sterren.
Dat hoort bij het heelal.
De aarde beweegt ook door het heelal.
Herhaal kort de woorden maan, sterren en heelal. Houd het concreet en wijs eventueel naar een eenvoudige afbeelding of uit het raam als het schemert.
Wat zagen we al eerder?
De maan ziet er niet altijd hetzelfde uit:
Soms zien we een volle maan.
Soms zien we een halve maan.
Soms zien we maar een klein stukje.
Noem alleen dat de maan verschillende vormen lijkt te hebben. Geen uitgebreide uitleg nodig; dit is een korte terugblik.
Dit gaan we leren
Ik kan onderzoeken hoe dag en nacht ontstaan
door te kijken naar de stand van de zon en naar schaduw.
This item has no instructions
Welke woorden passen bij dag en nacht?
Nacht
Dag
Gebruik de woordenwolk als korte start. Laat leerlingen losse woorden noemen, zoals zon, maan, donker, licht, sterren, slapen.
Dag, nacht en seizoenen
De zon is belangrijk voor dag en nacht.
De aarde beweegt ten opzichte van de zon.
Daardoor is het soms dag en soms nacht.
Ook de seizoenen hebben met de zon te maken.
Houd seizoenen echt kort als herhaling, omdat het hoofddoel van deze les dag en nacht is. Gebruik eenvoudige taal en veel herhaling van zon en aarde.
Onderzoek: dag en nacht
Maak een hoek van het lokaal de "zon".
Laat één leerling de aarde zijn.
Is het hier dag of nacht als je gezicht naar de zon kijkt?
Wat gebeurt er als je je omdraait?
De leerling draait langzaam rond.
gezicht naar zon = dag
rug naar zon = nacht
This item has no instructions
Vervolgonderzoek: dag en nacht
Doe de lamp aan. Deze lamp is de zon.
Schijn op de wereldbol.
Welke kant is licht?
Welke kant is donker?
Plak een sticker op Nederland.
Laat de wereldbol langzaam draaien.
Heeft Nederland nu licht?
Is het in Nederland nu dag of nacht?
This item has no instructions
Belangrijke conclusie: hoe ontstaat dag en nacht?
De aarde draait.
De kant van de aarde die naar de zon toe is, heeft dag.
De kant van de aarde die van de zon af is, heeft nacht.
Dit is de kernuitleg van de les. Spreek langzaam en gebruik gebaren: naar de lamp toe = dag, van de lamp af = nacht.
Onderzoek: schaduw
Laat één leerling voor de lamp (zon) staan.
Kijk naar de schaduw.
Waar zit de schaduw?
Is de schaduw groot of klein?
Laat de leerling dichterbij en verder weg gaan.
Wat verandert er aan de schaduw?
Beweeg de zon omhoog en omlaag.
Wat verandert er aan de schaduw?
Dit sluit aan bij het praktische doel. Noem eenvoudige materialen, zoals een pop, stok, fles of pion. Gebruik binnen een lamp als buiten niet mogelijk is.
Belangrijke conclusie: schaduw
Ochtend --> zon laag --> schaduw lang
Middag --> zon hoger --> schaduw kort
Avond --> zon weer lager --> schaduw lang
De schaduw wijst niet de hele dag dezelfde kant op
Dus: de schaduw verandert gedurende de dag van plek en van grootte.
Gebruik liever ochtend, midden op de dag en later op de dag dan precieze tijden. Dat sluit beter aan bij het niveau van de groep.
Verwerking
Keuze 1: Sorteren
Je krijgt een envelop met kaartjes met afbeeldingen:
Maak twee vakken: dag en nacht.
Leg alle kaartjes in het juiste vak.
Keuze 2: Kleurplaat
Je krijgt een werkblad met de aarde en de zon.
kleur de dagkant geel
kleur de nachtkant donkerblauw
This item has no instructions
Welke kant van de aarde heeft dag?
weg van de zon
naar de zon toe
onder de maan
achter de sterren
Toetst de kernuitleg van slide 7. Veelgemaakte fout is denken dat de kant van de zon af ook licht heeft.
Maak de zinnen af
In de ochtend staat de zon laag. Midden op de dag staat de zon hoger. Dan is de schaduw vaak kort. Later op de dag staat de zon weer lager.
Laat leerlingen de koppeling maken tussen stand van de zon en schaduw.
Wat verandert bij de schaduw?
alleen de lengte
alleen de plek
lengte en plek
helemaal niets
This item has no instructions
Samenvatting
De aarde draait.
Daardoor is het op de ene kant dag en op de andere kant nacht.
Aan de schaduw kunnen we zien dat de stand van de zon verandert.
t/m 2.16 min.
Laat de drie kernwoorden terugkomen: aarde, zon, schaduw. Dat helpt bij het onthouden.
Hoe vond jij deze les over dag en nacht?
This item has no instructions
Woorden om te kennen
heelal - alles in de ruimte
zon - de ster die licht en warmte geeft
maan - de maan zien we vaak in de nacht
sterren - lichtpuntjes in de nacht
aarde - de planeet waar wij wonen
dag - de lichte tijd
nacht - de donkere tijd
schaduw - donkere plek doordat licht ergens op schijnt
stand van de zon - de plek van de zon in de lucht
seizoenen - lente, zomer, herfst en winter
halve maan - maan die eruitziet als een half rondje
This item has no instructions